Diabetes en kinderen: altijd zorgen

redactie 19 jun 2018 Gezondheid

Kinderen met diabetes en hun ouders stuiten op nogal wat onbegrip van anderen, wat voor veel frustratie zorgt. Volgens Hanneke Dessing, directeur van het Diabetes Fonds komt dit vooral door onwetendheid.

‘Mensen onderschatten de gevolgen voor kinderen met diabetes en hun ouders,’ vertelt Dessing. ‘Waarom zou het zo’n drama zijn, denken ze dan. “Af en toe een insulinespuitje erin en klaar is Kees.” Ook zou het je eigen schuld zijn als je kind diabetes heeft. “Je hebt je kind vast veel te veel laten snoepen,” wordt dan gezegd. Met dit soort opmerkingen worden ouders nog te vaak geconfronteerd.’

Diabetes en kinderen: de feiten

Onwetendheid zorgt vaak voor het onbegrip waar deze ouders op stuiten. Veel mensen weten namelijk niet wat het verschil is tussen diabetes type 1 en 2. Maar liefst 98 procent van de 6.000 kinderen met diabetes lijdt aan diabetes type 1. Bij deze vorm vergist het afweersysteem zich en breekt het de cellen af die insuline aanmaken. Daarom moet je zelf insuline inspuiten of een insulinepomp dragen om dit op peil te houden. Diabetes type 2 is een totaal andere ziekte: dan heeft het lichaam nog wel insuline, maar te weinig. Overgewicht, weinig beweging, erfelijke aanleg en leeftijd (in de volksmond wordt dit type vaak ouderdomssuiker genoemd) vergroten de kans.

Diabetes is een constante zorg

‘Wat veel mensen vaak niet weten, is dat kinderen met diabetes type 1 dagelijks insuline moeten spuiten, vaak het eten moeten wegen, koolhydraten moeten berekenen en regelmatig in de nacht extra moeten prikken. Je moet als ouder continu alert zijn, om de bloedsuikerwaarde van je kind zo stabiel mogelijk te houden.’ Na een appel of een koekje moet je de bloedsuikerwaarde meten. Ook na het sporten hoort er bijvoorbeeld weer een check bij.

‘Een kind met diabetes brengt een grote verantwoordelijkheid voor ouders met zich mee. Maak je een foute berekening en spuit je te veel insuline dan zijn de gevolgen groot,’ vertelt Dessing. ‘Je kind kan ook niet zomaar naar een feestje, dit moet je goed voorbereiden. Ook zijn er ouders die gestopt zijn met werken omdat ze binnen tien minuten op school moeten kunnen zijn om hun kind insuline in te spuiten. Sommige scholen doen dit niet omdat het om een medische handeling gaat, en dat is weer aan allerlei regels gebonden.’

Een kind met diabetes te spelen?

Krijg je een kind met diabetes op bezoek? Laat je dan goed informeren door de ouders, want voor elk kind gelden andere richtlijnen. Vraag bijvoorbeeld of ze zelf wat lekkers meegeven voor hun kind, of-ie wel light frisdranken drinkt en of hij zelf goed aangeeft wat hij niet mag. Plus natuurlijk: hoe kun je de ouders bereiken als het misgaat.

Wat als het onverhoopt misgaat?

Hypo, een te lage bloedsuiker (als een kind te weinig heeft gegeten)

Kenmerken:

  • zweten
  • trillen
  • ongeconcentreerd 
  • moe
  • hongerig 

Een hypo gaat over als je snel iets zoets eet of drinkt, bijvoorbeeld druivensuiker. In erge gevallen kun je flauwvallen bij een hypo. Als dit gebeurt, moet meteen 112 worden gebeld.

Hyper, een te hoge bloedsuiker

Kenmerken:

  • veel plassen
  • veel dorst
  • voelt zich niet lekker

Bij een hyper kun je de bloedsuikerwaarde laten dalen door insuline bij te spuiten. Let op: dit mag alleen iemand doen die weet hóe het moet en die weet hóeveel insuline gespoten moet worden. Laat het aan de ouders over om dit te beslissen. Spreek dus vooraf met de ouders af wat je moet doen bij een hypo een hyper.

Meer weten?

Reageer op artikel:
Diabetes en kinderen: altijd zorgen
Sluiten