Dan doen we het zelf wel

redactie 21 jun 2018 Ouders

Negen op de tien gezinnen levert vanaf 2014 opnieuw geld in. Toch zijn kinderen de laatste post waarop we bezuinigen. We zoeken liever naar slimme alternatieven en oplossingen. Maar ouders gaan óók op de bres omdat zaken slecht – of niet – geregeld zijn. ‘Er is altijd wel iemand die bedenkt hoe je samen verder komt.’

2014 wordt (wederom) níet het Jaar van de Ouders. Misschien ben jij ook al aan het rekenen hoe je in vredesnaam dat weekendje met de hockeycub (‘Iederéén gaat!’) op Terschelling, het schoolreisje met de vijfde klas naar Barcelona, die must have laptop en de allernieuwste Uggs voor je nageslacht moet bekostigen. Kinderen zijn een kostbaar bezit. Letterlijk. De Consumentenbond merkte het vorig jaar al op, maar de kabinetsplannen voor het komende jaar betekenen opnieuw een flinke aanslag op het kinderbudget van gezinnen. Ga maar na: kinderopvang duurder, geen gratis schoolboeken meer, allerlei voorzieningen als eerstelijns psychologische hulpverlening uit de basispolis, minder geld voor zorgkinderen en zorgleerlingen en steeds meer werklozen.

Ouders zouden geen ouders zijn als ze niet zouden proberen hun eigen gezin zoveel mogelijk te behoeden voor de gevolgen van deze financiële aderlatingen: kinderen zijn de allerlaatste post waarop we bezuinigen, bleek uit eerder J/Monderzoek. Met minder geld op zak zullen we daarom creatief op zoek moeten gaan naar alternatieve oplossingen. Niet wachten op de overheid – die heeft ons echt minder te bieden – maar zelf de handen uit de mouwen steken. 2014 is daarmee het Jaar van het Ouderinitiatief! Ofwel hét Jaar waarin we massaal opkomen voor onze kinderen!

Buurvrouwen Anneke, Henriette, Renske en Marie-Louise hebben dat dit voorjaar gedaan. ‘Hun’ prachtige speeltuin verloederde steeds meer sinds de gemeente de subsidie voor het professionele toezicht had teruggedraaid. De dames sloegen de handen ineen en boden de gemeente aan het beheer van de speeltuin over te nemen. Sindsdien geurt het weer naar koffie in het speeltuinhuisje, kunnen de buurtkindertjes weer schepjes en emmertjes lenen en blijft het zand weer in de zandbak.

Op de barricades

Geldgebrek of bezuinigingen zijn zeker niet de enige reden dat ouders zich verenigen. Misstanden vormen een andere krachtige motivatiebron. Zo begon Moedige Moeder Gary Kok uit Volendam eind 2004 haar strijd tegen drugs uit wanhoop: ze wilde niet lijdzaam toezien hoe haar zoon Ruud kapot ging aan zijn verslaving. Ze richtte een platform op waar ouders steun kunnen vinden bij elkaar en dat knelpunten in de hulp aan verslaafde jongeren signaleert. In 2012 werd Moedige Moeders Volendam officieel omgezet in Moedige Moeders Nederland en kunnen ouders in steeds meer gemeenten bij een MM-tak terecht.

De krankzinnig late sluitingstijden van disco’s en bars was een tweetal Siegerwoudster moeders een doorn in het oog. Met hun actie Vroeg op Stap zetten zij het uitgaansbeleid succesvol op de politieke agenda. Dwaze Vaders strijden al jaren voor hun omgangsrechten na echtscheiding. En in de zomer van 2013 verzetten ouders zich tegen de sluiting van de International School Almere. Met resultaat: de school mocht open blijven.

Van een iets andere orde is de actie die Stijn Tilanus en een aantal andere ouders drie jaar geleden op poten zetten ten behoeve van zijn dove dochter Ottolien en haar lotgenoten. Ottolien zat in de bovenbouw van een speciale school voor dove en slechthorende kinderen, toen opeens de exameneisen voor onder andere Engels werden verzwaard. ‘Een ramp voor dove kinderen, die heel moeilijk een vreemde taal kunnen aanleren,’ aldus Tilanus. Om te voor komen dat de hele bovenbouw en masse op Engels zou zakken, gingen de betrokken ouders, met ondersteuning van de Federatie van Ouders van Dove Kinderen (FODOK), in gesprek met de school en met de staatssecretaris van Onderwijs.

