Geef je schuldgevoel een schop!

23 augustus 2011
Anne Elzinga thema_opvoeden verschil moeders en vaders schuldgevoel

Geef je schuldgevoel een schop!



Schuldgevoel en moederschap gaan hand in hand. Dat begint al tijdens de zwangerschap. Had ik dat wijntje wel moeten drinken? Natuurlijk, vaders voelen zich ook wel eens schuldig. Maar moeders blinken erin uit. Voer voor een depressie? Nee hoor, zegt psycho-­sociaal therapeut Marian Lijnse. ‘Als je er goed mee omgaat, kun je leren van je schuldgevoel. Het maakt je een completer mens.’

Schuldgevoel
Oké, mannen mogen zich ‘ook’ schuldig voelen, maar vrouwen doen dat echt beter. Bijna één op de vijf heeft dagelijks last van schuldgevoelens; bij mannen is dat één op de tien, blijkt uit een recente enquête van Psychologie Magazine. Vooral werkende moeders worden erdoor verteerd. ‘Ik heb het gevoel dat ik altijd iemand tekort doe,’ verwoorden Hilde Blank en Daphne Boer (zie kaders) de double-bind positie van zo’n ploetermoeder. Zij zitten gevangen tussen enerzijds het beeld van de ideale moeder en anderzijds dat van de ideale arbeidskracht. De modelwerknemer is altijd beschikbaar en lekker flexibel. Niemand zegt het, maar een snipperdag nemen omdat je zoon ziek is, word je niet echt in dank afgenomen. Maar ja, je bent toch ook die topmoeder. En die zorgt dat ze er is voor haar gezin, aldus tweehonderd meiden in een Nijmeegs promotie-onderzoek uit 2005. Supermama is echter óók zelfstandig en autonoom, voegen ze daar direct aan toe. In het moderne gezin wordt samen gewerkt en samen gezorgd; dát is het nieuwe gezinsideaal dat sinds het eind van de vorige eeuw een forse opmars heeft gemaakt. Dat veel moeders hiervoor gevoelig zijn, blijkt wel uit het feit dat liefst 59 procent van hen een baan heeft - die ze trouwens vaak om financiële redenen ook wel moet hebben. Het anderhalf-verdienersmodel - papa werkt fulltime en mama gemiddeld 19 uur per week - is het populairst. Prima geregeld toch?

Sámen zorgen?
Nee dus. Want ergens ging er iets mis. Zo blijken vaders dat samen zorgen nog niet helemaal begrepen te hebben. Ja, ze doen thuis wel meer, maar het leeuwendeel van de opvoeding en het huishouden komt nog altijd op hun vrouwen neer. Die proberen naast hun baan krampachtig alle ballen hoog te houden en worstelen ondertussen met hun nieuwe rol. Zo snel komen ze niet los van de traditionele normen die ze van huis uit hebben meegekregen. Tot in de jaren zestig hoorde moeder thuis te zijn, dienstbaar en zichzelf volledig wegcijferend. Deze protestants-christelijke, calvinistische denkbeelden mogen we dan hopeloos ouderwets vinden, ze laten nog altijd hun sporen na. De meeste Nederlanders vinden ook nu nog dat een kind het beste af is bij zijn eigen ouders. Zo’n 30 procent heeft zelfs bezwaar tegen het buitenshuis werken van moeders, als dat betekent dat het kind naar de crèche moet.

En moeders zijn volgens de helft van de mannen en een derde van de vrouwen nog altijd geschikter om kleine kinderen op te voeden dan vaders.

Geen status
Tegelijkertijd doet de overheid een dringend beroep op vrouwen om toch vooral deel te (blijven) nemen aan het arbeidsproces: alleen dan zijn de kosten van de dreigende vergrijzing op te vangen, is de subtiele boodschap. Reden waarom ook thuisblijfmoeders zich niet meer onbezorgd fulltime op hun kinderen kunnen storten. Thuis zijn is ongeëmancipeerd, levert geen bijdrage aan de economie en heeft geen status. ‘Ik voel me wel eens ongemakkelijk in gezelschap omdat ik geen spannende werkverhalen kan vertellen. De meeste mensen worden niet erg enthousiast van een successtory over mijn kinderen,’ zegt thuisblijfmoeder Henriëtte Loerakker. En op de site van thuisblijfmoeders voelt iemand zich rot omdat ze - hoewel ze niet werkt - haar kind weleens uitbesteedt: ze was toch voltijdsmoeder?

