Koekie weet wanneer een kind mishandeld is

redactie 21 jun 2018 Blogs

Vier ochtenden per week fiets ik rond achten met Koekie, onze 10-jarige pleegzoon, naar school. Koekie's ochtendhumeur is tegen de tijd dat we vertrekken redelijk bijgetrokken. Zeker sinds we een maand geleden gestopt zijn met tv-kijken. Nu komt hij meestal met een cd in zijn hand naar beneden; in het begin Ray Charles, nu zit hij in zijn Jeugd-van- Tegenwoordig-periode.

Omdat ik 's ochtends op mijn best ben – ik heb eerder last van een avondhumeur – en omdat Koekie elke dag opnieuw graag naar school gaat, is het meestal een vrolijke fietstocht. Die duurt ruim tien minuten, dus hebben we de tijd voor een gesprek. Meestal gaat dat over zaken die Koekie van levensbelang vindt: auto's, speelgoed, honden.

Deze week slaagde ik er zowaar in zelf twee onderwerpen in te brengen.

Hij had een armbandje gekregen van Jade, een meisje dat ook op zijn school en naschoolse opvang zit. Zijn eerste verkering. Maar die had hij uitgemaakt. Want ze commandeerde hem te veel; hij moest ook zaken opknappen voor haar vriendinnen en dat ging hem te ver. Maar omdat ze zo verdrietig werd, nadat hij haar zijn besluit had meegedeeld, had hij het ook weer aangemaakt. Daarna verbrak zij de verkering. Maar nu was het weer aan, vandaar het armbandje. Het was al heel wat dat hij ons dat verteld had, zo open is hij meestal niet.

˜Dus het is weer aan met Jade? vroeg ik hem terwijl ik naast hem ging fietsen.

˜Frans, daar wil ik het niet over hebben, zei hij.

˜Ik wel, zei ik.

˜Goed, zei hij. ˜We hebben het erover als we een gele auto zien.

Nou zijn er bijna geen gele auto's, maar de zin was nauwelijks zijn mond uit, of we zagen in de verte een gele auto rijden. We keken elkaar aan en ons goede humeur veranderde in een voortreffelijk humeur. Koekie lachte zo hard, dat hij nauwelijks nog recht kon fietsen.

˜Ja? vroeg ik. ˜Jij en Jade hebben weer verkering?

Toen hij zijn lach weer in bedwang had, zei hij: ˜Ja. En ik wilde eigenlijk zeggen dat we erover konden praten als we een groene auto zagen.

Die kwamen we dan weer niet tegen.

Later in de week zagen we de vader van een klasgenootje. De man lijkt altijd de last van de wereld mee te dragen op zijn schouders. Licht voorover gebogen, ernstige en trieste blik. Ik wees Koekie daarop.

˜Dat komt omdat hij als kind veel geslagen is, zei Koekie.

˜Hoe weet je dat? vroeg ik.

˜Dat weet ik, zei hij.

˜Kinderen worden toch niet geslagen, zei ik.

˜Jawel, heel veel kinderen worden hard geslagen, zei hij.

Ik dacht een opening te zien om weer eens wat meer over zijn verleden te weten te komen en vroeg: ˜Ben jij vroeger ook geslagen?

Zonder antwoord te geven, fietste hij als een speer bij me weg.

Onderwijl weet ik dat aandringen geen zin heeft. Als hij ergens niet over wil praten, dan praat hij er niet over. Dan kun je een vraag honderd keer herhalen, maar dan zal hij blijven zwijgen of, in het beste geval, middels een wedervraag overschakelen op een ander onderwerp.

Hier moest ik het mee doen. Over zijn verkering met Jade was hij kort, maar wel duidelijk. Over mishandelde kinderen mag ik verder alleen maar speculeren. Bedoelde hij nou te zeggen dat hij zelf vroeger veel en hard geslagen is?

Toen ik hem weer ingehaald had, zei hij: ˜Frans kijk eens wat ik kan. In het veel te drukke verkeer fietste hij met losse handen. Hij keek me triomfantelijk aan.

Reageer op artikel:
Koekie weet wanneer een kind mishandeld is
Sluiten