Broodtrommeltjes. Wordt er nog gegeten tijdens de overblijf?

Is het waar dat de meeste broodtrommeltjes ongerept in de rugzak blijven zitten? En wat is dan de reden: hebben kinderen geen zin, geen tijd of gewoon geen lekker brood? Is het aanbieden van warme maaltijden een goed alternatief? De ervaringen van ouders, overblijfkrachten en de Vereniging voor Openbaar Onderwijs. Plus: suggesties voor originele, smakelijke lunches.

Broodtrommels die boven de prullenbak worden leeggegooid, bakjes die ongeopend terugkeren naar huis, boterhammen waar alleen het beleg van is afgesnoept. Cijfers zijn er niet, maar zet een paar ouders bij elkaar en de verhalen over het slechte eetgedrag van hun kinderen tijdens de overblijf komen los. Op de vraag van J/M in het oktobernummer of kinderen hun brood wel opeten, mailden verschillende ouders hun ervaringen.

Zo eet de zoon van lezeres Leony van Dam zijn boterhammen negen van de tien keer gewoon op. Soms laat hij de korstjes staan, maar och, zegt zijn moeder, ‘elk kind zal wel eens een dag hebben dat hij niet zo’n trek heeft. Hebben wij volwassenen toch ook wel eens?’

Ook in het gezin van Claudia Breugelink - moeder én overblijfkracht - is er nauwelijks een vuiltje aan de lucht: ‘Mijn zonen van 12, 10 en 4 jaar eten altijd hun trommeltjes leeg, geen probleem.’ Ze krijgen alleen brood en een pakje Liga­koekjes mee. ‘Dus geen snoep of zoete koek, en toch gaat alles op.’

Joseph (8) en Shannon (6) Dommeck eten zelfs veel beter als ze overblijven ‘omdat ze het gezellig vinden om met andere kinderen op school te eten.’

Maar er zijn ook andere geluiden. Jeanet van Dijk: ‘Mijn dochter Kathy (5) moet erg gestimuleerd worden om gezonde dingen te eten. Ze eet haar broodtrommel nooit leeg en is altijd hongerig als ze thuiskomt. Er wordt geen toezicht op gehouden of de kinderen eten, de juf is al druk genoeg met orde handhaven.’ Een veel gehoorde klacht is inderdaad dat de kinderen te weinig tijd hebben of krijgen om hun lunch helemaal op te kunnen peuzelen. ‘Vanaf groep 1 komt er altijd wel eten mee terug naar huis. Mijn zoon zegt dat hij er de tijd niet voor krijgt. Hij is een langzame eter, die snel afgeleid is en meer met andere dingen bezig is,’ aldus Yolanda de Leeuw.

Volgens leerkracht Anneleen de Ronde, die elke dag haar eigen klas tussen de middag opvangt, ‘gunnen trage eters zich echter de tijd niet, omdat zij ook graag buiten willen spelen.’

Dwingen kan niet

Op sommige scholen, zoals bijvoorbeeld op die van de kinderen van Anita Heutmekers en Marina van Alphen, is er voldoende aandacht voor de overblijvers. Er wordt op gelet dat iedereen eet’.

Maar dat lukt lang niet overal. ‘Ik probeer ze altijd over te halen hun bakje leeg te eten, complimenteer ze daar ook mee. Als dat niet helpt, dan eten ze maar niet. Als ze echt niet willen, staan overblijfmoeders machteloos. Je kunt een kind niet dwingen,’ legt overblijfmoeder Claudia Breugelink uit.

Het Instituut voor Ontwikkeling van Schoolkinderopvang (IOS), dat onder meer trainingen voor overblijfkrachten verzorgt, raadt cursisten aan in zo’n geval contact met de ouders op te nemen, bijvoorbeeld via een briefje in de lunchbox. Het valt overblijfkracht Thea van Borkulo op dat zíj vaak de zwarte piet krijgen toegespeeld als het twaalfuurtje niet opgegeten is. ‘Sommige ouders eisen het onmogelijke. Geven veel te veel mee of vies oud brood. Of ze verwachten van ons dat wij hun kind, dat thuis óok niet goed eet, wél alles laten opeten,’ zegt ze verontwaardigd. Ouders mogen de hand ook wel eens in eigen boezem steken, vindt ook Claudia Breugelink. ‘Ik wil geen moraliserend vingertje opsteken, maar als je kind te weinig eet, verzin dan eens wat anders. Wees creatief.’

