Ouderbetrokkenheid

Leerkrachten houden van betrokken ouders. Althans, dat denken de meeste ouders. Maar de meeste leerkrachten houden ouders liever op afstand. Ouderbetrokkenheid staat gelijk aan opdringerigheid, geklaag, wantrouwen en bemoeienis. Vooral de zogenaamde witte scholen, met veel hoogopgeleide ouders, hebben te kampen met de bemoeizuchtige ouder: de ouder die het liefst zelf voor de klas zou willen staan, die altijd kritisch is over de inhoud. Na schooltijd glipt deze ouder altijd nog de klas in om het ˜nog heel even over zijn of haar kind te hebben, of weet hij het 10-minutengesprek weer eens op te rekken tot het drievoudige.

Op de zogenaamde zwarte scholen klagen leerkrachten weer dat ouders alleen komen opdagen als er iets te vieren valt. Ze komen dan in drommen aanzetten om taarten te bakken en de klas te versieren. Maar zich interesseren voor de inhoud, ho maar.

Tot welk type ik mezelf mag rekenen weet ik eigenlijk niet. Aan taarten bakken heb ik nooit veel plezier beleefd en ik heb de moed niet om eindeloze discussies te voeren over het welbevinden van mijn kinderen. Wel leefde ik tot voor kort in de veronderstelling dat wat extra inspanning en betrokkenheid van de ouder, het kind altijd ten goede komt. Als leerkrachten enthousiast zijn over bepaalde ouders, zullen de kinderen van deze ouders ook van de goede relatie profiteren. En zo sprong ik altijd in als leerkrachten omhoog zaten en hield ik me gedeisd als dat nodig was. Dat ik tegen het einde van het jaar toch hier en daar een kritische opmerking heb laten vallen over het niveau van het onderwijs, of vragen heb gesteld over de toetsprocedures, is me niet in dank afgenomen. Liever hadden de leerkrachten waarschijnlijk gezien dat ik me neutraal had opgesteld, open, onbevangen, geinteresseerd, positief ingesteld; en niet als een moeder die zich als onderwijsadviseur gedraagt.

Natuurlijk begrijp ik dat. En zo haastte ik me in die laatste week, op die laatste schooldag naar de winkel, om iets aardigs te kopen. Iets moois, waarmee ik de leerkrachten van mijn kinderen duidelijk kon maken dat ik ook heus het beste met ze voor had. Ik struinde winkel na winkel af, op zoek naar iets persoonlijks. Iets wat niet kneuterig, maar ook niet te overdreven over zou komen. De zoektocht bezorgde me zweetdruppels op het voorhoofd, maar uiteindelijk was ik geslaagd. Met een persoonlijk cadeau en een ludieke kaart, spoedde ik me richting school. Eenmaal gearriveerd, drong tot me door dat de leerkrachten andere dingen aan hun hoofd hadden dan cadeaus uitpakken van ouders en beleefdheidspraatjes houden. Ze renden gehaast door de school, gooiden de laatste stoelen op de tafels, om zo snel mogelijk die deur achter zich dicht te kunnen trekken. Want EINDELIJK was het vakantie. Wat hadden ze daar lang naar uit gekeken. De pakjes verdwenen ongeopend in de handtassen, een vluchtig handje, en ja, ja, heel attent hoor, dank en tot ziens.

Plotseling moest ik weer denken aan de allereerste juf van Sam, toen we nog in Amsterdam woonden. Die zei op een dag tegen mij: ˜Weet je Emma, er is een kindje in de groep, die heeft zo'n rare moeder. Die blijft me maar lastig vallen met vragen over haar kind en over mijn aanpak. Laatst was de les al begonnen en ik dacht dat alle ouders waren weggegaan. Plotseling zag ik dat die moeder in de gang tussen twee boekenkasten in was gaan zitten. Vanachter die kast bespiedde ze mij en haar kind!' De juf was woedend geworden en had geeist dat de moeder onmiddellijk zou vertrekken. Maar toen ík het verhaal hoorde, had ik met die moeder te doen. Je kinderen naar school laten gaan, is een proces van loslaten. En hoe scholen ook verkondigen dat ze ouderbetrokkenheid hoog in het vaandel hebben staan, er blijft toch vaak een kloof bestaan tussen leerkrachten en ouders, hoe jammer beide partijen dat ook vinden.

Reageer op artikel:
Ouderbetrokkenheid
Sluiten