Ongelijke monniken

redactie 21 jun 2018 Blogs

Ik heb meerdere keren tegen mijn stiefkinderen gezegd dat we doordeweeks geen tv kijken bij het ontbijt. We zitten gewoon aan tafel en worstelen ons gezellig gezamenlijk door het eerste uur van de dag heen – we hebben allemaal een koude start.

Maar laatst vroeg mijn jongste of ze alsjeblieft even tv mocht kijken terwijl ik me aan het aankleden was. Ze zou echt haar broodje opeten tijdens het kijken en ook haar melk niet omgooien. We waren die ochtend maar een half gezin, de oudste twee waren er niet, en ze hield haar hoofd heel schattig scheef en zei alsjeblieeeeft met lange klinkers. En ik zei ˜ja is goed' en daar baal ik nu van.

Ik wil geen onderscheid maken tussen mijn stiefkinderen en mijn eigen kroost. Iemand zei laatst dat je wanneer je ons tegenkwam, je niet kon zien welk kind bij mij hoorde en welk kind eigenlijk niet. Qua gedrag dan, want het wel of niet hebben van krullen is een redelijke weggever. Ik vind dat een mooi compliment. Belangrijk ook.

Ik moet toegeven dat het soms toch anders werkt en ook anders voelt – al mijn correctheid en goede intenties ten spijt. Ik houd van alle drie de kinderen en ze mogen alle drie direct al mijn organen hebben, laat dat duidelijk zijn. Maar ik kom erachter dat het niet altijd moeilijker is om stiefkinderen op te voeden, het is in sommige gevallen makkelijker. Ik ben niet chantabel. Ze kunnen hun hoofd zo scheef houden dat het er bijna afvalt of de grootst mogelijke hondenogen opzetten, nee is nee. De zeurknop werkt niet als zij erop drukken en blijkbaar wel als mijn eigen dochter erop drukt. Met als gevolg dat de oudste twee bijna niet zeuren want het heeft geen enkele zin. Ik heb zelfs lange tijd gedacht dat het zeurloze kinderen waren, totdat ik ze het volledige repertoire zag afdraaien bij hun moeder. Daar gaat de natuur gewoon zijn volle gang.

Gelukkig betrap ik mezelf er nooit op dat ik onderscheid tussen de kinderen maak als ze allemaal hier zijn. Krullen of geen krullen, er bestaan geen tweedehands burgers in ons huis. De crux is dat ik bij het ene kind het zeuren wat moet remmen en bij de andere twee wat moet aanmoedigen. Soms wat zwichten voor de scheve hoofdjes. En dan stem ik af en toe in, geef ik toe als niemand het verwacht, gewoon voor de gekkigheid.

Nog even en de stiefjes hebben overigens prima door dat ze hun jongere zusje naar voren moeten schuiven als ze iets gedaan willen krijgen. Zo kruipt het bloed waar het niet gaan kan, druk maar op mijn knoppen.

Reageer op artikel:
Ongelijke monniken
Sluiten