Dat dat vaak wel helpt, blijkt uit de reactie van Anja Nuiten. ‘We hebben nu verrassingsboterhammen. In plaats van één boterham met korstjes, krijgt mijn dochter van 4 er twee mee zonder korstjes. Ik doe ook altijd een klein peperkoekje en een chocolademiniatuurtje in haar trommeltje. Zo maken wij van het verplichte overblijven een waar feest. Bij ons werkt het goed.’

Ook andere ouders zoeken de oplossing voor het slechte eten in het meegeven van verantwoorde koeken. Opvallend is dat het fruit er vaak bij inschiet. ‘Vroeger kregen kinderen een appel mee, maar dat werd in steeds meer gezinnen vervangen door een snelle koek. Ik geloof dat wij de laatste zijn die ervanaf gestapt zijn,’ aldus Zita van der Heyden.

Fruit eten kost te veel tijd, weet Mea Dommeck uit ervaring. Ook al is het schoongemaakt fruit.

Die afnemende populariteit van de mandarijn en de kiwi is een doorn in het oog van Het Voedingscentrum. ‘Kinderen eten veel te weinig fruit en groente. Dat begint al op de basisschool en neemt toe in de puberteit,’ weet woordvoerder Jeltje Snel. Om een voorbeeld te geven: acht- tot dertienjarige kinderen eten gemiddeld maar 80 gram fruit en evenveel groente per dag. Terwijl ze van beide minimaal een tot twee ons binnen moeten krijgen.

In het voortgezet onderwijs wordt het scholieren ook wel erg moeilijk gemaakt om vast te blijven houden aan verantwoorde eetgewoonten, vindt Alice Lentjes. Haar zeventienjarige zoon bezwijkt vaak voor de (vette) verleidingen van de schoolkantine.

‘Want als je vrienden zoiets kopen, ga jij echt niet je van huis meegebrachte boterhammen opeten. Je wilt erbij horen.’

‘Voor kinderen die hun brood vergeten zijn is die kantine misschien wel handig, maar ze kunnen toch ook gewoon een broodje ham of kaas verkopen?’ verzucht Ria Gras. Haar twaalfjarige zoon bezondigt zich ook regelmatig aan de saucijzenbroodjes, tosti’s en snoep die op school te koop zijn.

Waarschijnlijk zullen maar weinig kantinebeheerders gehoor geven aan haar verzoek. Schoolkantines worden gerund door commerciële instellingen. Die hebben geen enkel belang bij de verkoop van, door pubers vaak verafschuwde, gezonde kost. Alice Lentjes: ‘Want dan gaan ze naar de snackbar om de hoek.’

Warme maaltijd op school

Is het aanbieden van een verantwoorde warme maaltijd tussen de middag een oplossing voor de eetproblemen tijdens de overblijf? Dat was niet de intentie waarmee de Vereniging voor Openbaar Onderwijs (VOO) in september een experiment uitvoerde met warme maaltijden op twee basisscholen in Almere. Het idee erachter was dat werkende ouders zouden worden ontlast, omdat ze ’s avonds niet meer hoefden te koken. Volgens overblijfkracht Thea van Borkulo van OBS De Kruidenwijzer gingen de leerlingen er wel beter van eten. ‘De meeste kinderen vonden het lekker en aten hun bord snel helemaal leeg.’ ‘Ik heb kleuters wel vier keer zien opscheppen,’ vult directeur Marc Vrakking aan. Nu duurde de proef natuurlijk maar twee weken en kregen de scholieren wel culinaire hoogstandjes voorgeschoteld. Wijs geworden door ervaringen met de matige kwaliteit van schoolmaaltijden in het buitenland, ging de VOO in zee met een professioneel bedrijf, dat zijn sporen op het gebied van schoolcatering al ruimschoots had verdiend in Duitsland. Op het menu stonden onder meer kabeljauwfilet met groente en aardappelschijfjes, maar ook meer buitenissige maaltijden als Griekse köfte en vegetarische tortellini. En het was echt lekker, beamen zowel Vrakking als Van Borkulo, die elke dag een hapje mee aten. ‘De rode kool smaakte echt naar rode kool.’ Ook de ouders reageerden overwegend positief op de proef.