Moederoorlog
Fijntjes peperen werkende en thuisblijvende moeders het elkaar ook nog eens in. De discussies over de wederzijdse tekortkomingen zijn zo fel en venijnig, dat het wel een ‘moederoorlog’ lijkt. En alsof dat nog niet genoeg is, krijgen moeders het tegenwoordig ook nog eens op hun brood van de zogenaamde powerfeministes. Die willen dat vrouwen meer gaan werken en minder gaan poetsen. Je zou zelfs je studiegeld moeten terugbetalen als je thuis blijft! Ten slotte verschijnt er van tijd tot tijd ook wel weer ergens een onderzoek waaruit blijkt dat het kroost van werkende ouders (lees: moeders) op allerlei gebieden tekort komt. Knappe meid die in zo’n sfeer géén schuldgevoel ontwikkelt.

Irreële idealen
‘Schuldgevoel komt voort uit de angst om niet te voldoen aan je eigen ideaalbeeld en benauwdheid om wat anderen wel niet van je zullen denken,’ zegt psychosociaal therapeut Marian Lijnse, die trainingen en lezingen over het omgaan met schuldgevoelens geeft. ‘Elk mens creëert ideaalplaatjes - van de perfecte moeder, partner, werknemer - op basis van hun eigen opvoeding, maatschappelijke normen en opvattingen van de nabije omgeving. Lijnse: ‘Die plaatjes zijn per definitie irreëel en komen regelmatig met elkaar in botsing. Daar komt nog bij dat moeders last hebben van een overdreven verantwoordelijkheidsgevoel: het geluk van de hele wereld rust op hun schouders. Gaat er iets mis met onze dierbaren - of denken we dat er iets misgaat omdat de werkelijkheid niet klopt met onze droom - dan vinden we al snel dat wij in gebreke zijn gebleven. En dat anderen dat vast ook zullen denken. We vergeten daarbij dat wij onze ergste criticus zijn. Wíj zijn degenen die zeggen dat we falen en ons daarom nu maar eens flink schuldig moeten voelen. Zo praten we onszelf een onterecht schuldgevoel aan.’

Helemaal moeilijk hebben we het als we inderdaad een stommiteit hebben begaan. Dat gebeurt nogal eens omdat moeders van kleine kinderen de hele dag door beslissingen voor ze nemen. Kind verkouden? Hun fout, want zij zeiden toch dat zoonlief geen jas aan hoefde?

Aangeleerde normen
Soms voelen we ons schuldig zonder te beseffen waarom. Onbewust nemen we allerlei normen mee uit het verleden. Maar we leven ze niet altijd na en dat geeft een naar gevoel. Marian Lijnse moest vroeger altijd afmaken waar ze aan begon. Als volwassene had ze er moeite mee om saaie boeken al na een paar hoofdstukken weg te leggen. Dat kon niet, vond ze, en dat leerde ze ook haar kinderen. Pas toen ze zich bewust werd van die vroegere ijzeren regel en die ging ‘herijken’, raakte ze haar schuldgevoel kwijt.

Ook de vete tussen werkende en niet-werkende moeders komt volgens Lijnse voort uit schuldgevoel. Een topmoeder moet het allebei fluitend aankunnen, dat is nou eenmaal de norm. ‘Zodra iemand er maar iets over zegt, voelen vrouwen zich persoonlijk aangevallen en overschreeuwen ze hun schuldgevoel. Net pubers die tekeergaan tegen hun ouders.’ Het was hun keuze en die moeten ze verdedigen. Pas als je die keuze bewust en vanuit volledige overtuiging hebt gemaakt, kun je mogelijk negatieve opmerkingen van de buitenwereld aan. En kun je je ook beter wapenen tegen kritiek van je eigen kinderen. Of ze het nu expres doen of niet, ook zij wroeten af en toe flink in het arsenaal aan moederlijke schuldgevoelens: ‘Ga je nu alweer weg?’ Vooral pubers voelen de zwakke plekken van hun ouders haarfijn aan.

Gezond schuldgevoel
Niks mis met gezond schuldgevoel, zegt Marian Lijnse. ‘Het betekent dat je schaamte kunt voelen, een geweten hebt. Alleen dan kun je je namelijk schuldig voelen.’ Zonder schuldgevoelens zouden we allemaal crimineel worden. Het is een rem op ons handelen en corrigeert ons gedrag. Alleen al de gedachte eraan weerhoudt ons ervan het kind van onze beste vriendin een mep te verkopen.

