Deblacledagen

redactie 22 jun 2018 Blogs

'Da-hag. Tot over een paar weken!' Ik zwaai de ergotherapeute en de hulpmiddelenleverancier uit. Over een week of drie heeft Yaël een nieuwe aangepaste stoel. Het showmodel van vandaag had nog het meest weg van een elektrische stoel, maar ze zat erin als een koningin.

Ik loop weer naar binnen en zucht. Het is een drukke dag geweest. Door de afspraak moest ik eerder weg van mijn werk, maar de hoeveelheid werk was wel hetzelfde. Zo nog even koken, dat lukt precies voor zessen, en vanavond naar zangles. Yaël komt naar me toe en geeft me een kusje. 'O', jubel ik, 'wat een lief kusje, ik heb nog nooit zo'n lief kusje gehad.' Ik snuif en weet meteen waarom ze zich komt melden. Poep.

Hup, naar het hoog-laagbed, broek omlaag en ja hoor, de halve hoop is op raadselachtige wijze naast haar luier beland. Het katoenen broekje dat ze over haar luier draagt gooi ik nonchalant de pedaalemmer in – vroeger deed ik nog wel eens iets met Biotex – en met een eindeloze stroom doekjes tuig ik aan het vegen, terwijl ik haar met mijn andere hand in bedwang houd en 'blijven liggen, blijven liggen' zeg. Ja, we hebben een poephiel, een verschijnsel dat elke ouder kent, en ja, we hebben ook poepbenen. Het is net olie hè.

Zo, nu snel koken, we zijn al laat. Als we na zessen eten, flipt Yaël. Geconcentreerd rasp en snijd ik de groente, terwijl ik iets terugkijk op de computer. Yaël zit lief op de keukenvloer. Of nou ja, lief, als ik me omdraai zie ik dat ze de halve inhoud van de kattenbak over de keukenvloer verspreid heeft. In haar mond en op haar kin zit kattengrind.

Even niet aan gedacht. Normaal gesproken staat hier ook helemaal geen kattenbak, maar omdat Theo, onze rode kater, geterroriseerd wordt door een buurtkat en uit pure angst binnen zijn plas laat lopen, mag hij tijdelijk op de bak.

Gelukkig ligt er geen poep in.

'Okeeeee,' zeg ik. Terwijl ik de stofzuiger pak, denk ik onwillekeurig aan een oud-collega, een artdirector die een haat-liefdeverhouding had met deadlines. Eerst was hij ontspannen, naarmate de deadline naderde werd hij steeds gestrester en als duidelijk werd dat het toch niet meer ging lukken, kreeg hij een melig soort gelatenheid over zich heen. Ik heb precies hetzelfde op dit soort debacledagen. Te veel spanning geeft op de een of andere manier ontspanning, maakt alles weer losser, makkelijker.

Ik herinner me de keer dat Yaël een volle botervloot te pakken had. Boter op je hoofd is een moeilijk te bestrijden fenomeen, weet ik nu. Op de houten keukenvloer heeft ook nog tijden een vette plek gezeten. Die keer dat ze, met kleren aan, weer in haar badje was gaan zitten. Hanno en ik waren al laat voor ons werk. Alle keren dat het busje met draaiende motor voor het huis stond en Yaël gepoept had. De keer dat ze uit de douche naar ons net verschoonde bed rende en er een enorme plas op deed.

Alle keren had ik eerst een moment van stress, waarna ik die melige gelatenheid over me kreeg.

Ik geef Yaël brood vanavond en ik besluit daar niet mee te zitten.

Reageer op artikel:
Deblacledagen
Sluiten