Expat in Marokko: de boodschap

redactie 21 jun 2018 Blogs

Vakantie. Monique en ik worden wakker. Vandaag gaan we ze HET vertellen. ‘Ze’ zijn onze zonen en zij weten nog niet dat we voor vier jaar naar Marokko gaan. De jongens spelen beneden op de iPads. Samen dekken we de tafel, bakken eieren met spek. Eten, praten, lachen.
Het moment is daar.
‘Jongens we gaan een avontuur met elkaar beleven.’ Ogen gaan open, ruggen worden gerecht en oren gespitst. ‘We gaan vier jaar in Marokko wonen.’
Ze kijken ons vragend aan. Stilte.

‘Echt?’
We knikken.
De oudste grijpt naar zijn hoofd en schreeuwt het uit. ‘Nee, ik wil niet. Ik ga niet. Nooit! Nooit! Nooit!’
De jongste jammert ogenschijnlijk mee. ‘Neeeee!’
Opstaan, lopen, rennen, van de keuken naar de bank waar ze theatraal ter aarde storten. Mijn vrouw heeft tranen in haar ogen. Ik probeer haar geruststellend aan te kijken. Bij Max, onze oudste, zie je oprechte verwarring. Sam lijkt vooral te kijken naar zijn grote broer en te denken: ‘Spannend, meespelen, niet te snel overgeven.’ Ik roep Max bij me. Hij klampt zich vast. Ik voel zijn zorg, zijn angst voor het onbekende. Monique heeft Sam in haar armen. Hij observeert Max en mij.

‘Max, kun je uitleggen waarom je niet weg wilt?’
Zijn antwoord is bijzonder. ‘Ik wil niet naar een land waar oorlog is.’
We voelen dat dit een goed teken is. Hij denkt aan wat hij kan tegenkomen niet wat hij hier gaat missen.
Sam is loyaal: ‘Ik wil dat ook niet.’
‘Nou, er is geen oorlog en als het daar te gevaarlijk wordt, gaan wij terug naar Nederland.’ Geen sprookjes. Dát er iets zou kunnen gebeuren, willen we wel zeggen.
Max: ‘ik wil ook niet naar een land met veel armoede.’
‘Armoede is er, maar er leven ook heel veel mensen zoals jij en ik in Marokko. Je gaat naar een land dat er anders uitziet met andere huizen en andere gewoonten.’
Max ontspant. Dan spreekt Monique de magische woorden: ‘Durf je erop te vertrouwen dat wij geen rare dingen doen en dat het land echt fijn is om naar toe te gaan? Het is anders, maar niet eng of gevaarlijk.’
Max knikt.

Sam denkt na. ‘Krijgen we daar dan een groot huis?’ vraagt hij.
‘Ja we krijgen een groter huis.’
‘En een tuin?’
‘Ook een tuin.’
‘Mogen we dan ook een trampoline?’
Het grote onderhandelen is begonnen. Trampoline, voetbalgoaltjes, zwembad. De verzoeken schieten door de lucht. Er ontstaat ruimte voor vragen. Over school. ‘Jullie gaan naar een school, waar je Engels gaat leren.’
‘Cooool!’ Het pleit lijkt beslecht.

We zijn stomverbaasd. Ook wij ontspannen. Ongemerkt zat er spanning op.
Even later verschijnt een van onze vrienden met zijn zoon. Sam springt voor hun neus: ‘We gaan voor vier jaar naar Marokko en ik ga Engels spreken.’
We staan er verbouwereerd bij, knikken en zeggen lachend: ‘Ja, zo is het.’

We praten hem bij terwijl de kinderen spelen.
Ik kijk naar ons.
Het is goed.
We gaan nu echt.

Reageer op artikel:
Expat in Marokko: de boodschap
Sluiten