Meidenruzie

redactie 22 jun 2018 Blogs

De meest beruchte klas uit leerjaar 3 mocht ik les gaan geven. Ik zou liegen als ik niet zou zeggen dat ik er best zenuwachtig voor was; tijdens het vorige schooljaar heeft een aantal dames in deze klas ervoor gezorgd dat er een vervelende sfeer hing en er moeilijk met ze te werken was.

Ik besluit iets te doen waar ze niet op rekenen. Ik vertel de klas tijdens de eerste les dat ik heb gesmeekt bij de directeur om ze les te mogen geven. Ze vallen nog net niet van hun stoel van verbazing.
‘Zo, we waren echt erg hoor vorig jaar!’ roept een van de dames.
Toch lijkt het ijs gebroken en werk ik de eerste weken heerlijk met deze klas.

Maar dan slaat het om. De dames zijn verstrikt geraakt in een conflict. Ze hebben ruzie over heel belangrijke dingen, want ‘zij heeft iets over haar gezegd tegen die ander en zij heeft het weer doorverteld en er is helemaal niets van waar!’. De goede sfeer die er was, is ingeruild voor het oude bekende van het vorige schooljaar.
Een aantal weigert nog met elkaar te praten, maar als ik voorstel om op vrijdagmiddag een meidenmiddag met iets lekkers te organiseren, stemmen ze gelukkig in.  

Vrijdagmiddag.
De tafels zijn aan de kant geschoven en we zitten in een kring. Iedereen heeft iets te drinken gepakt en knaagt op een koekje. Alle dames zijn aanwezig, ook degenen die eigenlijk niets met de ruzie te maken hebben, maar wel last hebben van de negatieve sfeer. Deze middag is niet zozeer bedoeld om de ruzie uit te praten, maar om elkaar beter te leren kennen.

Ik teken een ijsberg op het bord en leg uit dat je aan de buitenwereld alleen het topje van de ijsberg laat zien. Wat daaronder zit – je diepste gevoelens en gedachten – laat je vaak niet zien, want dat maakt je kwetsbaar. Ik vraag aan de meiden of zij vandaag bereid zijn om een klein stukje van wat onder water ligt aan elkaar te laten zien.
Dat willen ze wel.

Om het makkelijker te maken begin ik zelf. Ik vertel dat ik me vroeger als puber wel eens heel naar kon gedragen, omdat ik me van binnen eigenlijk heel verdrietig voelde, maar dat niet wilde laten zien aan de buitenwereld. Op sommige gezichten lees ik herkenning in mijn verhaal. Een meisje dat vaak recalcitrant gedrag vertoont, vertelt over haar ervaringen thuis en barst in snikken uit. Een paar lieve klasgenoten omhelzen haar. Een paar anderen kijken verbaasd en zeggen dat ze haar nog nooit hadden zien huilen. Zo komt van het ene verhaal het andere verhaal en zitten we uiteindelijk allemaal met een tissue in de hand om onze neus te snuiten. Niet om de tranen te drogen, want die mogen er zijn. De leerlingen delen en troosten.
Het is half 4 geweest als ik op de klok kijk. Ik moet nog wat werk doen, maar wil eigenlijk niet inbreken in deze mooie middag. Ik stel aan de leerlingen voor om de week erna nog eens bij elkaar te gaan zitten.
‘Oh, maar juf, u kunt wel gaan hoor. We kunnen het nu zelf. Wij ruimen het lokaal wel op als we klaar zijn.’

Het is half 5 als de lady’s mij komen vertellen dat alles weer goed is en ik ze vervolgens samen door het hek naar huis zie gaan. De lessen erna lijkt er niets meer aan de hand.

Wat een eer dat ik toeschouwer mocht zijn van dit proces en wat ben ik trots op deze lieve meiden.

Reageer op artikel:
Meidenruzie
Sluiten