Van je fouten leren en het volgende keer anders doen, dat is een constructieve manier om met deze emoties om te gaan. Maar soms raken mensen erin verstrikt en zakken ze steeds dieper in de put. Uit onderzoek blijkt dat schuldgevoel vooral bij depressies een grote rol speelt. ‘Niet vreemd, want steeds maar tegen jezelf zeggen dat je gefaald hebt, breekt uiteindelijk je gevoel van eigenwaarde af. Je bevestigt jezelf in je slecht zijn en gaat je een niks voelen,’ verklaart Lijnse. ‘Voor je het weet, zit je vast in het “had-ik-maar”-denken. Had ik het hem maar verboden. Had ik die baan maar niet aangenomen. Daar schiet niemand iets mee op. Ten eerste moet je je realiseren dat je pas achteraf weet dat het niet zo’n slimme zet was; die kennis had je niet toen je je besluit nam. Het heeft geen zin jezelf dat te verwijten. Ten tweede houd je er een illusie mee in stand: dat je zo’n aardige moeder bent die alles goed vindt of dat alles anders was geweest als je niet had gewerkt.’ Ongemerkt kan het kroost van zulke gedeprimeerde, schuldbewuste moeders zich op hun beurt ook tot schuldgevoelige volwassenen ontwikkelen; kinderen voelen zich immers verantwoordelijk voor het (on)geluk van hun ouders.

Drie stappen
Mensen die zich de hele dag over van alles schuldig lopen te voelen en daardoor volkomen worden beheerst, doen er goed aan naar een therapeut te stappen. Bij Lijnse kunnen ze er in drie stappen van afkomen. Allereerst moeten ze zich er bewust van worden, anders valt er niet veel te veranderen. Kennis van en inzicht in het ontstaan en voortbestaan van de schuld- en schaamtegevoelens vormen de volgende stap. Waar komt het vandaan? Is het terecht of onterecht? Moeten we ons er nog steeds voor schamen of kunnen we het vanuit een ander standpunt bekijken? Blijken de gevoelens terecht, dan wacht de laatste stap: accepteren dat mensen nou eenmaal fouten maken, beseffen dat je het niet met opzet deed en met mededogen naar jezelf leren kijken zoals je naar een vriendin zou kijken. ‘De zoektocht naar bevrijding eindigt pas als mensen in staat zijn zichzelf te vergeven. Aan het eind van die reis herkennen we onze angsten en begrijpen we dat we toen niet anders konden. Pas dan kunnen we onszelf en onze daden volledig accepteren.’ En krijgt dat overbodige schuldgevoel een flinke schop na. l

'Werkende moeders kunnen niet koken'
Salesmanager Daphne Boer (36) heeft zoon Friso (6) vijf jaar alleen opgevoed. Van haar nieuwe partner Jan-Erik (37) is ze 29 weken zwanger. Ze werkt 32 uur per week in de tijdschriftenbranche.

‘Een moeder met veel kinderen aan haar rokken en een man met veel geld. Zo zou het er later uitzien. Dacht ik. Ik ging wel studeren, maar was totaal niet bezig met een eventuele carrière. Uit behoefte aan financiële onafhankelijkheid ben ik toch steeds blijven werken. Sterker nog: ik ben zelfs meer gaan werken toen ik promotie kon maken. Was blijkbaar ambitieuzer dan ik dacht.

Als alleenstaande moeder moest ik regelmatig een beroep doen op anderen, vooral op mijn broer en schoonzus. Ook ’s avonds, want er was vaak wel ergens een borrel of party. Ik kon nooit nee zeggen. Dat is mijn zwakte: ik wil altijd iedereen tevreden stellen. Zodat ze mij vooral maar een leuk mens vinden. Maar iemand hoeft er maar iets over te zeggen - en mijn familie is daar niet flauw in - of ik breek. Inderdaad ja, een behoorlijk schuldgevoel. Ze hebben gelijk, denk ik dan. Dat aparte gedrag vertoont Friso vast omdat ik niet genoeg bij hem ben. En logisch dat hij slecht luistert: hij heeft ook zoveel papa’s en mama’s. Constant in tweestrijd. Want al word ik soms verscheurd door schuldgevoel omdat mijn kind op woensdagmiddag naar de NSO moet, ik heb niet het idee dat Friso het heel naar vindt. En ík zou als thuisblijfmoeder op den duur heel ongelukkig worden.’

