Leukste Uittips
Aan tafel!
Oproepjes
Studiekeuze op havo/vwo: Het grote kiezen
Wie op www.studiekeuze123.nl, de officiële website van het gezamenlijk Hoger Onderwijs, intikt dat hij over een vwo-vooropleiding beschikt, krijgt in het menu de keuze uit 1360 bachelors-opleidingen, 398 universitaire opleidingen en 962 hbo-opleidingen. De eerlijkheid gebiedt te vertellen dat rechten in Groningen of rechten in Maastricht hierbij voor twee verschillende opleidingen tellen, de Universiteit Groningen 73 verschillende bachelors opleidingen telt, en Maastricht 54. En wie bijvoorbeeld in dezelfde regio Zuid een hbo-opleiding wil volgen, kan kiezen uit 223 opleidingen.
Gigantisch aanbod
Welke vervolgopleiding gaan havo- of vwo-scholieren na hun eindexamen doen? Die studiekeuze is een complete industrie geworden in Nederland. Googelen op studiekeuze havo levert een onwaarschijnlijke 265.000 hits op. Op al die websites proberen instellingen voor hoger onderwijs hun waren aan de man te brengen, en bieden uitgevers, adviesbureaus en overheidsinstellingen hun hulp aan bij de keuze. En een onafzienbare stroom van boekjes, schoolmethodes, dagbladbijlages, tijdschriften, voorlichtingsdagen en open dagen richt zich op ruim 25.000 vwo-ers en ruim 35.000 havo-ers die jaarlijks het eindexamen behalen. Ruim 90 procent van die 60.000 geslaagden gaat door op universiteit of hogeschool. De overigen, zo’n 5000, gaan aan het werk of, steeds populairder, verdwijnen voor een jaar naar het buitenland om een zogenoemd gap year te nemen.
Profielkeuze
In het voortgezet onderwijs van nu speelt de studiekeuze een veel indringender rol dan twintig tot veertig jaar terug. De voorbereiding voor die studiekeuze begint ook al in de derde klas, bij de profielkeuze. Het kiezen voor A of B en alfa of bèta was ooit vooral gebaseerd op wat je als leerling wel en niet kon. Vervolgens was tot een tiental jaren geleden de keuze voor een pakket een combinatie van wat je kon en wat je leuk vond. De profielkeuze van vandaag echter is een door de school georganiseerd, begeleid proces om uit te zoeken wat de leerling interessant en leuk vindt, welke interesses hij heeft en welke beroepen hij misschien - op zijn vijftiende, let wel - in zijn hoofd heeft. Niet alleen capaciteiten en belangstelling spelen een rol, ook de toekomst op de arbeidsmarkt is op scholen in wisselende mate een nadrukkelijk onderdeel.
Keuze-begeleiding
‘We gebruiken hier de Koerswijzer,’ vertelt Sandra Goulmy, decaan op het Stedelijke Daltoncollege in Zutphen. De Koerswijzer is een lijvig boekwerk dat door de derdeklassers doorgewerkt moet worden en dat opdrachten bevat om erachter te komen waar hun interesses naar uitgaan en welke vakken en welke beroepen daarbij zouden kunnen passen. ‘We hebben een kennismakingsavond over de profielen waarop we ouders en kinderen voorlichten over wat we gaan doen. Er zijn keuze-begeleidingslessen voor de derdeklassers die meestal door de mentor worden gegeven. De voorlopige keuze maken ze eind februari. Ik voer ook nog gesprekjes in de klas met leerlingen. In het vierde rapport komen de adviezen van vakdocenten erbij en we doen een capaciteitentest. Alle informatie leggen we bij elkaar en dan maken de kinderen half april een definitieve keuze. Ze moeten alleen wel overgaan “op hun profiel”. Zíj kiezen, wij adviseren alleen maar.’
Mentoruur
De gang van zaken op het Willem de Zwijgercollege in Bussum is vergelijkbaar. ‘Eén keer per week hebben de leerlingen een mentoruur waar ze met de profielkeuze bezig zijn,’ zegt Henk Pelgrum, de decaan. ‘Dit jaar hebben we nogal wat kleine computertestjes gedaan. We hebben een beroepenavond waarop ouders over hun eigen beroep vertellen. In plaats van Keuzewijzer gebruiken wij de methode Optie. En ze maken voor Nederlands een werkstuk gebaseerd op een interview met een beoefenaar van een bepaald beroep. Dat stimuleert ook om er in de klas en thuis over te praten. Met leerlingen die dat willen, heb ik ook nog een gesprek. Die profielkeuzes leveren voor de meeste leerlingen eigenlijk weinig problemen op. De leerlingen beslissen zelf. Je moet wel overgaan naar de vierde klas, ongeacht het gekozen profiel.’
In de uiteindelijke profielkeuze spelen alle denkbare elementen een rol.
Decaan Sandra Goulmy: ‘Sommigen kiezen via een vak een beroep dat ze later willen doen, anderen op basis van de vakken die ze leuk vinden. Of ze kiezen voor de vakken waar ze goed in zijn.’
