Homofilie

Kinderen van tegenwoordig zijn veel wijzer dan vroeger. Dat hoor je oude mensen vaak zeggen. Ze bedoelen daar volgens mij mee dat kinderen zich op jonge leeftijd al als kleine volwassenen kunnen gedragen. Ze lijken alles al te weten en te kunnen. Dat had je vroeger niet.

Ik denk juist vaak het tegenovergestelde: kinderen lijken al heel vroeg wijs, maar veel van wat wij als bekend veronderstellen, is voor kinderen nog een mysterie.

Ik noem maar wat voorbeelden:

Sam: ‘Mama, ‘homo’ mag je toch niet zeggen?’

Ik: ‘Homo? Waarom niet?’

Sam: ‘Nou, het is toch een scheldwoord?’

Ik: ‘Hoe kom je daar nou bij?’

Sam: ‘Nou, dat zegt Ronnie altijd.’

Ik: ‘Wat raar zeg.’

Sam: ‘Ja, heel raar. Maar wat betekent homo dan?’

Ik: ‘Nou gewoon, dat mannen op mannen verliefd worden, en graag met elkaar willen trouwen. Of vrouwen die op vrouwen verliefd worden, dat kan ook.’

Sam: ˜Maar Ronnie roept altijd homo als kinderen iets doms doen, bijvoorbeeld bij voetbal, als je de bal mist of zo. Maar dat klopt dus niet.’

Ik: ‘Nee, dat klopt niet’.

Ook mijn dochter worstelt met vraagstukken. Tijdens het eten vraagt ze: ‘Hoe ziet de binnenkant van je keel eruit?’ En: ˜Kan je je ogen uit je hoofd halen?

En tijdens het fietsen: ‘Wat zit er onder het fietspad?’

Ik: ‘Aarde.’

Nuschka: ‘En daaronder?’

Ik: ‘Water.’

Nuschka:’En daaronder?’

Ik:˜Ehh… Gloeiende steenmassa?’

Nuschka: ˜O… En wonen er onder de grond eigenlijk ook mensen?’

En laatst, tegen een Indiase vriendin van mij: ‘Kom jij uit Afrika?’ En over de – wat oudere – nieuwe partner van mijn Indiase vriendin: ‘Mama, is dat haar opa?’

Bij dit soort vragen is mijn eerste gedachte: interessante onderwerpen! Ongewone relaties tussen mensen, het menselijk lichaam van buiten en van binnen, verschillende werelddelen en bijbehorende rassen… daar zouden ze op school iets mee moeten doen.

De gedachte die daarop volgt, is het denkbeeldige gesprek met de leerkracht: ˜Homofilie? Nou, dat vinden we wel een beetje ver gaan voor de kleuters. Maar het onderwerp treiteren komt wel uitgebreid aan de orde bij de vreedzame school hoor!

En de binnenkant van je keel? ˜Nee, daar hebben we het eigenlijk ook niet over in de lessen. Maar we werken wel met het thema “menselijk lichaam†hoor: de armen, de benen, het gezicht. Maar de binnenkant van het lichaam, nee, dat hebben we nog niet in ons programma opgenomen

De gedachte die daar dan weer op volgt, is dat zo'n gesprek met de leerkracht ook heel anders zou kunnen verlopen. Misschien zijn de lessen vreedzame school, biologie en burgerschapsvorming veel diepgaander dan ik vermoed.

En de gedachte waarmee ik het onderwerp maar laat rusten, is: ˜Ach nee. Misschien moet ik de leerkrachten er helemaal niet mee lastig vallen. Straks blijft er niets meer over om de kinderen thuis te leren. En verder is die naiviteit van kinderen ook wel heel erg schattig. Dat ze veel mogen leren, maar ook nog heel lang verrassende vragen blijven stellen.'

Reageer op artikel:
Homofilie
Sluiten