Op de voorgrond

redactie 21 jun 2018 Gedrag

antwoord

Een heerlijk wijs, verstandig en mondig kind voor zijn leeftijd! Maar aan de andere kant een kind dat soms nog moet leren wanneer hij ‘kind’ mag zijn, of even zijn plek moet weten. Hij is zoals hij is en dat mag hij ook zijn. 
Dus hem accepteren is heel belangrijk, maar natuurlijk is het goed om hem daarnaast wel te leren hoe het voor anderen ook prettig is. Daarmee help je hem zich zo te ontwikkelen dat anderen hem ook waarderen en prettig in de omgang vinden. Goed dus dat je erover nadenkt. 

Ik denk dat je een aantal dingen kan doen:

  • Accepteer dat dit bij hem hoort. Dat heeft voordelen en soms mindere kanten, maar dat zou ook zo zijn als hij bijvoorbeeld heel verlegen was. Het is de aard van het beestje, maar je kunt natuurlijk wel een beetje bijsturen in zijn eigen belang.
  • Let erop dat je een kind met een groot verantwoordelijkheidsgevoel en die zich ouder gedraagt – zoals hij – niet te veel aanspreekt op dit stukje. Hij moet het juist een beetje minder doen. Doe er dus zelf niet (onbewust) ook een beroep op. Je kunt dit ook op school bespreken.
  • Hij kan alles goed verwoorden en heeft snel een (goed) weerwoord. Argumenten aandragen is prima, maar het moeten geen oeverloze discussies worden tussen ouder en kind. Soms beslis jij als ouder gewoon – ongeacht zijn argumenten. Vertel hem wanneer hij over iets kan overleggen en wanneer iets jouw beslissing is. Kap argumenten af en ga er ook zelf niet weer op in. Wees heel duidelijk. ‘Je hebt vast heel goede argumenten, maar we doen het nu even zoals ik aangeef, punt.’ De valkuil is om als volwassene hele gesprekken met hem aan te gaan. Dat hoeft niet en het is goed hem te leren dat je soms gewoon iets moet doen of moet luisteren naar een volwassene of autoriteit. Op andere momenten kun je heerlijk met hem in gesprek en luisteren naar zijn argumenten en mening.
  • Je kunt eens met school bespreken hoe jij erin staat en kijken of zij een afspraak met hem willen maken, over hoe vaak hij bij bepaalde lessen (waar hij het steeds doet) zijn vinger mag opsteken of een beurt krijgt. Zo kan hij (speels) leren dat anderen ook de kans moeten krijgen en dat je niet altijd hoeft te laten zien dat je het ook weet. 
  • Bespreek af en toe met hem wat het met andere kinderen doet als steeds één kind het woord heeft of neemt. Hoe voelt dat? Waar kan het voor zorgen? Wat is dus handig en wat niet? Zo leer je hem zich te verplaatsen in de anderen uit de groep. Zeg hem hierbij altijd dat het van hem heel goed bedoeld is – want dat is het ook. Laat hem gewoon zien wat het kan doen met anderen en hoe hij er een goede balans in kan vinden. Dat is lastig als het in je aard zit, maar hij kan er zeker nog in leren.
Reageer op artikel:
Op de voorgrond
Sluiten