Opvoeden als grootouder

Beantwoord door:

vraag

Vandaag las ik uw rubriek in J/M bij de huisarts. Uw advies aan ouders hoe om te gaan met kleine kinderen - zeker bij ondeugendheid en straffen et cetera - gaf mij te denken. Als opa mis ik stukken hoe ik mijn kleinkinderen moeten benaderen, wanneer wij wekelijks 1 a 2 dagen oppassen. Zij zijn dan in een andere omgeving en wat mij ook frappeert is hoe kinderen na zo’n dag bij opa en oma reageren naar elkaar en hun ouders. Is dit iets wat u herkent?

antwoord

Grootouders hebben in het leven van hun kleinkind een bijzondere positie. Als opa en oma er zijn, is het bijzonder. Dan mag er altijd net wat meer, word je als kind lekker verwend met veel aandacht, kleinigheidjes, lekkers en knuffels. Dat hoort zo en is helemaal prima. 

Tegenwoordig hebben veel grootouders echter een dubbelrol: naast opa en oma zijn ze ook oppas-‘grootouder’. En dan is het handig om een andere rol aan te nemen dan de ‘lieve opa en oma bij wie meer mag en die altijd aandacht voor je hebben als ze langskomen’. Heb je als grootouder op regelmatige basis de kleinkinderen een hele dag, dan ben je namelijk mede-opvoeder geworden. Dat is een belangrijk verschil, wat vraagt om een iets andere benadering en aanpak. 

Een paar tips om dat zo goed mogelijk te laten verlopen:

  • Bespreek met de ouders wat zij belangrijk vinden in de opvoeding. Observeer en vraag hoe zij dingen aanpakken bij hun kinderen en wat hun belangrijkste afspraken en regels zijn. Hoe verlopen bij hen de dagelijkse routines? Wanneer je één of twee dagen per week oppast, is het voor kinderen fijn en voor iedereen rustig en duidelijk, als opa en oma daar zo goed mogelijk bij aansluiten. 
  • Het is voor kinderen niet goed als ze op de ‘opa-en-oma’- dagen de hele dag door alle aandacht krijgen. Natuurlijk kun je meer aandacht geven dan papa en mama thuis op een doordeweekse dag, maar leer de kinderen op jullie oppasdagen ook dat ze zelf moeten spelen en zichzelf zo nu en dan moeten vermaken. 
  • Ook als opa en oma moet je regels en grenzen stellen. Kinderen krijgen dan duidelijkheid en het geeft ze houvast. Dat vinden ze fijn (ook al zullen ze dat zelf niet zeggen) en geeft rust. Vaste tijden van eten en slapen, afspraken over meehelpen opruimen, snoepen en zelfstandig dingen doen. Sluit aan bij wat thuis geldt.
  • Het is helemaal niet erg als bij jullie dingen net anders zijn dan thuis, maar het geeft de meeste rust en het beste resultaat als jullie in de basis aansluiten bij hoe het thuis gaat en wat daar de afspraken zijn. Daarnaast kunnen kinderen het onderscheid heel goed maken, op bijvoorbeeld een crèche of school is het ook niet hetzelfde als thuis. 

Als jullie bovenstaande dingen doen, heb je de meeste kans dat de overgang van jullie naar huis ook weer soepel verloopt. Dan is die overgang namelijk minder groot dan wanneer het bij opa en oma alleen maar een feest is en ze thuis weer terug moeten in het gareel of ineens veel minder aandacht krijgen. Vaak gedragen kinderen zich dan thuis dwarser. 
Wellicht doen jullie dit alles al, maar wie weet zit er een tip bij!


Tischa Neve, kinderpsycholoog en J/M opvoedcoach

Tischa Neve is kinderpsycholoog, speltherapeute en J/M's opvoedcoach. Ze woont samen met Koen. Samen hebben ze een zoon, Dim (6), een pleegdochter (20) en doen ze aan crisisopvang voor pleegzorg.

Meer artikelen van deze deskundige | Bezoek website


Gerelateerde artikelen

Tips van de redactie