Wasmoeder
‘Verder ben ik natuurlijk ook nog eens gescheiden. Vooral nu ik zwanger ben van een ander, voelt het als falen dat ik niet in staat ben geweest Friso dat ouderwetse gezin te geven. Op vriendinnen die het allemaal wel voor elkaar hebben, ben ik echt jaloers. Die hebben dat gezin dat samen blijft, grote aantallen gezonde kinderen en ze combineren het ook altijd zo leuk. Die leven mijn droom. Hun is het komen aanwaaien, terwijl ik er hard voor heb moeten knokken.

Sinds kort ben ik op school wasmoeder. Uit schuldgevoel, ja, ik?sta niet voor mijn lol oude theedoeken uit te wassen! Want elke keer als de juf een beroep doet op ouderhulp, moet ik afhaken. Staat er wéér geen Daphne op de lijst.

Af en toe steekt het ook als mensen merken dat ik niet heel proper ben. Ik kan niet tippen aan mama’s hygiëne. Om tijd te sparen, gaat Friso wel eens zonder tandenpoetsen en met vieze voeten slapen. Ik ben daar niet trots op, want ik weet hoe lekker het is om kraakhelder in bed te liggen.’?Elke dag spanning

‘Ander pijnpunt: kinderloze collega’s. Ze zeggen het niet, maar ik vermoed dat ze denken dat een parttime-werker geen hart heeft voor de zaak. Daarom zit ik ook ’s avonds geregeld achter mijn notebook. En om vijf uur weggaan geeft elke dag weer spanning. Want eigenlijk ben je een eikel als je klokslag vijven je pen laat vallen. Maar als ik dat niet doe, is het voor Friso niet leuk.

En ten slotte het avondeten. Werkende moeders bakken niets van het koken. Iedereen gestrest, alles moet snel, geen tijd om een uitgebreide maaltijd op tafel te zetten. Dan zijn sudderlapjes een hoogtepunt!

Tja, dat moet Friso allemaal maar doormaken. En dat alleen omdat ik zo egocentrisch ben dat ik én die kinderen én die baan wil. Toch weet ik dat ik het best goed doe. Ik compenseer namelijk mijn tekortkomingen. Overcompenseer ze misschien. Zo ga ik mijn schuldgevoel te lijf!’

'Ik ben gewoon goed in opvoeden'
Henriëtte Loerakker (49) heeft altijd thuis voor haar kinderen Ben (22), Jan (21), Lex (17) en Lejla (11) gezorgd. Tot volle tevredenheid van iedereen. De gedachte om wellicht ooit aan het werk te gaan werd helemaal de kop ingedrukt toen haar eerste echtgenoot overleed. Inmiddels is ze hertrouwd met Joost.

‘Nee, ik voel me absoluut niet schuldig als fulltime thuisblijfmoeder. Niet naar de kinderen, niet naar de maatschappij en niet naar mezelf. Opvoeden is niet niks. Ik zou dat niet kunnen na een hele dag werken. Hier ben ik goed in. Misschien is werken voor jezelf leuker, maar of je daar je kinderen een plezier mee doet? Als Lejla ook naar de middelbare school gaat, verandert de situatie. Thuis met een kopje thee op een puber zitten wachten - die je liever ziet gaan dan komen - is weinig zinvol.

Waar ik me wel heel schuldig over voel, is dat ik jaren geleden mijn oudsten - toen 4 en 5 -?niet heb meegenomen naar de begrafenis van hun vader omdat ik ze wilde beschermen. Achteraf een hele domme beslissing, die ze ook niet begrijpen. Ik heb ze daarmee echt tekort gedaan. Ik weet niet precies wat me toen bezielde. In therapie heb ik geleerd het mezelf niet zo kwalijk te nemen. Leren relativeren. Dat maakte het voor mij hanteerbaar. Mijn schuldgevoel is niet verdwenen, maar vormt niet meer zo’n enorm issue in ons gezin.’

'Faxend liep ik achter de kinderwagen'
Hilde Blank (45) is ‘met ziel en zaligheid’ directeur van stedenbouwkundig adviesbureau BVR en werkt meer dan fulltime (‘Als directeur heb je geen uren’). Echtgenoot Rob reist voor zijn werk één week per maand over de hele wereld; de andere drie weken werkt hij thuis. Ze hebben twee dochters: Stella (9) en Rosa (5).

‘Mensen vragen mij wel eens hoe ik het in godsnaam allemaal doe. Rob en ik werken allebei fulltime en als de kinderen in bed liggen gaan onze laptopjes weer open. Dat kan, omdat wij inmiddels een prima balans tussen werk en gezin hebben gevonden.