Stages
In de bovenbouw (vierde en vijfde klas voor de havo, vierde, vijfde en zesde voor het vwo) wordt de studiekeuze in toenemende mate door de scholen aan de orde gesteld. Henk Pelgrum: ‘In de vierde moeten de leerlingen een week stage lopen, in een bedrijf of bij iemand die een bepaald beroep uitoefent. Ze moeten zelf kiezen en organiseren. De meesten vinden de stages heel leuk. Het scherpt hun oordeel aan. Voor maatschappijleer moeten ze er een uitgebreid verslag van maken. In de vijfde en zesde stimuleren we ze om naar open dagen en zogenoemde meeloopdagen te gaan op universiteiten en hbo-scholen.’
Op het ‘Willem’ is het een beetje de traditie om de leerlingen ook op dit vlak veel vrijheid te geven en veel aan hen over te laten. In Zutphen zit men er wat meer bovenop. Goulmy: ‘In de vierde gebeurt er niet zoveel. Ze zijn wel verplicht om het tweede deel van de Koerswijzer te maken. Binnen het Programma van Toetsen & Afsluiting (PTA) staat ook tien uur gepland voor oriëntatiebezoeken voor een vervolgopleiding. In de vijfde en zesde klas vwo is dat nog eens vijftien uur, voor havo-leerlingen veertien uur in de vijfde klas. Daar maken ze een verslagje van. Dat is wel wat papieren gedoe, maar goed voor de reflectie op waar ze mee bezig zijn.’
Megabeurs
Goulmy stuurt de leerlingen ook graag naar de Studiebeurs in Utrecht, een megabeurs waar alle instellingen van hoger onderwijs proberen zo veel mogelijk reclame voor hun opleidingen te maken. ‘Vooral voor kinderen die nog niet veel gedaan hebben aan de oriëntatie, is dat goed,’ zegt Goulmy, ‘Goed voor het schrikeffect. Dan komen ze terug met het idee: jeetje, er is zo veel, ik moet me er toch eens in gaan verdiepen. De beurs werkt nu met een pasjessysteem, daardoor krijgen ze de folders thuisgestuurd. Daarvoor was het vooral folders rapen. Kijk, als je al weet dat je medicijnen wilt studeren in Nijmegen, is het natuurlijk overbodig. In de vierde klas is er ook nog een vwo-4-dag van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Ook daar schrikken ze overigens van de veelheid aan mogelijkheden. Het stimuleert allemaal wel om erover na te denken: wil ik dat wel of wil ik dat niet?’
Met havo-4 gaat Goulmy naar de Saxion hbo-school in Deventer. ‘Die laten zien wat een hbo is. Daar horen ze allemaal termen die ze niet kennen. Veel studenten erbij, dat werkt voor de leerlingen heel goed.’ In lijn daarmee organiseert het Dalton ook een oud-leerlingenavond, waarop studenten komen vertellen over de opleiding die ze gevolgd hebben of nog doen.
Het ‘Willem’ onderhoudt ook contacten met zijn oud-leerlingen en verwerkt hun opmerkingen in een jaarlijks verschijnende Toekomst, een gids over alles wat met vervolgopleidingen te maken heeft.
De uiteindelijke keuze
Een enorm aanbod van opleidingen. Een lawine aan folders, websites, open dagen, beurzen, gidsen, ranglijsten. Een scala aan vakken en beroepen die per stuk moeilijk te overzien zijn en behoren bij een volwassen bestaan dat ver van ze af staat. Ze moeten nu kiezen. Lukt dat?
Henk Pelgrum: ‘60 procent komt er goed uit. 30 à 40 procent zit er behoorlijk mee. Sommigen gaan naar het buitenland, sommigen vluchten naar het buitenland. Er is een groep die blijft twijfelen. Kiezen is voor iedereen moeilijk. Iemand met idealen in zijn hoofd loopt tegen het loten aan en wordt geen arts. Ook betere leerlingen weten soms niet wat ze moeten kiezen.’
Sandra Goulmy: ‘In november van het laatste jaar weet 40 procent wat hij wil, 30 procent twijfelt tussen twee of drie concrete dingen, met 30 procent maak ik een afspraak en help ik met de beroepskeuze. Ik laat ze wegstrepen wat ze in ieder geval niet willen. In april weet 10 procent het nog niet. En één procent weet het echt niet. Met die ene procent ben ik intensief bezig, sommigen durven gewoon niet te kiezen.’?
