Hufters

redactie 21 jun 2018 Blogs

Het was een gewone nacht. Niet eens erg laat. Niet eens erg broeierig. Toch veranderde deze nacht mijn stoere dochter in een bange vlinder. Met dank aan een stelletje hufters.

Voor de duvel niet bang. Dat typeerde mijn dochter altijd. Beresterk: met handjedruk wint ze het nog steeds van haar jongere broers. Goed van de tongriem gesneden: op haar veertiende siste ze een tienjarig Marokkaantje dat haar tot ˜lekker neuken' aanspoorde toe dat ze zijn moeder had kunnen zijn. Avontuurlijk: ze reisde vier maanden door Azie.

Als Amsterdamse had ze al heel wat geweld meegemaakt. Ooit was er een vechtpartij om haar ontstaan tussen haar vrienden en een paar proleten die haar lastig vielen. Ze was erbij toen een vriend 's nachts in elkaar werd geslagen die probeerde zijn vriendinnetje te beschermen tegen soortgelijke etters. En ze troostte haar vriendin die op klaarlichte dag was aangerand. Het bracht haar niet van haar stuk.

Die redt zich wel, dachten wij daarom. Tot die bewuste nacht. Ze had dat stuk al zeker 500 keer gefietst. Ze kende er elke steen. Ze was daarom totaal niet voorbereid op die harde ruk aan haar stuur. Zelfs stoere, sterke meisjes hebben daar geen weerwoord op. Met een keiharde klap viel ze op de grond, bloedend en met haar fiets bovenop haar. Door haar oogharen zag ze nog net twee hufters op een scooter wegscheuren. Zonder haar tas, waarop ze het hadden gemunt.

De schrammen en wonden zijn inmiddels geheeld. Maar binnenin is er iets onherstelbaar kapot. Ze durft niet meer alleen in het donker over straat. Veel erger is dat ze haar onwrikbare vertrouwen in de mensheid kwijt is. Zij, die het altijd opnam voor straatratjes als anderen zich daar laatdunkend en ongenuanceerd over uitlieten. Die tegen elke vorm van discriminatie en racisme was. Die zelfs in Marc Dutroux nog iets goeds zag. Zij weet het even niet meer. En wij? Wij weten het eerlijk gezegd ook even niet meer.

Reageer op artikel:
Hufters
Sluiten