Geniet van een opgeruimd huis

redactie 21 jun 2018 Ouders

Een georganiseerd huishouden, dat willen we allemaal wel. Maar hoe krijg je het zo en hoe hóud je het zo? Het kost minder moeite dan je denkt. Huishoudcoach Els Jacobs barst van de praktische tips.

Forget the dog, beware of the kids! verwelkomt een spreuk bij de voordeur de bezoeker van het huis van José Witte (41), haar man Hans (43) en hun drie zonen Tijmen (10), Milan (7) en Sam (5). Aan de buitenkant verschilt huize Witte in geen enkel opzicht van de omringende huizen uit de gezinsvriendelijke woonwijk in Leidsche Rijn. Niets wijst op een ontplofte binnenkant. Toch 'slingert er overal wel wat en is geen enkel plekje in het huis vrij van rondzwervende spullen,' schreef José in een mail aan J/M. Zij is één van de tientallen lezeressen en een enkele lezer die reageerden op de vraag of ze zin hadden in een opgeruimd huis en een georganiseerd huishouden. Zelden kon een oproep van J/M op zoveel respons rekenen. 'HELP!' mailt er één. 'Ik zou héél graag hulp willen en heel veel advies,' schrijft een ander.

In overleg met huishoudcoach Els Jacobs – die voor dat fijne huis moet gaan zorgen – selecteren we José als de gelukkige die een ochtend lang advies en tips van Els krijgt. Het treft; we bellen net op José's verjaardag. Dit aanbod voelt als een extra cadeautje.

Opgeruimd = meer grip

José heeft geen gemakkelijke tijd achter de rug. Eind 2011 verongelukte haar broer. Nog geen half jaar later kreeg José's vader een nier van haar moeder. 'Dat is heel mooi, maar om aan de zijlijn te moeten staan als je ouders tegelijkertijd de operatiekamer in worden gereden en daarna lang moeten revalideren…' Een tijd lang hing ze, zoals ze zelf zegt, boven een kuil en hield ze zich krampachtig vast aan een spijkertje. Totdat ze ineens een enorme zet kreeg en toch viel. Een flinke burnout. Hoofd als een zeef, moe, chaotisch. Inmiddels is ze ruim twee maanden verder en voelt ze zich langzaamaan weer wat energieker. 'Ik wil nu mijn schouders eronder zetten. Ik laat het er niet bij zitten,' zegt ze strijdvaardig. Als ze het thuis nu maar eerst op de rit krijgt, dan heeft ze meer grip op haar leven en komt dat werk daarna ook wel weer. 'Vaak werkt het inderdaad zo,' volgens Els Jacobs. Bij veel van haar klanten loopt het zowel thuis als op het werk niet zo lekker. 'Het lukt mensen om heel veel ballen in de lucht te houden totdat er iets ingrijpends gebeurt.' Een burnout, zoals bij José, of een echtscheiding, verhuizing, relatie–crisis, ontslag. 'Het gezinsleven verandert ineens. Normale routines werken niet meer; het moet zich allemaal opnieuw zetten. Eigenlijk zou je dan om de tafel moeten gaan zitten om te bespreken hoe je zorgt dat alles weer soepel gaat lopen.'

Stapels en achterstanden

Wij zitten bij José aan de eettafel voor de eerste stap in haar opruimproces. Ze somt al haar knelpunten op. Die laten zich in twee woorden samenvatten: stapels en achterstanden. Vooral de eettafel blijkt een doorn in haar oog. Inderdaad staan er, verstopt achter een vaas bloemen, een paar bakken met papieren. En als je verder kijkt, slingeren hier en daar ook nog wel wat andere verdwaalde spullen. Schoenen en tassen in de keuken, tekeningen en post naast de water-koker, wanten op de centrale verwarming, een poncho, zweetbandjes, een gesigneerde honkbal in een houten bak op tafel. En dan zijn we nog niet eens boven geweest. Want ook in de kinderkamers gaat het niet helemaal zoals José zou willen. En op zolder staat een hoek helemaal vol met spullen waarvan ze niet weet wat ze ermee moet. Waarvan ze al jaren niet weet wat ze ermee moet.

Wat doe je waar?