Willemijn de Bruijn doet vwo-5 op het Willem de Zwijgercollege in Bussum. ‘Ik heb altijd al dokter willen worden. Dat was ook de reden N&G te kiezen. Vorig jaar heb ik een week meegelopen in het Spaarneziekenhuis in Hoofddorp, op de kinder- en kraamafdeling. Dat heeft me wel laten zien hoe zwaar het is, maar ook dat ik het echt wil. Van die stage moesten we een groot verslag maken voor maatschappijleer. Daarnaast ben ik op de open dagen van geneeskunde geweest bij de Universiteit van Amsterdam. Toen heb ik meegelopen met gynaecologie, ik heb echo’s gezien en ik zag een placenta na een geboorte. Dat soort dingen wordt wel aangeraden door school, maar je moet er zelf achteraan gaan. Ik heb bij verschillende universiteiten boekjes aangevraagd, nieuwsbrieven bekeken, uitnodigingen gehad voor open dagen. Ik wil het liefst naar de Universiteit van Amsterdam (UvA), en liever naar het Academisch Medisch Centrum dan naar de Vrije Universiteit in Amsterdam. Op de UvA is ook nog decentrale selectie, waarvoor je uitgebreide testen moet doen en opstellen schrijven. Dat ga ik wel proberen. En anders: ik heb nog zo veel interesses, als ik er volgend jaar niet uitkom, ga ik misschien wel een jaartje naar het buitenland.’
Gelder van Limburg Stirum doet havo-4 op het ‘Willem’. Hij doet E&M met tekenen. ‘Ik zou de ontwerpkant op willen, maar daar heb je meer wiskunde en zo voor nodig. Ik ben niet echt goed in wis- en natuurkunde. Ik ben wel altijd bezig met huizen tekenen en ontwerpen, maar architectuur is te hoog gegrepen. Mijn stage heb ik bij een drukkerij gelopen, ik had gevraagd om een stage bij een architectenbureau, maar dat is niet gelukt. Ik ben ook nog niet naar een open dag geweest. Thuis fantaseer ik over huizen en teken ik huizen voor mezelf. Verder ben ik er niet zo mee bezig.
Ik zou wel meer willen weten over de verschillende hbo-opleidingen die er zijn. Het zou handig zijn als er iets over verteld zou worden, welk pakket je daarvoor nodig hebt. Het studentenleven op zich trekt me erg aan.’
Lisanne van de Wegen zit in havo-4 op het Daltoncollege in Zutphen en doet C&M met biologie en wiskunde. ‘Ik wilde graag met talen verder, ik ben zwak in natuurkunde en scheikunde. Iets met toerisme, communicatie en met veel mensen, wil ik. Ik ga nog een keer naar de open dag op het Saxion in Deventer om te kijken bij de hotelopleiding. Ik wil hotelmanagement doen. Ik wil graag onder de mensen zijn, niet zozeer ín het buitenland, maar met mensen uit het buitenland.
Je moet doen wat verstandig is en wat je leuk vindt. Verstandig is: wat je kunt halen. Werken is vanzelfsprekend. Ook als je getrouwd bent, moet je werken. Het is niks om elke dag thuis te zitten. Waarom het Saxion? Ik wil niet ver van huis, en hotelscholen zijn primair gericht op hotels. Als ik thuis blijf wonen, kan ik me concentreren op mijn opleiding. Ik heb hier ook mijn vriendje.’
De profielen
- Natuur & Techniek (N&T) voor de kinderen die echt goed zijn in exacte vakken;
- Natuur & Gezondheid (N&G) voor de leerlingen die de exacte vakken goed aankunnen en of daarnaast weten dat ze, bijvoorbeeld, medicijnen of diergeneeskunde willen gaan studeren, of een hbo-opleiding in die richting willen volgen (met N&G plus keuzevak economie kun je bovendien ongeveer alles gaan studeren)
- Economie & Maatschappij (E&M) voor kinderen met kwaliteiten en/of belangstelling in economische en maatschappelijke richting,
- Cultuur & Maatschappij (C&M) voor leerlingen met affiniteit voor talen en cultuur. Studiekeuze begint met een profielkeuze.
Tekst: Hugo Arlman
J/M Pubers oktober 2006
Artikelen
Het puberbrein ontraadseld: de laatste groeistuipen - pag.2 De pil top 10 - pag.2 Zitten blijven: Wat wint het kind ermee? - pag. 2 Smoezen. ‘Geblowd? Ik?’ - pag. 2 Kopie van Oorzaak dyscalculie nu bekend - pag.2 Mindmapping. Onthouden in één oogopslag - pag.2 Leerlingen krijgen betere doorstroommogelijkheden Struikelklassen Te jong om al te kiezen Verbeter de relatie met je kind. Doe de betontest Mindmapping. Onthouden in één oogopslag Voorkom een taakstraf Seksuele voorlichting. Wat leren ze op de middelbare school? Internettherapie: Chatten tegen een dip Slecht eten, slecht slapen... Depressie? Verliefd: tot over hun oren Hoe gaat uw kind naar school? Opvoedcursussen. De kunst van het loslaten en begrenzen Na de basisschool: opletten, controleren & bijsturen Particuliere scholen. Diploma met een prijskaartjeRubrieken
Babyaccessoires
Boeken
Kinderkleding
Meubilair
Speelgoed
Vakantie Nederland
Vakantie buitenland
Vakantie algemeen
Contact
Diversen






