Ouders lijden aan faalangst

redactie 19 jun 2018 Ontspannen

Verzorgen, stimuleren en vooral ook beschermen. We willen zo goed opvoeden, dat we daar uiterst onzeker van worden. En ook gefrustreerd. ‘Je kunt nooit voldoen aan de torenhoge eisen die je jezelf stelt.’ 

Hip, geinig, zacht en vrolijk. We hadden in eerste instantie geen idee waarvoor de naar J/M opgestuurde piepschuimen rechthoek bedoeld was. Totdat een redactielid de meegestuurde brief las: het was een kussentje voor achterop de fiets. Onze kinderen zouden eens beurse billetjes van de bagagedrager krijgen!

Ouders doen er alles aan om hun kind te beschermen. Op de fiets, in het verkeer, in het leven. We nemen het opvoeden bloedserieus, blijkt uit het representatieve J/M Opvoedonderzoek uit 2010 dat door bureau Team Vier onder bijna zeshonderd vaders en moeders werd uitgevoerd. En we denken dat we ons kind kunnen maken en breken. We hebben (zeer) grote invloed op het zelfvertrouwen van ons kind, meent bijvoorbeeld 94 procent van de onderzochte ouders. Ook hun psychische en lichamelijke gezondheid, schoolcarrière, mogelijkheden om relaties op te bouwen en hun maatschappelijk succes liggen in onze hand.

Deze verantwoordelijkheid weegt zwaar, toont ons onderzoek aan. Want de overtuiging dat een kind maakbaar is, heeft een keerzijde: je kunt het ook faliekant fout doen. Ouders worden daar onzeker en faalangstig van. Je kunt je echt niet met een zesje van je ouderschap afmaken, zegt 78 procent. Sterker nog: je hoort je volgens een kleine meerderheid zelfs op te offeren voor je kind. Is het gek dat 88 procent het ouderschap als vermoeiend en af en toe behoorlijk stressvol ervaart? Zes op de tien ouders hebben regelmatig het gevoel niet genoeg te doen. Een derde denkt dat hij zelfs ronduit tekortschiet. De grote verantwoordelijkheid en de angst voor mislukking maken ouders (over)bezorgd (48 procent) en soms zelfs overbeschermend. En inderdaad, meer dan de helft betrapt zich erop dat hij soms een beslissing neemt die zijn kind eigenlijk allang zelf had kunnen nemen. Of iets regelt wat het best zelf kan. We beschermen onze kinderen het liefst 24 uur per dag onder onze veilige paraplu. Soms zelfs als het níet regent.

'Opvoeden is topsport geworden,' zegt psycholoog Steven Pont. 'Vroeger was je met een schone luier, een gevulde maag en genoeg slaap wel klaar als ouder. Jouw taak was kinderen op te voeden tot fatsoenlijke burgers. Nu is geluk het hoogste doel van de opvoeding. En ouders zijn degenen die daarvoor moeten zorgen.'

De ouderlijke faalangst wordt bovendien voortdurend gevoed. Want nu alles tegenwoordig getest en gemeten wordt, weten ouders vanaf dag één of hun kind afwijkt van de norm. Pont: 'Ouders worden bestookt met pedagogische informatie over het ontwikkelingspotentieel van kinderen en tips om dat ten volle te benutten. Lukt dat niet, dan hebben ze als ouder gefaald, is de boodschap. Goed genoeg is niet meer voldoende.'

Te veel beschermen

'Ik probeer mijn dochters Pauline (7), Eva (6) en Violet (6) altijd in het zicht te houden en bij ze te zijn.' Edwin Picauly is één van de (57 procent) ouders die zegt dat hij voor zijn capaciteiten als security-guard minstens een 8 verdient. 'Sommige vriendinnetjes mogen in hun eentje de straat oversteken. Dat vind ik niet goed. Ik loop altijd met ze mee. Wanneer ze het wel kunnen? Weet ik niet. Daar heb ik nog niet over nagedacht.'

