Geen plek voor Kees

redactie 22 jun 2018 Blogs

Afgelopen weekend heb ik eindelijk de documentaire 'Het beste voor Kees' gezien. Kees is 49 jaar oud, autistisch en hij woont nog bij zijn vader en moeder, die inmiddels al rond de 80 zijn. Zijn ouders zoeken een plek voor hem, voor later.

Ik had de documentaire al een tijdje op mijn kijklijstje staan, maar was er eerder niet voor in de stemming. Nadenken over later vind ik nog steeds ingewikkeld.

Ik vond het een indrukwekkende documentaire. Goed gemaakt, met respect voor alle betrokkenen en nergens tendentieus. De documentaire is zo gemaakt dat je aan het einde begrip hebt voor de hele familie Momma, voor de ouders, voor Kees en ook voor de broers van Kees en hun vrouwen. En dat je nog dagen stof hebt tot nadenken en napraten.

Kees is autistisch, dat zie je direct. Hij is ook behoorlijk intelligent. En op zijn eigen manier heel grappig. Met zijn prachtige volzinnen, zijn enorme, wat archaïsche woordenschat en zijn nadrukkelijke, bekakte dictie lijkt hij soms zo weggelopen uit een Koot & Bie-sketch. De scène waarin hij een Duitse wegpiraat de huid vol scheldt, is in zijn soort hilarisch.

Die scène schetst meteen het grootste probleem van Kees, of eigenlijk van zijn ouders. De ouders van Kees zijn ongelofelijk lieve mensen. Ze hebben voor Kees een omgeving gecreëerd waarin hij zich het grootste deel van de tijd veilig voelt, wat bijzonder is voor een autist. Zijn moeder heeft, en dat is nog bijzonderder, Kees geleerd zijn gevoelens te verwoorden. Voor mensen met autisme is het moeilijk om te weten wat ze voelen omdat het meestal zo veel is en zo veel door elkaar, waardoor verwarring en overprikkeling overblijven. Kees weet wel wat hij voelt en kan dat ook in mooie bewoordingen ('vreselijke penarietoestand') benoemen.

Ik heb veel bewondering voor het engelengeduld van Kees' ouders, maar als moeder van een meisje met autisme dacht ik ook: Kees heeft nooit geleerd dat er grenzen zijn. Hij krijgt alle ruimte voor zijn overprikkeling – die er ook echt is – en die ruimte benut hij ook volledig. Iedere ouder van een autistisch kind kent het probleem van 'blijven hangen in de emotie': als het treintje eenmaal rijdt, stopt het niet meer. Maar uit ervaring weet ik dat het vaak wel kán stoppen, met hulp van buitenaf. En dat het ook moet stoppen. Voor het kind zelf, omdat het niet fijn is als een rotgevoel niet weggaat, maar ook voor de omgeving. Yaël blijft een paar keer per dag 'ergens in hangen' en ik begrens dat wel, met allerlei geheime tactieken, om de doodeenvoudige reden dat ik anders zelf geen leven heb.

Kees wordt niet begrensd. Dus wordt hij al woest op zijn ouders als de koektrommel te hard dichtgaat. De broers van Kees noemen hem 'verwend' en ik begrijp dat ze dat vinden. En deze orthopedagoog vindt er ook het zijne van.

Punt is dat als de ouders van Kees er straks niet meer zijn, Kees nooit heeft geleerd dat gevoelens soms 'klaar' zijn en dat niet de hele wereld rekening met hem kan houden. Daarom kan hij het in een andere omgeving nog knap lastig krijgen. Zijn moeder weet dat en ik had de indruk dat ze daarom elke poging om een geschikte plek voor Kees te vinden, zorgvuldig frustreert. Zo vond ze dat Kees in een project met sociale woningen voor mensen met een beperking, een vrijstaand huis moest krijgen. Haar man leek zich even te generen en de gemeenteambtenaar reageerde verbijsterd. En ik als kijker dacht: zou die plek voor Kees er ooit komen?

Reageer op artikel:
Geen plek voor Kees
Sluiten