AD(H)D en niet luisteren

redactie 19 jun 2018 ADHD

antwoord

Kinderen met AD(H)D pikken heel veel prikkels uit de omgeving op. Het is onder andere moeilijk voor ze om deze te filteren in belangrijke en minder belangrijke prikkels. Onrust in hun koppie dus. En vaak zijn ze snel afgeleid of pikken ze niet alles op wat wij wel graag zouden willen als ouders en leerkracht op school. Juist als hun hoofd overvol is of als het ze even is gelukt zich af te sluiten voor alle prikkels – zoals bij het lezen van een boek of tv kijken – zal je moeilijker tot ze doordringen. 

Een paar tips:

  • Realiseer en accepteer dat je niet altijd direct tot ze doordringt. Soms horen ze je écht pas als jij iets al drie keer hebt gevraagd. Dat is geen onwil maar onmacht! Fijn als het je lukt niet na drie keer al boos te zijn, maar je te realiseren dat het wellicht pas echt de eerste keer is dat ze het opslaan.
  • Wen jezelf eraan om niet te roepen naar je kinderen vanaf een afstand, maar er zo mogelijk even heen te lopen. Dat werkt vaak beter.
  • Maak dan vervolgens eerst oogcontact, noem hun naam en geef aan dat je hun aandacht wil. Pas als je contact hebt, kan je boodschap aankomen!
  • Het helpt vervolgens als je dan praat in termen van wat je wel wil van je kind, in plaats van wat je niet wil of vage boodschappen. Maak je opdracht heel duidelijk en concreet. 

In zijn algemeenheid zijn er ook nog wat dingen die kunnen helpen om bijvoorbeeld het eten rustiger te laten verlopen:

  • Zorg voor duidelijke routines en afspraken rond de vaste momenten op een dag. Dat geeft houvast en rust voor kinderen. Je kunt ook de stappen van het ochtend- en/of avondritueel op een (geplastificeerd) blaadje zetten en laten afvinken als een stap gebeurd is. Na een tijdje is het afvinken meestal niet eens meer nodig. 
  • Eet op tijd, aan tafel, met vaste plekken (die het beste werken voor een rustig verloop, probeer dit eens uit!) en zonder prikkels van buiten (dus geen tv/radio aan, rondlopende honden, enz)
  • Hang eventueel een paar basisafspraken op die je voor elke maaltijd (of een ander gezamenlijk moment) doorneemt. Door het positief in te steken voorkom je dat je moet gaan dreigen of dat je van het negatieve uitgaat: ‘Eens kijken wie erin slaagt vandaag rustig op zijn stoel te blijven zitten…’ of ‘Jee, het is jullie al tien minuten gelukt om op je plek te blijven zitten zoals we hebben afgesproken. Wat fijn, zo verloopt het eten gezellig en rustig!’
  • Geef concrete en duidelijke instructies die positief geformuleerd zijn: ‘Bas, ik wil dat je blijft zitten op je stoel’ in plaats van ‘niet steeds heen en weer wiebelen….’ of ‘zit nou eens een keer stil; ik heb het al drie keer gevraagd’. 
  • Soms kan wat humor en afleiding helpen om drukte aan tafel te doorbreken. Een spelletje waarin jullie om de beurt een zin aanvullen, wie het langst zijn mond kan houden, even twee minuten lekker veel lawaai maken en dan weer eten. Het helpt soms, al is het maar voor jezelf
  • Neem zo nu en dan de tijd om samen de afspraken opnieuw te maken. Wat helpt om gezellig en rustig te kunnen eten? Wie heeft er ideeën en welke kiezen we daarvan uit? Hoe kan het ons allemaal lukken?
  • Let vooral op dat wat lukt en benoem dit. ‘Fijn: ik zie er al één op zijn stoel zitten en eten.’ Zonder een naam te noemen. Soms werkt dat heel goed om de rest ook de goede kant op te krijgen.
Reageer op artikel:
AD(H)D en niet luisteren
Sluiten