Schaakcursus – Deel 2: Rare zetten

redactie 21 jun 2018 Schaken

In de eerste aflevering hebben we eigenlijk alleen maar normale zetten gedaan. We hebben gezien hoe je je tegenstander mat kunt zetten in slechts één zet.
Soms verrassend, maar heel normaal allemaal.

Maar dan die rare zetten die het schaakspel rijk is, rokade, promotie, en passant slaan. Zetten die volgens de spelregels allemaal mogen, maar er heel vreemd uitzien. Dat is het mooie van het schaakspel: als je denkt dat je de best wel vreemde paarsprongen goed hebt geleerd, krijg je die rare en vooral geheimzinnige zetten er ook nog eens bij!

Laten we beginnen met de rokade, in oude schaakboeken ook wel geschreven als rochade. De rokade is eigenlijk twee zetten achterelkaar, een met de koning en een met de toren. Je verplaatst je koning twee velden naar rechts of naar links en dan gaat de toren aan de andere kant naast de koning staan. De twee velden waarover de koning komt mogen niet bedreigd of bezet zijn door stukken van jezelf of je tegenstander. Je toren mag wel aangevallen staan als je wilt rokeren.

Een voorbeeld:

Diagram 2.1
Wit mag in bovenstaande stelling niet LANG (koning twee stappen naar links (veld c1), omdat veld d1 door de loper bedreigd wordt.
Wit mag alleen KORT rokeren, dus met de koning twee stappen naar rechts (veld g1) en de toren komt direct links van de koning te staan (veld f1). Zie onderstaand diagram:

Diagram 2.2
Een andere rare zet is trouwens de promotie van een pion. Het pionnetje heeft de minste waarde, maar het kan uitgroeien tot het sterkste stuk.
Als één van jouw pionnen de andere kant van het bord bereikt, dan mag die pion een stuk worden; dus een paard, loper, toren of dame. Meestal wordt een want zij is het sterkste stuk. Niet voor niets schreef grootmeester Hein Donner een liefdesgedicht voor een pion die hem eens de zoete overwinning bracht.

Maar let op, want soms kan het beter zijn om op de laatste rij je pion te laten promoveren tot een toren, loper of paard. Dat zien we in de volgende stelling.
Zwart heeft net een dame gehaald, staat in materiaal voor en dreigt mat. Dat zie je vast wel! Maar zie je ook hoe wit nu met één zet de partij kan winnen?

Diagram 2.3
Wit promoveert zijn pion tot Paard: f8P mat!!

De raarste zet van het schaakspel komt ook voor rekening van de pion. En passant slaaan is wel een heel vreemde slagzet met de pion.
Zoals je waarschijnlijk al weet, mag een pion alleen in de beginstand twee velden vooruit. Als dat gebeurt en die pion komt naast jouw pion te staan dan mag je en passant slaan. Raar aan deze zet is dat de pion die jemag slaan naast jouw pion staat en niet schuin, zoals bij gewoon slaan. Belangrijk is wel: je moet meteen slaan. Dus wil je een vijandelijke pion en passant slaan, dan mag je daar niet een zet mee wachten.

Ook hier weer een voorbeeld. In onderstaande diagram heeft wit 3.c4 gespeeld

Diagram 2.4
En nu mag zwart dus de pion op c4 en passant slaan en zet zijn pion op c3:

Diagram 2.5
Zo, dat zijn de rare zetten van het schaakspel. Vaak zijn het vreemde zetten die een schaakpartij een verrassende wending kunnen geven of zelfs beslissend kunnen zijn, zoals de promotie van een pion. Soms kun je meerdere stukken weggeven (offeren) om zo je kleine pion te laten promoveren tot dame. Dat is wat schaken zo mooi kan maken! Misschien lukt het jou ook wel een keer…

Meer oefenen

Ik kan me voorstellen dat je nog wat wilt oefenen. Dat kan op de computer!
Download de gratis Demo van Stap 1 op de site http://nl.chesstutor.eu/
Op de volledige versie staan veel opgaven en leerzame spelletjes. Aanrader!

Reageer op artikel:
Schaakcursus – Deel 2: Rare zetten
Sluiten