'Als je je huis wilt opruimen, moet je eerst weten wat je waar doet of zou willen doen,' trapt Els de opruimsessie af. Neem de keuken. Daar vinden – naast de gewone zaken als koken, bakken, koffiezetten en lunchpakketjes maken – ook wat minder gebruikelijke of geordende gebeurtenissen plaats. De cadeaubonnen in de keukenlade getuigen daarvan. 'Dat is zo gegroeid. En later kwamen daar de zwembadabonnementen en de zwempassen enzo bij,' zegt José. Dat hoort eigenlijk niet, vindt ze. 'Loop je er blind naartoe als je ze nodig hebt?' vraagt Els. José beaamt dat. Dan moet ze het vooral zo laten: 'Wat werkt moet je niet veranderen.'

Dat geldt ook voor het tandenpoetsen. Al een half jaar probeert José haar zoons naar boven te dirigeren om daar hun gebit te reinigen na het eten. Tevergeefs. 'Je kunt beter je huis aanpassen aan je gewoonten dan andersom,' stelt Els haar gerust. Anders ga je tegen de stroom inroeien. Het huis moet er voor jou zijn, jij bent er niet voor het huis! Zet dus liever een bakje neer voor de tandenborstels, eventueel met een plaatje erop zodat de jongens weten dat ze ze daarin moeten opbergen. En wat doen die medicijnverpakkingen daar op het aanrecht? Tja, die hebben ook transportproblemen naar boven, bekent José. Ze worden nou eenmaal hier geslikt. Ook daarvoor raadt Els een kek kindveilig opruimbakje aan. Laat je niet gek maken door woontijdschriften die voorschrijven dat dat niet hoort. Niemand heeft zo'n modelhuis. Hier wordt gelééfd.

Vul kasten voor driekwart

We gaan verder met de keuken-inspectie. Kastjes en laden worden opengetrokken. Op zich is José heel tevreden met de servieskast; alle borden staan zo voor het grijpen. Alleen, er komt wel steeds iets nieuws bij. Daar gaat je ordentelijke kastinrichting. 'Eén erin betekent één eruit,' tipt Els. Spullen hebben net als mensen lucht nodig. Vul zo'n kast voor driekwart op en zorg dat je hand er nog tussen kan. Anders krijg je een duw- en stuwinrichting in plaats van een 'pak- en vind'-variant. Els is sowieso erg van 'de wet van het maximum'. Puilt een bewaarplek – tas, kist, kast – uit, leeg hem dan.

Weinig consideratie heeft Els met de paaskipjes die ze in een van de bovenkastjes ontwaart. Die kipjes zijn – net als alle andere overtollige spullen in, onder, achter en op je kasten, laden, tafels en vloeren – -typische voorbeelden van een uitgestelde beslissing. Je weet even niet wat je ermee moet en zet ze dan 'tijdelijk' ergens neer. Kenmerk van dat soort spullen is dat ze gaan zwerven. En dat ze in noodsituaties – visite! – in een Albert Heijn-kratje terechtkomen, waardoor ze even uit het zicht zijn. Ze zorgen voor vermoeiende en stressvolle knipperlichtjes in je hoofd. Die waarschuwingssignalen dat er iets niet klopt, doven uit als je wél een besluit neemt. Kost het opruimen minder dan vijf minuten, doe het dan direct, raadt Els haar klanten altijd aan. De vrolijke hennetjes moeten naar zolder. 'Er zijn maar weinig spullen die daar horen, maar voor seizoensartikelen, kampeergerei, zomer- of winterkleding en buitenspeeldingen is de vliering een prima plek.'

Maak het jezelf makkelijk

Is de lijst van (wenselijke) activiteiten per ruimte compleet, dan volgt stap 2: cluster wat gevoelsmatig bij elkaar hoort. José's keuken kent zes zones: het kook-, lunch/ontbijt-, koffie/thee-, schoonmaak-, voorraad- en tandenpoets/medicijnkwartier. Is eenmaal duidelijk wat je waar doet, dan weet je ook waar wat hoort. Dan blijkt ineens dat het koffiezetapparaat en de waterkoker beter op het aanrecht onder de kopjeskast kunnen staan dan aan de andere kant van de keuken op een apart tafeltje. Zo maak je het jezelf zo makkelijk mogelijk en daar gaat het allemaal om. Bovendien kun je dan ook per zone aan de slag. Dat is stap 3, de actiefase. Dan sla je echt aan het opruimen. 