‘Aanvankelijk was de school echt laks. Ze zagen niet in dat er werk aan de winkel was om de leerlingen klaar te stomen voor het eindexamen.’ Uiteindelijk kregen de actievoerders toch voor elkaar dat Ottolien en haar klasgenoten meer uren Engels kregen, een studiereis naar Londen maakten en dat er films en boeken werden aangeschaft. Het heeft Ottolien geholpen: ze slaagde. Van het initiatief van Tilanus en de zijnen richting de staatssecretaris profiteren tot op de dag van vandaag alle leerlingen: de strengere exameneisen worden nu gefaseerd ingevoerd.

Omdat het er niet is

Ook als er niet direct sprake is van een of andere uitwas, zetten ouders zich in voor hun kind. Gewoon, omdat ze het beste willen voor zoon of dochter en niemand anders het regelt. Of omdat ze nergens precies kunnen vinden waar hun kind volgens hen het meest behoefte aan heeft. Op diverse plekken in Nederland wonen gehandicapte jongeren met elkaar in kleinschalige woonprojecten, met dank aan hun pa en ma die hun een zelfstandig leven gunnen maar weten dat ze dat in hun eentje niet redden. Voorheen zwarte (buurt)-scholen kleuren op veel plaatsen beige nu groepjes witte ouders gezamenlijk hun kleuters inschrijven omdat ze hen graag willen laten opgroeien met klasgenootjes van diverse pluimage. En in Eindhoven en Dedemsvaart draaien pubers met downsyndroom mee in het reguliere Voortgezet Onderwijs.

Een unicum, volgens woordvoerder Merijn de Priester van oudervereniging VIM, en rechtstreeks op het conto te schrijven van een aantal ouders die hun kind van een ‘gewone’ groep 8 wilden laten overgaan naar een ‘gewone’ middelbare school. ‘Ze zijn op zoek gegaan naar scholen die bereid waren een integratieklasje te organiseren voor acht tot tien kinderen met downsyndroom of een autistische stoornis. Sommige lessen hebben ze apart, andere doen ze samen met klasgenoten zonder beperking. Zo leren ze bijvoorbeeld onder leiding van een maatje koken. Dit soort inclusief onderwijs vinden wij belangrijk omdat wij streven naar een samenleving waarin mensen met een handicap vanzelfsprekend gelijke kansen krijgen. Als kinderen met downsyndroom op een gewone basisschool mee kunnen komen, verdienen ze het om ook op een gewone middelbare school welkom te zijn. Het onderwijs hoort ook voor hen de beste leerplek te creëren.’

Elkaar steunen

Hoe ver je het als initiatiefrijke ouder kunt schoppen, bewijst opvoedkundige Marina van der Wal. Zij is elke twee weken te zien bij het tv-programma Koffietijd, heeft een eigen website, blogt, schrijft opvoedboeken en spreekt regelmatig oudergroepen en scholen toe over verschillende onderwerpen. Het begon allemaal zes jaar geleden aan de eettafel van haar huis aan de Noordzeekust. Daar organiseerde zij avondjes voor ouders die, net als zij, soms knettergek werden van hun pubers met hun volstrekt normale, maar wel behoorlijk enerverende huis-, tuin- en keukensores.

Haar Mamma Weet Alles-praatgroepen hielpen haar en tientallen collega-ouders – inmiddels op tachtig plekken – door de puberteit heen. Maar ook in andere steden, dorpen en wijken komen opvoeders bijeen om elkaar een luisterend oor, een stevige schouder, helpende hand, warme boezem of zinnige raad te bieden. Want er is altijd wel een actieve vader of moeder die bedenkt dat je sámen verder komt. En die het niet bij woorden laat, maar daadwerkelijk de schouders eronder zet. Nu de overheid ons door de financiële crisis vaker in de kou laat staan, zullen we nog meer dan voorheen zelf het heft in handen moeten nemen. Gelukkig kunnen we leren van moeders en vaders die daar al succesvol mee aan de slag zijn gegaan.

 

Reageer op artikel:
Dan doen we het zelf wel
Sluiten