Dat ik geen schuldgevoel heb, komt vooral door het feit dat Rob vaak thuis is; dat geeft mij rust. Bovendien maken de meisjes absoluut niet de indruk dat ze eronder lijden. Ze zijn het natuurlijk ook van jongs af aan gewend. En ons basisprincipe is dat zij te allen tijde voor gaan. Juist door de kinderen kan ik mijn werk goed doen: zij relativeren de boel. Ik zou, denk ik, geen goede moeder zijn als ik de hele dag thuis zou zitten. Ik wil een waardevol leven; uit alleen zorgen haal ik niet genoeg voldoening.’

Knop omzetten
‘Het loopt trouwens niet altijd geolied. Toen Stella net was geboren, probeerde ik krampachtig te bewijzen dat het best kon: hard werken en een baby. Ik ergerde me aan die moeders waarbij opeens niets meer kon nu ze een kind hadden. “Ik zal ze eens laten zien dat je het best ontspannen kunt combineren!” Liep ik faxend achter de kinderwagen. Toen heb ik wel geleerd de knop om te zetten: op het werk staat die op “aan”, maar thuis gaat-ie knetterhard terug. Dan ben ik er voor honderd procent voor ze.

Toch heb ik me twee jaar geleden opnieuw bijna over de kop gewerkt. Een bedrijf runnen is gewoon een zware taak. Ik wilde zowel de ideale moeder als de ideale werkgever zijn die voor iedereen klaar stond. Dat ging ten koste van mijn gezondheid. Daarom doe ik nu bijvoorbeeld niet meer drie presentaties in drie provincies op één dag.

Het is wel een continu proces van keuzes maken. Soms slaat de balans door. Dat geeft stress. En een schuldgevoel omdat je je werk óf je gezin tekort doet. Ik probeer het dan anders te organiseren. Een overlevingsstrategie, want van stress word je ziek en daar is niemand bij gebaat!’

18% van de vrouwen ervaart dagelijks schuldgevoelens, 30% een paar keer per week en 30% een paar keer per maand. Bij de mannen gaat het om 10%, 24% en 32%.

Enquète Psychologie Magazine, februari 2007

Wie heeft het meeste schuldgevoel
1. werkende moeder
2. gescheiden vader
3. werkloze
4. overeter
5. volwassene met ouders in een verpleeghuis
6. ouders van ontspoorde kinderen
Bron: www.psychologie.com

- 82% vindt dat getrouwde vrouwen niet horen te werken
- maar dat was gelukkig in 1967!
- 66% van de vaders voelt zich schuldig omdat hij zijn kind niet genoeg ziet
Moeders zijn vooral bang dat ze hun kind onvoldoende beschermen tegen invloeden van buitenaf - (61%)
- Op de tweede plaats komt bij vaders de angst de opleiding niet te kunnen betalen (53%)bij moeders dat ze hun kind niet begrijpen (50%)

Zó werk je je schuldgevoel weg
1. Onderken je schuldgevoelens
2. Zoek uit waarom je je schuldig voelt, en of dat terecht is
3. Accepteer je fouten, leer ervan en: vergeef jezelf

'Naarmate kinderenm ouder worden, nemen je schuldgevoelens af, weet ik uit ervaring. Zij zijn namelijk steeds meer zélf verantwoordelijk voor hun gedragingen en beslissingen'
Marian Lijnse, moeder van zes eigen, adoptie- en pleegkinderen tussen de 22 en 33 jaar

Door Anne Elzinga / 22 september 2010 / ()

Opvoeden


Alle onderwerpen over opvoeding

120 artikelen voor categorie 'thema_opvoeden, kernstuk'
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z




Zoeken


Geef je mening

Hoe leuk vindt jouw kind het om naar school te gaan?

Hoe leuk vindt jouw kind het om naar school te gaan?

Heel leuk

Gewoon leuk

Neutraal

Niet leuk

Vreselijk

Blijf gratis op de hoogte

Ontvang het laatste nieuws en speciale aanbiedingen van J/M in onze wekelijkse digitale nieuwsbrief.

J/M Weblog

Op het J/M weblog - ook wel blog genoemd - van J/M voor Ouders vind je de online "columns" van onze (ervarings)deskundigen op pedagogisch en opvoedkundig gebied.

Volg ons ook op

Volg ons op FacebookVolg ons op TwitterVolg ons op YouTube