Cynici zouden zeggen dat ik erin getuind was

redactie 22 jun 2018 Blogs

Al een tijdje waren mijn collega’s en ik onrustig over de reorganisatie die er zat aan te komen bij het dagblad waar ik als eindredacteur werk. En tijdens mijn avonddienst vorige week maandag sloeg de directie blijkbaar spijkers met koppen. Terwijl wij van de avondploeg aan de krant werkten, hadden de hoofdredacteur, de voltallige directie en de hr-mensen zich in de ruimte van personeelszaken verschanst.

Af en toe zagen we een van de directieleden over de redactie dribbelen met wat papier onder zijn arm. Het gaf – ja, hoe zeg je dat leuk – een interessante extra dimensie aan een toch al stressvolle avond. Ik heb, toen ik om halftwaalf thuiskwam, mezelf maar iets alcoholisch ingeschonken.

De volgende dag was ik vrij. Ik deed de dingen die ik dan altijd doe. Ontbijt maken, Yaël aankleden en op de bus zetten, de keuken opruimen, een blog tikken, boodschappen doen, een wasje draaien. En zodoende miste ik helemaal het telefoontje van mijn chef over de speciale bijeenkomst voor de eindredactie over de reorganisatie.

Om halfvier, vlak voor het busje er was, belde hij nogmaals. Nee, geen goed nieuws. We moesten allemaal solliciteren naar onze eigen functie, nieuwe profielen, kwaliteitsselectie, enzovoorts, en zo verder. Om halfvijf zou er een plenaire vergadering zijn.

Tegen vieren zette het busje Yaël af. Ik gooide een banaan en een luier in mijn tas, stiftte mijn lippen, deed mijn schoenen aan en wilde Yaël al in de bakfiets tillen. Dit was een belangrijk moment, mijn baan stond op het spel, dus ze moest maar even mee naar de vergadering.

Ik zocht de fietssleutels en aarzelde ineens. Hoe zou dat vallen, als ik daar zou binnenwandelen met mijn zwaar gehandicapte kind? Misschien zouden de mensen die erover gaan dat wel opvatten als morele chantage. Exploitatie van mijn gehandicapte kind! Misschien zou het wel tegen me werken.

Ik zuchtte, wierp de sleutels weer in het bakje en besloot niet te gaan.

Een paar dagen later zag ik dit filmpje: www.joop.nl/politiek, waarin Diederik Samsom zonder enige terughoudendheid zijn gehandicapte dochter Benthe inzet voor zijn partij. Ik was, ik moet het eerlijk bekennen, geroerd door zijn persoonlijke boodschap, maar had er tegelijk een onbehaaglijk gevoel bij, misschien juist omdat ik geroerd was. Morele chantage, schoot het door mijn hoofd. Effectbejag! Exploitatie! Ook de reaguurders uitten zich in niet mis te verstane termen. ‘Walgelijk’ klonk het verschillende keren. Femke Halsema twitterde: ‘Hé, zag ik Diederik Samsom nu net voorbijkomen in een Becel-reclame?’

Walgelijk vond ik het niet. Misschien wat ongepast en opdringerig. Maar waarom vond ik dat eigenlijk? Kon ik mijn bedenkingen beredeneren of bleef het bij een vaag gevoel? Wat wilde Samsom nu eigenlijk laten zien? Dat hij niet het zondagskind is dat hij lijkt? Dat hij ook heus weet wat het is om eens pech te hebben? Of dat hij altijd zal opkomen voor de zwakkeren, omdat zijn eigen kind een van die zwakkeren is?

Maar heeft hij dat eigen kind daarvoor nodig? Kan hij zijn kind, omwille van de goede smaak, er niet beter buiten houden, omdat het uiteindelijk om politiek gaat? Of maakt het filmpje hem juist geloofwaardiger en echter als politicus?

Ik keek nog eens en opnieuw was ik geroerd door zijn gedrevenheid, in combinatie met dat kwetsbare meisje. Cynici zouden zeggen dat ik erin getuind was. Maar dat was in mijn geval niet zo moeilijk, want ik zag óók een lotgenoot. Misschien wel een rolmodel. Iemand die zich inzet voor de goede zaak: de beste zorg voor gehandicapte kinderen. Nou ja, het was natuurlijk de bedoeling dat ik dat zag.

Terwijl ik de reacties op het filmpje doorscrolde, dacht ik na over mijn eigen besluit Yaël buiten de werksfeer te houden. Als ze normaal was geweest, had ik haar waarschijnlijk gewoon meegenomen.

Je zou het filmpje kunnen uitleggen als een wanhoopsoffensief. Samsons partij staat er niet bepaald goed voor in de peilingen. Als ik Yaël had meegenomen naar de vergadering vorige week, hadden kwaadwillenden dat ook kunnen uitleggen als een wanhoopsoffensief. En het laatste wat ik wil is wanhopig overkomen.

Maar misschien is Diederik Samsoms houding wel gewoon duidelijk: ‘Kijk, dit ben ik, en dit is de reden dat ik ben wie ik ben.’ Iedere ouder van een gehandicapt kind weet hoe dat kind je vormt. Je persoonlijkheid, maar ook je complete kijk op de maatschappij. Waarom zou hij niet mogen vertellen hoe zijn verhaal hem gevormd heeft?

Gisteren had ik weer avonddienst. ‘Hoe gaat het met je dochter?’ vroeg de kantinejuffrouw bij de lift.

‘Ja, goed, maar ken je haar dan?’

‘Jaha, ik heb haar gezien bij het sinterklaasfeest. Het is zo’n mooi en schattig meisje.’

Dus dat is wat zij zag: een mooi en schattig meisje.

Reageer op artikel:
Cynici zouden zeggen dat ik erin getuind was
Sluiten