Bianca van Gelder wéét dat ze soms te veel bovenop haar kinderen Devi (12), Shai (11) en Indi (8) zit. 'Heb je je medicijnen ingenomen? Heb je je gymkleren bij je? Jáháá, antwoorden ze dan geïrriteerd. Maar ik blijf het doen tot ze het honderd procent zelf kunnen.'
Haar 8-jarige dochter gaat alleen gewapend met een walkietalkie en een mobiel de straat op. 'Ze is heel nieuwsgierig en impulsief. Nergens bang voor. Loopt zo met iedereen mee. Via de walkietalkie houden we contact. Als ik haar niet zie, roep ik haar wel vier á vijf keer per uur op.' De balans ontdekken tussen beschermen en overbeschermen, vindt ze lastig. 'Ik wil ze aan de ene kant niet voor de leeuwen werpen. Maar aan de andere kant moeten ze zich ook kunnen ontwikkelen.'

'Die macht die je over je kind hebt! Je kunt het kapotmaken. Ik ken mensen die na dertig jaar nog steeds last hebben van de manier waarop zij zijn opgevoed,' zegt Prisca Hoes, moeder van de 14-jarige Amber.

Hoogleraar orthopedagogiek Carlo Schuengel wordt echter blij van de enquête-uitkomsten. 'Ouders begrijpen blijkbaar heel goed wat opvoeden betekent. Het is een onvolkomen plicht: een plicht waaraan je nooit genoeg doet. Het is net als met de liefde: geen partner zou het pikken als je zegt dat je hem nu wel genoeg geknuffeld hebt.' Volgens Schuengel is wetenschappelijk bewezen dat kinderen beïnvloed worden door hun ouders. Althans waar het gaat om hun sociaal functioneren, hun zelfbeeld en hun school– en maatschappelijk succes. 'De overtuiging dat je veel invloed hebt, heeft een gunstige uitwerking op je opvoeding en dus op je kind. Mensen doen meer hun best als ze denken dat iets ze gaat lukken.'

Opboksen tegen andere ouders

We ergeren ons behoorlijk aan andere ouders, blijkt ook uit het onderzoek. Die overdrijven vaak (16 procent) of soms (63 procent). Belachelijk, noemt 88 procent die moeders die elkaar steeds maar proberen af te troeven. Iets minder mensen, maar nog altijd 57 procent, vindt dat veel moeders de slaaf van hun eigen kind(eren) zijn. Volgens vier op de tien maken veel ouders onzelfstandige watjes van hun kinderen. Degenen die hun kind pushen of opscheppen over diens bovenmenselijke prestaties roepen de meeste irritatie op. Vooral andere moeders hebben er een handje van lotgenoten op te zwepen. De Mommy Wars, noemen ze dat in Amerika. Volgens moeder Prisca Hoes begint dat al in de babytijd. 'Kan ze zich nog niet omdraaien? Schrijft ze haar naam al? Zit ze pas in Avi-3?'

Vader Edwin Picauly merkt hoe groot de verleiding is mee te doen met andere ouders. Hij en zijn vrouw vonden zichzelf bij de 7e verjaardag van hun oudste dochter ineens terug in het Kinderkookcafé, terwijl ze zich vast hadden voorgenomen feestjes thuis te vieren. Maar ja, al haar vriendinnetjes verjaren buiten de deur en je wilt zo'n kind niet teleurstellen. Nou ging het hier maar om een verjaardagspartijtje. Maar voor je het weet, laat je je verleiden tot zaken die je diep in je hart eigenlijk overdreven vindt.

Ook naar het onderwijs stellen ouders zich steeds assertiever op. Met een vmbo-advies nemend de meesten geen genoegen, weet leerkracht Hans Gude, die sinds 1975 in het basisonderwijs werkt. 'Door thuis met ze te werken willen ouders hun kind helpen beter te worden. Prima! Ik regel dan wel werkbladen en extra oefeningen.' De enquêteresultaten onderstrepen hoe belangrijk ouders een goede scholing vinden: 85 procent ziet het als zijn ouderlijke plicht om te zorgen voor de beste opleiding en bijna de helft oefent thuis voor toetsen en proefwerken. 'Ouders bemoeien zich meer met het onderwijs dan 35 jaar geleden. Je moet resultaten laten zien en je kunnen verantwoorden. Werd je gezag als docent vroeger zonder meer geaccepteerd, nu moet je dat bewijzen,' aldus Hans Gude.

Een land vol watjes?