'Waar wil je het liefst beginnen?' vraagt Els. Nou, als het gaat om uitgestelde beslissingen, dan is de zolder wel een geschikte kandidaat, antwoordt José. Els kijkt weifelend. Iedereen wil altijd daar starten, weet ze. En waarom? Om een plekje vrij te maken voor al die spullen waarvan ze geen afstand kunnen doen. Inderdaad, voor al die uitgestelde beslissingen. Begin liever op een plek waar je veel komt en/of waar je je aan ergert. José twijfelt geen moment: de eettafel. Die met die stapels. Het ergste vindt ze dat de rapporten van de jongens óók op zo'n berg zijn terechtgekomen. Haar ouders leerden haar altijd dat iets zo belangrijk is als de waarde die je eraan geeft. 'Maar die rapporten liggen dáár! Wat voor boodschap geef ik mijn kinderen als ik ze gewoon op één grote hoop smijt?' Els is het met haar eens. Sommige spullen moet je belangrijk maken. Geef ze een ereplaatsje. Alles wat je minder vaak gebruikt of mooi vindt, hoort in de coulissen en waar je niet blij van wordt, moet weg. Maar maak er niet direct een megaproject van. Dan brand je geheid af. Doe het stukje bij beetje. Stel harde targets: elke dag niet meer dan een kwartiertje. Of formuleer een haalbaar doel voor jezelf (de kapstok, de krantenbak). Houd je daaraan, maar neem – wat er ook gebeurt – wél een beslissing wat je met de zooi doet.

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Veel mensen hebben daar nou juist zo'n moeite mee. Maar Els weet uit ervaring: ook hier maken zachte heelmeesters stinkende wonden (soms letterlijk). 'Dus José: scheid je papieren in een doebak en een bewaarbak.' In de eerste bak zitten de paperassen waar je op korte termijn wat mee moet: rekeningen, belastingpapieren. Heb je de doe-artikelen afgehandeld, dan verdwijnen ze in de bewaar- of afvalbak. In de bewaarbak komen alle documenten die je even nog niet kwijt wilt: is die vol, dan zul je alsnog een beslissing moeten nemen. 'En waar laat ik al mijn garantie-bewijzen?' vraagt José. 'Eh, doe die lekker in een gesloten plastic doos, zet 'm op een plek waar je er geen last van hebt en vergeet hem dan. Hoe vaak heb je die nou nog nodig?' Mensen proberen ze vaak in een ingewikkeld insteekhoezenstelsel te bewaren. Lukt niet: dit laat zich niet in een systeem proppen. Van eindeloos en gedetailleerd archiveren is Els ook geen voorstander. Je doe-papieren zijn de belangrijkste papieren. Steek in alle andere documenten alsjeblieft niet te veel tijd en energie.

En ten slotte: zorg eerst dat het praktisch werkt voor je je om het esthetische bekommert. Twee plastic -opbergcassettes zijn misschien niet zo mooi, maar je kunt ze altijd later nog vervangen door verantwoorde Rivièra Maison-bakken.

Betrek je gezin erbij

Nog tijdens Els' uitleg zit José te popelen om aan de slag te gaan. Die rapporten, die gaat ze direct op de kast zetten. Al doet ze alleen dat maar, dan is ze volgens Els al goed bezig. Ze is er dan namelijk vandaag hoe dan ook beter aan toe dan gisteren. Maar José wil toch nog iets verder gaan; ze gaat met haar jongens een inventarisatie maken van de meest logische inrichting van de kinderkamers. Een prima plan. Zo worden ook de kinderen aangestoken door de huiselijke organisatiedrift. Als uitsmijter geeft Els nog een tip uit haar eigen huishoudpraktijk: houd elke avond een tienminuten-opruimrondje waaraan elk gezinslid meedoet. Haar tweelingdochters van 8 krijgen dan de makkelijkste klussen. Dat vraagt Els niet, nee: dat deelt ze mee. Maar ze maakt de opdrachten wel heel concreet: stop je knuffels in de bak, hang de jasjes aan de kapstok en zet je schoenen op de gang. In het begin zullen je kinderen je misschien aankijken of je gek geworden bent, maar uiteindelijk doen ze gewoon mee. En merken ze dat het makkelijker wordt naarmate pa en ma hun spullen een vastere plek hebben gegeven!

Reageer op artikel:
Geniet van een opgeruimd huis
Sluiten