Ik ben zo blij als ze iets doet wat niet mag

redactie 21 jun 2018 Blogs

‘Aaaah, aaah, aaah’ klinkt het al een halfuur uit Yaëls slaapkamer. Yaël slaapt nog niet, zoals gewoonlijk. Het duurt vaak uren voor ze in slaap valt, hoe moe ze ook is als we haar in bed leggen. Toch maar even kijken of ze niet gepoept heeft.

Ze ligt opgekruld in een hoekje van haar hekkenbed en komt niet overeind als ik om de hoek kijk. Wat ligt ze daar raar. Ik maak het hek open en zie dat ze met een elleboogje klem zit tussen de spijlen. Ze kijkt me aaah-aaah’end aan, met een rood aangelopen gezicht. Met wat wrikken weet ik haar te bevrijden. ‘Zat je vast, kleine beer, kon je niet loskomen?’ zeg ik. ‘Zat je vast met je armpje? Niet meer doen hè, lieverd, je armpje door de spijlen steken.’ Lachend kruipt ze in haar slaapzak naar me toe. Dan kijkt ze me uitdagend aan, kruipt weer naar het hoekje en steekt, me ondeugend aankijkend, haar armpje weer tussen de spijlen door. Ik moet onwillekeurig lachen om haar gedrag.

Yaël heeft het afgelopen halfjaar ontdekt dat het leuk en grappig is om stout te zijn. En ik, ik reageer totaal verkeerd op deze nieuwe ontwikkeling. Ik ben zo blij met deze nieuwe stap dat ik steeds moet lachen als ze weer iets doet wat niet mag. Ik vind het zo slim van haar, ik ben zo blij dat ze eindelijk het concept ‘stout zijn’ snapt, dat ze zulk normaal gedrag laat zien.

Vanmiddag hadden we weer zo’n moment. Ik had een klein laagje melk in haar speciale beker geschonken en zei nadrukkelijk: ‘Goed vastpakken met twee handjes en netjes drinken.’ Ze pakte de beker en goot, met weer die grote lach, de melk over zich heen. Ik schaterde het uit en zij ook. Voor de vorm zei ik nog, quasistreng: ‘Dat is niet netjes drinken.’ Maar de stemming zat er al goed in en het werd een melkballet. Wat een intelligent kind, dacht ik weer, dat ze snapt dat het grappig is om iets heel anders te doen dan er van haar verwacht wordt.

Ik moet haar nu echt gaan opvoeden, zeg ik steeds tegen mezelf. Niet blijven hangen in het ‘o wat knap, ze kan iets nieuws’, ook al kan ze maar zelden iets nieuws. Maar het lukt me slecht. Als ik er met een vriendin over praat, realiseer ik me dat er ook iets anders is wat me ervan weerhoudt streng op te treden: ik vind Yaël zielig en daarom krijg ik het niet voor elkaar haar consequent te corrigeren.

Ik vind Yaël zielig omdat ze zo vaak overprikkeld is en omdat ik niet goed weet hoe ze zich voelt als ze zich terugtrekt in allerlei tics. Als ze ik-weet-niet-hoe-lang een kastdeurtje dichtslaat of een pannendeksel laat draaien. Ik vind haar ook zielig omdat ze van de week voor de zoveelste keer geprikt moest worden. Ik moest weer denken aan alle nare onderzoeken die ze al gehad heeft. Hoe ik haar in bedwang hield toen er elektroden op haar hoofdje werden geplakt, voor weer een EEG. Hoe ik haar voor het eerst de vieze medicijnen gaf, waar ze in het begin soms van moest overgeven. En hoe ik haar stevig vasthield toen ze tegenstribbelend onder narcose gebracht werd voor nog maar een hersenonderzoek. Allemaal gebeurtenissen die gemaakt hebben dat ik me altijd een beetje schuldig voel als moeder.

Er is al zoveel van dit meisje gevraagd in haar korte leven, denk ik soms. Mag ze dan nu misschien onbekommerd lol hebben als ze mijn bril van mijn neus probeert te pakken of hard lachend wegrent met mijn telefoon?

Nee, het mag niet, blijf ik tegen mezelf zeggen. Want anders wordt deze grappige, stoute kleuter misschien wel een heel vervelend, verwend prinsesje.

Reageer op artikel:
Ik ben zo blij als ze iets doet wat niet mag
Sluiten