Jasper gaat aan de Ritalin

redactie 19 jun 2018 ADHD

Het gedrag van Jasper (8) loopt zo uit de hand, dat zijn ouders hem toch maar aan de medicijnen zetten. Met grote weerstand, want: ‘Jongens zijn nu eenmaal jongens. Dus zijn ze druk, dat is geen reden voor een pilletje.’

‘Papa, kijk eens.’ Jasper zit gebogen over een puzzel van zo’n tachtig gekleurde blokjes, waarmee hij allerlei patronen kan leggen. Het zal een volkomen normaal tafereel zijn in honderdduizenden huishoudens, maar dit is Jasper. Dit is de Jasper die normaal alle blokjes op één hoop gooit, om er vervolgens zijn broertjes mee te gaan bekogelen. Maar het is ook de Jasper die ik, voor het eerst in zijn leven, een pilletje tegen zijn ADHD heb gegeven.

Daarna moet ik even een boodschap doen en een uur later sms’t mijn vrouw een foto van Jasper die een heel ingewikkeld patroon van blokjes heeft gelegd. Ik zet de auto aan de kant omdat de tranen me in de ogen springen. Van blijdschap (‘Het werkt’), van spijt (‘Dit hadden we jaren eerder moeten doen’) maar ook van angst (‘Is dit onze Jasper nog wel?’). Want ja, ik was altijd een fel tegenstander van medicatie. Jongens zijn nu eenmaal jongens, dus zijn ze druk en maken ze ruzie. Er is geen enkele reden om daar een etiketje ‘ADHD’ op te plakken en er pillen in te gaan proppen. Jasper heeft geen probleem met de maatschappij, maar de maatschappij heeft een probleem met Jasper.

Live with it. En meer van dat soort stoere taal. Totdat we voor de vierde keer bij het particuliere bureau voor opvoedingsondersteuning zitten, omdat Jasper hele boze buien heeft. We hebben bijna elke dag hooglopende ruzie, waarbij ik voor ‘sukkel’ wordt uitgemaakt en waarbij Jasper zo hard met deuren slaat dat de gaten in de muur vallen. De vriendelijke en verstandige mevrouw van het opvoedbureau, die ik verdenk van een licht holistische inslag, oppert bij ons zoveelste bezoek voorzichtig of we al eens aan medicatie hebben gedacht. Nou ja! Als zelfs verstandige, holistische opvoedingsdeskundigen over medicijnen beginnen, moeten we er misschien toch maar eens over nadenken.

De eerste stop is de huisarts. Die wil er zijn vingers niet aan branden en verwijst ons door naar de kinderarts. Nu hoor ik van een vriend, die een zoon in het speciaal onderwijs heeft, dat er in elke regio kinder-artsen zijn die makkelijk pillen voorschrijven. Schooldirecteuren, zo wil zijn verhaal, weten precies welke artsen dat zijn, zodat ze ouders van drukke leerlingen heel gericht kunnen doorverwijzen. Of het verhaal klopt weet ik niet, maar áls het klopt staat onze kinderarts zeker hoog op het lijstje van die directeuren. Want onze arts is een duidelijk voorstander van medicijnen: ‘Ze kunnen een hoop leed wegnemen.’ En het loont volgens hem altijd de moeite om het gewoon te proberen, dan zie je vanzelf of het werkt. De arts heeft zijn powerpointdemonstratie standaard op scherp staan, en ratelt er met Jasper even doorheen. ‘Als je besluit om iets te gaan doen, gaat een stofje in je hersenen van het ene punt naar het andere. Maar als je ADHD hebt, blijft dat stofje niet zitten. En daardoor ga je steeds halverwege weer iets anders doen. Dit pilletje zorgt ervoor dat het stofje bij jou wél blijft zitten.’ Jasper knikt bedeesd. Wij ook – in godsnaam dan maar.

We krijgen een recept voor pilletjes met methylfenidaat (de werkzame stof in ADHD-medicijnen). ‘Vooral de bijsluiter niet lezen,’ adviseert mijn speciaal-onderwijs vriend. Het blijkt een eindeloze opsomming te zijn van bijwerkingen als ‘hoofdpijn’, ‘gewrichtspijn’ en ‘agressief gedrag’ tot ‘depressie’, ‘bloed in de urine’ en – ik verzin dit niet – ‘plotselinge dood’. Zelf zien we meteen al twee bijwerkingen. De eerste is slapeloosheid, want Jasper stuitert om tien uur ’s avonds nog door zijn kamer. De tweede is een praatkick. Hij ratelt aan één stuk door over allerlei onderwerpen die naadloos in elkaar overvloeien, van konijnen fokken tot hotdogs eten en president Obama.

