Elk kind kan de top bereiken

redactie 19 jun 2018 Opvoedstijlen

Welke 9 factoren bepalen of jouw kind succesvol wordt – op welk gebied dan ook? Handleiding voor ouders: zo haal je het beste uit je kind.

1. Talent

‘Genieën worden niet geboren, maar gemaakt,’ dacht de Hongaarse László Polgár en hij voegde de daad bij het woord. Samen met zijn vrouw onderwierp hij zijn drie dochters – gewone meisjes zonder briljante hersens of genen – aan een ongewoon experiment. Hij hield ze thuis van school en gaf ze vanaf hun vierde zes tot acht uur schaakstudie per dag. Enkele jaren later waren alle meisjes internationaal grootmeester. Voilà, bewijs geleverd: aangeboren talent bestaat niet.

Dat is nog eens een prikkelende stelling in een maatschappij die zich massaal schuldig maakt aan zogenaamd ‘talentdenken’.
‘Wij zijn geneigd een topprestatie te zien als iemands individuele verdienste die is toe te schrijven aan zijn uitzonderlijke gave,’ legt Remy Rikers, hoogleraar onderwijspsychologie aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit, uit. Een gevaarlijke denkwijze, vindt hij. Het impliceert namelijk dat een dubbeltje nooit een kwartje zal worden: geen aanleg immers. ‘Als je een kind maar vaak genoeg voorhoudt dat hij ergens niet goed in is, gaat hij dat op den duur zelf geloven en zullen zijn prestaties ook kelderen.’

Wetenschappelijk gezien bestaat er geen enkele reden voor zo’n doemscenario; onderzoekers kennen niet één voorbeeld van een uitblinker die alleen vanwege zijn enorme talent de top heeft bereikt. Dat geldt zelfs voor Mozart. Rikers: ‘We weten niet eens goed wat talent nou eigenlijk is. Er zijn geen formules of criteria voor. En we kunnen al helemaal niet voorspellen of een kind ergens wel of niet in gaat uitblinken. Als een 9-jarig violistje de sterren van de hemel speelt, zeggen we dat hij talent heeft. Maar in feite zien we alleen dat hij iets heel erg goed doet en veronderstellen we dat daaraan een excellente gave ten grondslag ligt. Wat we niet zien, zijn die uren en uren ploeteren die eraan zijn voorafgegaan.’

Rikers wil niet zeggen dat aanleg helemaal geen rol speelt – dat weten we niet – maar het belang daarvan wordt wel schromelijk overschat. Exkeeper Hans van Breukelen, die nu lezingen geeft over succes, is het met hem eens: ‘Talent is de basis, maar andere zaken bepalen de mate waarin je succesvol wordt. Techniek, tactiek en fysiek: dat is aanleg. Maar instelling en karakter geven de doorslag. Die mentale vaardigheden zijn te trainen.’

2. Oefening

‘Oefenen maar, oefenen maar…’ antwoordt Moos in een oude Sam & Moos-mop op de vraag van een voorbijganger wat de snelste weg is naar het Concertgebouw.
En zo is het. Onderzoek na onderzoek wijst uit dat het verschil tussen toppers en gewone stervelingen vooral zit in de hoeveelheid tijd en energie die zij steken in het ontwikkelen van hun ‘talent’. Zij werken niet een beetje harder, zij werken véél harder. Tienduizend uur, om precies te zijn. Dat komt neer op tien jaar lang zo’n drie uur per dag of twintig uur per week trainen op dat Ene Ding.

De Beatles, Bill Gates, de Polgár-zusjes: de tienjaarregel geldt op elk terrein en voor elke wereldster. Geen één heeft in minder tijd de top bereikt. Volgens neurologen hebben onze hersens die periode nodig om alles te assimileren wat voor werkelijke beheersing vereist is. Overigens baart oefening niet alleen Kunst met een grote K. Neem Renée, een jonge Amerikaanse verpleegster die gevraagd wordt een relatief ingewikkeld wiskundig probleem op te lossen. Renée heeft geen wiskundeknobbel. En toch lost ze het vraagstuk op, door er lang mee bezig te zijn en steeds iets nieuws te proberen. Voor talentexpert Malcolm Gladwell hét bewijs dat iedereen wiskunde (of een andere vaardigheid) kan leren.

3. Volharding

Verpleegster Renée laat zien wat ook voor supersterren geldt: je komt er niet met uitsluitend kilometers of uren maken. ‘Trainen als een kip zonder kop brengt je nergens,’ zegt Van Breukelen. ‘Je moet een strategie ontwikkelen hoe je je droom wilt waarmaken.’
Bijvoorbeeld door juist je zwákke kant te trainen. Net als de profvoetballer die er in zijn jeugd achterkwam dat hij met links geen bal kon raken en daarna wekenlang alleen maar met zijn linkerbeen schoot. ‘Het gaat om de kwaliteit van de oefening,’ zegt ook Rikers. ‘Die moet hoogwaardig, toegewijd én doelbewust zijn.’ Psycholoog K.