Tot voor kort zag Prisca Hoes altijd en overal beren op de weg. 'Omdat ik Amber alleen opvoed, had ik het gevoel dat ik continu bij haar moest zijn. De hele dag liep ik achter haar aan. “Moet je geen huiswerk doen?” “Hoe laat ben je thuis?” En als ze dan onverhoopt wat later was, hing ik meteen aan de telefoon. “Waar zit je nu?” Zelfs in bed lag ik nog te malen: heeft ze haar geodriehoek wel ingepakt? Hoor ik MSN-piepjes? Zelf had ik daardoor ook nooit rust. Ik wilde wel loslaten, maar kon het gewoon niet.'

Prisca behoorde tot wat Amerikanen hyperparents noemen: superbezorgde stresskippen die hun kind overbeschermen, erbovenop zitten en met privélessen zijn IQ proberen op te krikken. De vraag is of wij Nederlanders dezelfde kant opgaan. Duidelijk is dat we (nog) niet zo gek zijn als de Amerikanen. Voor ons geen sensormatjes in de wieg, kniebeschermers voor kruipers of een slot op de wc-deksel. We nemen onze kinderen ook zeker niet alles uit handen, ook al koken we wel eens apart voor ze (69 procent), schrijven we soms ten onrechte een absentiebriefje (28 procent) en zien we sportkleren wassen, boodschappen doen en de lunchtrommel inpakken voor ons basisschoolkind als een exclusief ouderlijke taak. En ze mogen van ons ook best alleen op pad. Vroeg of laat laten we ze in bomen klimmen, in open water zwemmen of alleen thuisblijven.

Maar toch. We moeten uitkijken dat we niet doorslaan. De onderzoeksgegevens tonen aan dat er inmiddels (ongemerkt) enige hypertrekjes in ons ouderschap en onze opvoeding zijn geslopen. Zelf zien we dat – als we heel eerlijk zijn – ook best in. Als je jezelf op een schaal van 1 tot 10 een controlfreak-cijfer van 7 of hoger geeft (wat 42 procent doet), realiseer je je dat je misschien toch iets freakerigs hebt. Van andere ouders herkennen we de tekenen zeker. Het meest sprekende bewijs is de toename van het aantal ouders dat zich zorgen maakt over zijn kind. Was dat in 2007 nog 58 procent; in 2010 is dat gestegen naar 72 procent.

Relax een beetje

Deskundigen zijn er niet uit of we ons wel of geen zorgen moeten maken over opkomend überouderschap. 'Kinderen die “de kracht van frustratie” hebben leren kennen, worden sterker, weerbaarder, zelfverzekerder en sociaal vaardiger dan watjes voor wie alle problemen zijn weggemasseerd. Door alle hobbels weg te nemen, geef je kinderen geen kans om zelfstandig hun weg te vinden,' vindt Steven Pont. 'De impliciete boodschap is: ik vertrouw er niet op dat jij dat kan. Niet best voor het opbouwen van een krachtig zelfbeeld. En als je niet uitkijkt, creëer je daarmee een levenslange afhankelijkheid.'

Volgens orthopedagoog Carlo Schuengel loopt het allemaal zo'n vaart niet. 'Er is geen sterk wetenschappelijk bewijs dat overbeschermde kinderen schade oplopen. De natuurlijke drang om te exploreren is zo groot, dat hyperouder je er niet zomaar uit. Wat we wel zeker weten, is dat kinderen meer op zichzelf en hun omgeving vertrouwen als ze gekoesterd zijn door ouders die echt naar ze luisteren.' Ouders zouden op basis van dit onderzoek juist een compliment moeten krijgen, vindt hij. 'Ze nemen opvoeding en verzorging heel serieus en proberen daarin de beste weg te vinden.'

Maar iets minder gestrest opvoeden kan geen kwaad. Daar is Prisca Hoes inmiddels achter. Onlangs ging bij haar de knop om. 'Ik had gewoon geen eigen leven meer. Was alleen maar aan het zorgen. Nu laat ik Amber veel meer los en plan ik vrije avonden voor mezelf. Het resultaat is verbluffend. Ik merk dat Amber veel meer kan dan ik dacht. Zó leuk om te zien! Mijn vertrouwen in haar is gegroeid. Amber en ik zijn allebei veel relaxter en vrolijker.'
 

Reageer op artikel:
Ouders lijden aan faalangst
Sluiten