Geen reëel alternatief

Toch is het de vraag of de warme maaltijd - op korte termijn - een reëel alternatief is voor het pakje brood. Directeur Vrakking somt op wat er allemaal nodig is, wil hij hier definitief toe overgaan. Ten eerste een nieuw overblijflokaal met kookruimte. Ten tweede afspraken met de conciërge om al het extra werk dat het bereiden van warme maaltijden kost (voorverwarmen van de ovens, opscheppen en afwassen: circa anderhalf uur per dag) van de overblijfkrachten over te nemen. En ten derde voldoende overblijfkrachten. Maar het grootste struikelblok vormen de financiën. De warme lunch mag de school geen cent kosten, zegt Vrakking stellig. De VOO begroot de dagelijkse kosten op circa 3,25 euro per leerling. Inclusief het gewone overblijfbedrag zou dat betekenen dat ouders op De Kruidenwijzer zo’n 5 euro per kind en per keer kwijt zijn. Volgens de VOO is ruim eenderde van de ouders wiens kinderen aan de proef meededen, bereid dat bedrag te betalen. Vrakking is minder optimistisch. Hij schat in dat slechts vijf tot tien ouders op zijn school dat echt zullen doen. Temeer daar maar weinig mensen kunnen profiteren van het beoogde voordeel van de maaltijdverstrekking op school. ‘Zolang bedrijven en het voortgezet onderwijs nog geen warm eten aanbieden, moeten hardwerkende ouders ’s avonds toch nog koken.’

‘Het is pas echt effectief, als ook de schooltijden erop worden aangepast,’ vult Ria Meijvogel, directeur van het IOS, aan. ‘In Frankrijk hebben schoolkinderen pauze tot half drie ’s middags en kunnen ze na de warme hap eventueel even slapen.’ Het concept past volgens haar (nog) niet zo in de Nederlandse traditie. ‘Ouders koesteren hier immers het avondeten als een ‘waardevol gezinsmoment’. Brood zien ze niet als een volwaardige maaltijd.’

‘Ik kan het mijn man niet aandoen om hem brood voor te zetten als diner,’ beaamt Cynthia Pengel, wiens zoon Joël deelnam aan de proef op De Kruidenwijzer. Daarom kookte ze ’s avonds toch en at Joël ook thuis met de pot mee.

Ferdy Naafs, beleidsadviseur van de VOO, verwacht dat dat patroon wel zal veranderen als de warme maaltijd op school structureel wordt aangeboden. Vanaf 1 januari 2003 kunnen alle basisscholen zich abonneren op zo’n warme lunch. De VOO sluit daartoe binnenkort een contract af met de Duitse cateraar. Of scholen zullen toehappen, weet Naafs niet. Eén gemeente - ‘Heel ver buiten de randstad’ - heeft in ieder geval al grote belangstelling getoond.

Zoals het er nu uitziet, houdt Nederland zich voorlopig nog aan het concept ‘brood tussen de middag en de warme prak om zes uur.’ En of de overblijftrommeltjes nu wel of niet worden leeg­gegeten, lijkt geen hot issue te zijn. Tenminste, gezien het betrekkelijk geringe aantal reacties op de oproep in J/M.

Duidelijk is echter wel dat aan het traditionele eetpatroon én aan het ideaal van ‘gezellig samen rond de dampende pannen’ wordt getornd.

Want zoals Jeltje Snel, medewerkster van Het Voedingscentrum, zegt: ‘We weten dat dit iets is waar we ons mee bezig moeten houden.’

Verrassende lunchpakketjes

Er is natuurlijk niks mis met een bruine boterham met kaas. Maar een kind wil ook wel eens wat anders. Tips voor lekkere en gezonde alternatieven, die in een handomdraai klaar te maken zijn.