Anders Ericsson, pionier op dit gebied, noemt het deliberate practice. Nooit tevreden zijn, de lat steeds hoger leggen, doorgaan waar anderen afhaken door alle pijn en teleurstelling heen; dáár word je beter van. Zoals Michael Jackson, die zelfs na zijn eerste openbare Moonwalk niet tevreden was omdat hij een drievoudige in plaats van een viervoudige pirouette had gedraaid. En die voortdurend op zoek was naar Nog Meer en Nog Spectaculairder. ‘Nee, ik sta er niet te veel bij stil dat Thriller het meest verkochte album ooit is,’ antwoordde Jackson op een vraag van een Amerikaanse talk show host. ‘Ik wil niet dat mijn onderbewustzijn denkt: je hebt het allemaal al gedaan. Ik wil juist het gevoel hebben dat ik nog niet alles heb bereikt.’ Een echte topper ploetert door, gedreven door een allesoverheersend verlangen om de beste te worden. Om te winnen van anderen, én van zichzelf.

4. Doelgerichtheid

Succesvolle mensen weten precies wat ze willen. Bijna monomaan werken ze naar hun einddoel toe. Onderweg laten ze zich niet verleiden om te veel zijstapjes te nemen. Anders worden ze één van de velen die op tien terreinen best redelijk kunnen meekomen, maar nergens in uitblinken. Ook voor de kortere termijn is doelgerichtheid belangrijk. Om effectief te kunnen trainen, moet je je kunnen afsluiten, afleiding vermijden en je concentreren op die grote belangrijke taak.

Wat cracks daarbij van de mindere goden onderscheidt, is de mate waarin zij zichzelf regels opleggen. Dat concludeert Hans van Breukelen uit talloze interviews met ex-voetbalinternationals waarin hij op zoek ging naar het geheim van hun succes. ‘Állemaal geven ze aan dat ze zichzelf – ook in hun puberteit – beperkingen hebben opgelegd. Niet gaan stappen, terwijl teamgenoten en maatjes dat wel deden. Of steeds maar weer dat linkerbeen oefenen, al speel je daardoor vier klassen lager.’

5 Passie

Nummer 1 op de lijst van succesfactoren van Hans van Breukelen. Je vindt je succes – en je geluk – alleen als je iets doet waarvan je ‘helemaal gek van blijdschap wordt’. Vaak liggen daar ook je talenten. Passie is nodig om tegenslagen te kunnen doorstaan en strikte oefenschema’s te kunnen volhouden.
En om tot in je haarwortels gemotiveerd te blijven. Die motivatie moeten mensen uit zichzelf halen. Rikers: ‘In het begin kan stimulans van buitenaf kinderen nog wel motiveren. Maar om verder te komen, moeten ze putten uit hun intrinsieke motivatie. Uit onderzoek onder toppers blijkt dat die uitsluitend varen op hun eigen kompas. Ze willen niet beter worden omdat een ander dat wil.’ Cabaretier Hans Teeuwen zegt het zo: ‘Mijn grootste ambitie is spelen, op het podium staan, de dingen doen die ik zélf mooi vind. Met de publieke impact daarvan ben ik niet bezig.’

6 Succesvolle intelligentie

De Termites uit Amerika waren voorbestemd om wereldleiders te worden in wetenschap, kunst of politiek. Jarenlang volgde psycholoog Lewis Terman deze groep hoogbegaafde kinderen met een IQ tussen 140 en 200. Hij testte, analyseerde en noteerde al zijn onderzoeksgegevens in de veronderstelling minstens een paar Nobelprijswinnaars op het spoor te zijn.
Na bijna veertig jaar rondde hij zijn levenswerk gedesillusioneerd af. Geen enkele Termite had de top bereikt en een aantal had zelfs een regelrecht mislukte carrière. Om het nog erger te maken bleken twee kinderen die Terman voor zijn studie had afgewezen vanwege een te laag IQ, inmiddels wel zo’n felbegeerde Nobelprijs in de wacht te hebben gesleept.

‘Intellect en prestatie vertonen een allesbehalve perfecte correlatie,’ concludeerde Terman teleurgesteld. ‘Er is wel een duidelijk verband tussen schoolprestaties en analytische intelligentie,’ legt Rikers uit, ‘maar dat zegt niks over succes.’ Om te slagen in het leven moet je niet alleen analytisch maar vooral ook creatief en praktisch slim handelen. Met het eerste zul je fantastisch scoren op wiskundetesten, maar de laatste twee zorgen ervoor dat je risico’s durft te nemen, op een alternatieve manier naar problemen kunt kijken en je doelen kunt bereiken. Zijn die drie in evenwicht, dan ben je pas ‘succesvol intelligent’.