Maar wacht eens even: slapeloosheid en een praatkick? Dat herinner ik me nog uit de woelige jaren tachtig, toen de halve klas uit mijn journalistenopleiding aan de amfetamine (speed, in vaktermen) zat. Even googelen leert dat methylfenidaat inderdaad een amfetamine-achtige structuur heeft, en dat het net als amfetamine onder de Opiumwet valt. We hebben ons kind aan de harddrugs gezet. De tabletjes hebben een kortdurende werking, zodat we wat kunnen experimenteren met de doseringen en de tijdstippen waarop Jasper de pillen moet innemen. Ik wil hem een stripje tabletten meegeven naar school, in zijn lunchtrommel, zodat hij ze zelf tussen de middag kan pakken. Maar mijn vrouw oppert bijtijds dat het niet erg verstandig is: het spul valt immers onder de Opiumwet, en je weet nooit of andere leerlingen er niet mee aan de haal gaan. Ze heeft een punt. Ik besluit om in de middagpauzes zelf maar langs te gaan om Jasper zijn pillen te geven. Dat wil ik niet midden in de klas doen, want ik hoop het een beetje stil te houden dat Jasper medicijnen krijgt. Er wordt al genoeg geroddeld op zo’n basisschool.

Dus staan Jasper en ik een paar dagen rond lunchtijd wat te rommelen in het toilet, totdat ik me bedenk dat gerommel op het toilet tot veel meer geroddel kan leiden dan het openlijk uitdelen van een pilletje. Gelukkig biedt de juf aan de taak van me over te nemen. Jasper zal niet de eerste leerling zijn die in de pauze een ADHDtabletje krijgt. Ook weer opgelost. Volgens de juf lijkt Jasper meer geconcentreerd in de klas, en thuis merk ik het ook bij het maken van zijn dyslexie-huiswerk.

Tijdens het huiswerk is Jasper rustiger, ijveriger, nou ja: vlijtiger, om maar eens een jarenvijftigwoord te gebruiken. Hij doet zijn best en is zichtbaar trots als hij een oefening goed maakt. En dat vlijtige gedrag komt dan in plaats van: zo onduidelijk mogelijk schrijven, onafgebroken gillen dat huiswerk ‘kaa uu tee’ is en het door de kamer smijten van pennen. Ook ouders van vriendjes – we hebben het geheim van de medicatie aan een aantal mensen verteld – vinden Jasper veranderd. In zijn voordeel? Nou ja, hij is wel eh… rustiger geworden, krijgen we als antwoord. Maar ook wat – ja, hoe zullen ze dat nu netjes zeggen? – ook wat zombieachtig. Eigenlijk vonden ze de oude Jasper leuker. Maar ja, zíj hoeven ook niet steeds de gaten in hun muren te
vullen.

Het enige probleem is dat Jasper de pilletjes steeds minder goed door zijn keel krijgt. De tabletjes zijn even groot als zoetjes. Maar hoe we ze ook aanbieden, in een lepel appelmoes of vanillevla; Jasper bijt ze steevast tussen zijn kiezen kapot. En springt dan vijf minuten op en neer omdat hij zo’n vieze smaak in zijn mond heeft. De speciaal-onderwijs vriend (we bellen heel wat af, dezer dagen) weet te vertellen dat de tabletten soms ook worden vermalen en opgesnoven – kiddy-coke schijnt dat te heten. Het kan een broodje aap zijn, maar het brengt me wel op een idee. Ik maal een stuk of twintig tabletten fijn in mijn hippe Jamie Oliver vijzel, en het zo verkregen poeder laat zich aardig verstoppen in vla of appelmoes.

Na een maand is Jasper gewend aan de medicijnen en krijgt hij zijn definitieve pillen. Ook met methylfenidaat, maar dan time released zodat de stof in de loop van de dag gelijkmatig wordt afgegeven. Deze tabletten werken van ’s ochtends vroeg tot circa drie uur ’s middags, dus precies tijdens de schooltijden. De pillen zijn grote capsules die je (officieel) mag openbreken, en het paarse poeder dat dan vrijkomt laat zich eten als snoepgoed – zeker als ik het op een lepel slagroomvla strooi.

Ondertussen zijn de bijeffecten minder geworden: Jasper lijkt minder zombieachtig en minder praatziek. En de slapeloosheid bestrijden we met pilletjes melatonine, die we gewoon bij de drogist kunnen kopen. Dan komt het moment van de waarheid: nemen we de medicijnen ook mee op vakantie? Laten we Jasper dan weer Jasper zijn, of kiezen we voor onze eigen rust? Dat vindt de dokter een verkeerde vraag. ‘Bij Jasper is het erg druk in zijn hoofd. Door die pillen wordt hij rustiger, en dan kan hij zelf toch ook meer genieten van de vakantie?’ Meer aansporing heb ik niet nodig om een grootverpakking pillen in de koffer te gooien. Na de vakantie zien we wel weer verder, maar nu eerst: rust in de tent.

 

Reageer op artikel:
Jasper gaat aan de Ritalin
Sluiten