Sporten

redactie 19 jun 2018 Beweging

antwoord

Het lijkt er inderdaad op dat jullie dochter wel geniet van het sporten, maar dat ze het idee van moeten presteren of bekeken te worden nu nog te spannend vindt. De eerste vraag die bij mij opkomt, is of ze dit ook heeft bij presteren op school. Ze zal daar nog niet echt toetsen hebben gehad, maar is ze daar bijvoorbeeld ook angstig voor optredens of testjes? Kinderen met faalangst zijn bang dat ze door een slechte prestatie de waardering van hun ouders, teamgenootjes of juf verliezen. Niet elk kind dat iets spannend vindt, heeft faalangst. Veel kinderen zijn bang om iets nieuws te proberen omdat ze denken dat het misschien zal mislukken. Zeker verlegen kinderen vinden dit vaak spannend.

Een aantal tips om jullie op weg te helpen:

  • Ik zou er inderdaad voor nu niet al te veel aandacht aan besteden en druk op leggen. Dat maakt haar weerzin waarschijnlijk groter en als ze last heeft van faalangst, ziet ze er alleen maar meer tegenop. Hou het luchtig en praat er niet te vaak over. Kijk wanneer zij een ingangetje geeft en ga er dan even op door.
  • Het dansen zonder dat er in haar ogen ‘gepresteerd’ hoeft te worden, verliep prima. Dus misschien kun je zoeken naar iets laagdrempeligs voor haar. Kijk naar dit soort korte cursussen, waar ze een paar keer aan kan meedoen. Mooie oefenmomentjes voor succeservaringen! Ik zou voor dit moment even loslaten dat ze echt op een sport gaat.
  • Benadruk vooral wat haar wel gelukt is, zonder daar een oordeel of vervolg op te laten komen. Zeg er dus niet achter: ‘Zie je wel hoe leuk het was, dan kan je toch ook wel op echt turnen gaan?’ Als ze iets heeft meegedaan wat haar gelukt is, benoem je gewoon hoe leuk het was. Het is fijn voor haar om hier complimentjes over te ontvangen, en te ervaren en horen dat het haar veel leuks oplevert als ze even over die angstdrempel heenstapt. Hierdoor zal ze meer zelfvertrouwen krijgen en zal ze gaan inzien dat ze dingen kan en durft. 
  • Vermijd sporten waar competitie centraal staat. Als het moment daar is, bedenk dan samen met haar welke sport ze fijn zou vinden om te doen. Bij welke sporten gaat het niet per se om het presteren? Misschien wil ze wel ergens anders op dansles, ergens waar ze langzaam kan wennen en niet direct (of helemaal niet) een voorstelling hoeft te geven.
  • Als ze ergens heen gaat, bespreek dan vooraf wat haar kan helpen om het goed te laten verlopen: misschien één van de ouders in de buurt laten blijven tijdens het sporten, een vertrouwd fijn T-shirt aan of even aan de juf vertellen dat ze het spannend vindt, et cetera. Vaak hebben kinderen zelf prima ideeën.
  • Leg haar uit dat het helemaal niet erg is om fouten te maken en dat iedereen wel eens fouten maakt (ook grote mensen). Vertel eventueel ook over eigen ervaringen. 
  • Wanneer ze vertelt over wat ze niet wil rond sporten, neem haar gevoelens dan serieus. Verwoord ze voor haar en erken ze, dat gevoel mag er zijn. Samen kunnen jullie vervolgens kijken naar wat ze wel aandurft of hoe ze iets wel aandurft. 
Reageer op artikel:
Sporten
Sluiten