7. Juiste persoonlijkheid

Optimistisch, besluitvaardig, wilskrachtig, flexibel, energiek, gedisciplineerd, teamworker, doener, competitief: het zijn allemaal persoonlijkheidskenmerken die aan succesvolle mensen worden toegeschreven.
Maar of je een speciale persoonlijkheid moet hebben om succes te hebben? Rikers aarzelt. Onderzoek is er in elk geval nog niet naar gedaan. Natuurlijk helpen bovengenoemde eigenschappen mee. De vraag is echter of de persoonlijkheid het succes bepaalt of het succes de persoonlijkheid. Rikers neigt naar het laatste: ‘De ervaringen van mensen tijdens hun klim naar de top vormen de persoonlijkheid. Bovendien wordt als onderdeel van een opleidingsprogramma meestal ook het karakter aangepakt. Als je je emoties niet onder controle kunt houden, tast dat namelijk je prestaties aan.’ Als voorbeeld noemt Rikers zevenvoudig Wimbledon-winnaar Roger Federer: als kind vrij agressief, nu bijna onderkoeld.

8. Geluk

Volgens Gladwell bepalen niet die individuele eigenschappen, maar externe factoren grotendeels het succes.
Waar je ter wereld komt, wie je tegenkomt in je leven, de omstandigheden waaronder je opgroeit, of je toevallig net aan het begin van het computertijdperk een computer in je schoot geworpen krijgt (wat softwaregigant Bill Gates op zijn 13e overkwam): om uit te blinken heb je een flinke dosis geluk nodig. ‘Ik geloof er niks van,’ reageert Van Breukelen. ‘Succes dwing je af en dan lijkt het alsof het geluk naar je toekomt.’ Het is volgens hem één van de levensmotto’s van Marco van Basten. Eentje die hij ook op zichzelf toepast: ‘Toen Van Basten merkte dat hij bij Ajax als coach dat succes niet kon afdwingen is hij opgestapt, in plaats van te blijven zitten en op “geluk” te wachten.’ Gladwell zou toegeeflijk glimlachen. Volgens hem denken alle geslaagde, selfmade mensen dat zij het helemaal zelf gedaan hebben. Maar nadere analyse van hun succesverhalen wijst uit dat zelfs zíj geholpen zijn door toevallige kansen en mazzeltjes.

9. De juiste ouders

Wat hebben Michael Jackson en de Polgár-zusjes gemeen? Een bloedfanatieke vader die het succes van zijn kind tot levensdoel heeft gemaakt.
‘Ouders moeten er veel voor over hebben. Denk alleen maar aan het voortdurende heen en weer rijden naar optredens of sportwedstrijden. Soms moet het hele gezin verhuizen. En financieel is het vaak een flinke aderlating.’ Ook het opvoedklimaat is van belang. Een kind dat opgroeit bij ouders die zijn talenten koesteren, is het beste af. Daardoor ontwikkelt hij al op jonge leeftijd een gevoel van entitlement: hij vindt het niet meer dan logisch dat hij met respect behandeld wordt en krijgt wat hem toekomt. Hij treedt het leven met zelfvertrouwen tegemoet in de zekere wetenschap dat het hem wel zal lukken: de ‘Yes, I can!’-houding die ook Obama geen windeieren heeft gelegd. Daarmee heeft hij een enorme voorsprong op even getalenteerde kinderen die vechten tegen een minderwaardigheidscomplex of faalangst. Overigens hebben creatieve genieën doorgaans juist meer baat bij een ongelukkige jeugd met veel emotionele problemen en tragische gebeurtenissen, blijkt uit onderzoek. Ten slotte maakt ook de sociaaleconomische status van ouders uit: hoe
welvarender, hoe meer kansen.

Zo maak je van je kind een succes

  1. Geef hem de ruimte om zich te ontwikkelen en zijn talenten te ontdekken
  2. Bied mogelijkheden om sterke kanten te ontplooien
  3. Stimuleer en inspireer
  4. Ondersteun
  5. Waardeer zijn inspanningen
  6. Bied een luisterend oor en een sterke schouder
  7. Wees bereid jezelf (af en toe) weg te cijferen
  8. Vier ook de kleine successen
  9. Leer hem dat hij ervoor moet werken
  10. Geef daarin zelf het goede voorbeeld
  11. En het belangrijkste: laat ze vooral plezier hebben. Iedereen is een topper op zijn eigen niveau!

 

Dit artikel is geschreven door Anne Elzinga voor J/M voor Ouders.

Reageer op artikel:
Elk kind kan de top bereiken
Sluiten