Pittige pitabroodjes

Rooster 2 pitabroodjes licht in een broodrooster. Snij 2 blaadjes ijsbergsla in reepjes. Snij 100 gram salami in blokjes. Snipper 3 zoetzure augurkjes. Vermeng de salami, sla en augurk met 2 eetlepels hot tomatenketchup. Snij de broodjes aan de bovenkant open. Vul de broodjes met het salamimengsel. Wikkel ieder broodje apart in een stukje huishoudfolie.

Zalig zoet

Besmeer een muesli- of krentenbol met honing. Leg er een paar plakjes appel op. Besprenkel de appel met wat citroensap.

Waanzinnige wrap

Bestrijk een wraptortilla met ketchup. Strooi er 2 eetlepels geraspte kaas over. Beleg de wrap met wat blaadjes sla, een paar plakjes gegrilde kipfilet en 3 eetlepels komkommerblokjes. Rol de wrap stevig op en verpak deze in aluminium­folie.

Pasta-pinda sandwich

Besmeer 2 sneetjes casinobruin met pindakaas (met stukjes noot) en 2 met chocoladepasta. Stapel de boterhammen om en om op elkaar en dek het af met nog een sneetje brood. Snij de stapel diagonaal in vieren.

Prima pannenkoek

Vermeng zalm uit een klein blikje met 100 gram verse roomkaas. Besmeer hiermee 2 kant-en-klare pannenkoeken. Rol ze op en verpak ze in huishoud- of aluminiumfolie. Beleg de pannenkoek voor de echte zoetekauw eens met appelstroop en blokjes ananas.

Salad shaker

Vul een langwerpige beker met een salade en een frisse dressing. Neem bijvoorbeeld blokjes komkommer, wortel, rettich of kers­tomaatjes. Vul naar smaak aan met kleine blokjes kaas of kleine blokjes ham. Lekker met een frisse yoghurtdressing. Weinig tijd? Koop dan een kant-en-klare salade bij de groentespecialist of supermarkt.

De betere bagel

Roer 2 eetlepels kwark of roomkaas los met een halve eetlepel honing, 1 eetlepel rozijnen, halve eetlepel gehakte walnoten. Snij een bagel door en besmeer de onderste helft met het kwark- of roomkaasmengsel. Dek af met de bovenste helft.

Ei-puntjes

Snij van 2 harde puntbroodjes het puntje af. Haal het zachte brood eruit. Pas op dat de broodjes niet stuk gaan. Breek 2 eieren in een schaal. Klop de eieren los met een klein scheutje melk en zout en peper. Smelt een klontje boter in een koekenpan. Schenk het ei in de pan en begin meteen te roeren, zodat het allemaal stukjes ei worden. Haal de pan van het vuur als het ei niet meer nat is. Laat het afkoelen en schep het roerei in de broodjes. Ook heel lekker met wat gebakken snippertjes paprika, ui en/ of stukjes champignons. Verpak de broodjes goed in folie. De ei-puntjes zijn het lekkerst als ze ?’s ochtends worden bereid.

Super sandwich

Besmeer 2 sneetjes bruinbrood met halvarine. Leg op 1 sneetje een blaadje sla en kalkoenfilet. Verdeel er wat kerriesaus of piccalilly over. Dek af met het andere sneetje. Snij de sandwich diagonaal doormidden.

Fris en fruitig

Halveer een tijgerbolletje of miniciabatta. Besmeer beide helften met halvarine. Besmeer de onderste helft met roomkaas met stukjes ananas. Verdeel er gehalveerde pitloze witte druiven over. Leg de bovenste helft er bovenop. Verpak het broodje strak in folie.

Vul de trommel aan met:

• een frisse vruchtensalade

• (mini)krentenbol met pindakaas

• sneetje suikerbrood

• kerstomaatjes, worteltjes en plakjes komkommer

• puntje hartige taart

• thermosbeker met tomatensoep

• plakje ontbijtkoek

• prikker met kant-en-klare poffertjes

• reepjes kaas of mini kaasje (baby-Bel)

• klein droog worstje

Elke boterham blijft vers en fris door een blaadje sla op de boterham te leggen en ze apart in folie of handige ‘druk en sluit’-zakjes (supermarkt) te verpakken.

Tekst: Anne Elzinga
J/M december 2002