Zó wordt je kind sterker door stress

redactie 19 jun 2018 Gedrag

Ingrijpende gebeurtenissen kunnen je kind veel stress en verdriet opleveren. We willen kinderen hier graag tegen beschermen, maar een leven zonder tegenslagen bestaat niet. Met deze tips van kinder -en jeugdpsychiater Mirjam Rinne-Albers wordt je kind sterker dóór stress.

Janna werd op haar vierde door haar ouders meegenomen naar een ander land, waar ze hun kind een beter leven wilden geven. De lucht was er inderdaad schoner, de natuur was dichtbij en er kon gespeeld worden op straat. De tegenslag kwam uit andere hoek. Op de dorpsschool bleek een terreurjuf te heersen met een metalen lineaal. Een lerares van de oude stempel, die schreeuwde en soms zelfs mepte. Janna, die 7 was toen ze in die klas kwam, kreeg geen klappen maar lag ’s avonds met buikpijn in bed of zelfs soms ónder haar bed als ze 's ochtends naar school moest.

Haar ouders stapten naar school, dreigden met wettelijke stappen en dat hielp. De juf liet haar lineaal thuis, maar het schreeuwen leerde ze niet af. Omdat er geen andere school was, moest Janna de buien van de overspannen leerkracht twee jaar ondergaan. Haar ouders legden haar thuis uit dat mensen soms hun werk niet goed aankunnen of gewoon vervelend zijn, dat dat Janna’s schuld niet was. Ze troostten haar en hielpen het kind waar ze konden. Buiten school deden ze ook veel leuke dingen. Dat hielp tegen de buikpijn, maar niet altijd.

Kinderen zijn flexibel

Ruim twee jaar later haalt Janna laconiek haar schouders op. Op school gaat het prima, ze haalt hoge cijfers bij een aardige juf. De terreurjuf is inmiddels gepensioneerd, daar hebben ze thuis nog hard om gejuicht. “Maar ik heb wel veel bij haar geleerd”, zegt Janna op haar tiende. Toch denken haar ouders met gemengde gevoelens terug aan die traumatische tijd. Want hoeveel blijvende schade heeft hun dochter toen eigenlijk opgelopen?

“Zo te horen géén”, zegt de Leidse kinder- en jeugdpsychiater Mirjam Rinne-Albers. “Iets is tegenwoordig al gauw een 'trauma' in lekentaal. Maar een leven zonder tegenslagen en moeilijke periodes bestaat gewoon niet, ook niet voor kinderen. Ik roep dus niet zo snel: 'arm kind, wat vreselijk'. Kinderen zijn erg flexibel. Maar we moeten ze in een moeilijke tijd wél zo goed mogelijk helpen. Dat is hier gebeurd. Dit meisje heeft het probleem overwonnen. Ze is op tijd opgevangen en kan achteraf zelf concluderen dat ze er goed doorheen is gekomen. Als ze zelf ziet dat ze dat kennelijk kán, en dat zo’n nare tijd ook weer gewoon voorbijgaat, is dat een positieve levensles. Het kan haar helpen om later, in nieuwe situaties, niet al te snel uit het veld te zijn geslagen.”

Reactie op zware stress

Ook de kinderen van Marian van den Beek zijn opmerkelijk begripvol en wijs, hoewel de ellende die ze met hun vader meemaakten wel een graadje erger was. “Mijn kinderen waren 10 en 13 toen mijn man en ik uit elkaar gingen”, vertelt Marian. “Rechtstreeks het gevolg van zijn zware psychische stoornis. Door zijn depressiviteit was hij zwaar gaan drinken. Dat heeft zich jarenlang opgebouwd. Eerst ging dat grotendeels langs de kinderen heen.” Marians kinderen kregen een paar jaar geleden daadwerkelijk last van de situatie: driekwart jaar grote stress, tot hun vader het gezin verliet. “In die periode werden ze er volop mee geconfronteerd. De rollen waren omgekeerd. Híj gedroeg zich kinderlijk, zij hadden geen andere mogelijkheid dan zich 'volwassen' op te stellen. De situatie verslechterde alleen maar. Natuurlijk was en is er verdriet, boosheid, gemis en teleurstelling. Maar het valt me tegelijkertijd op hoe sterk en stabiel de kinderen zijn.”

Marian vraagt zich af of die houding wel normaal is. Ze ziet dat haar kinderen in bepaald opzicht ‘groter’ zijn dan hun klasgenoten, maar vreest gevolgen voor hun eigen toekomstige relaties. Komt er vroeg of laat misschien toch nog een uitgestelde reactie? Of gaat het gewoon goed; waaraan zie je dat? “Het gaat goed met een kind als het thuis goed gaat, op school en in de vrije tijd“, zegt Rinne-Albers. “Een kind mag natuurlijk somber zijn en verdrietig na stressvolle gebeurtenissen. Maar dat moet niet te lang duren. Een paar weken mag zoiets overheersend aanwezig zijn, maar dat moet wel afnemen. Zelfs bij gebeurtenissen met een enorme impact, zoals de dood van een ouder. Dan is een kind een half jaar tot een jaar regelmatig terecht verdrietig, maar zelfs in zo’n geval moet de gewone draad op school binnen een paar weken, uiterlijk maanden, wel weer zijn opgepakt.”

Drie probleempatronen

De kinder -en jeugdpsychiater wijst op de ontwikkeling die elk kind moet volbrengen. Opgroeien kost energie. In de basisschoolperiode leert een kind hoe het met anderen om moet gaan en hoe school werkt. In de puberteit moet het zijn eigen identiteit ontdekken. “Kinderen moeten ruimte krijgen om met die eigen ontwikkeling bezig te zijn. Dat komt in de knel als ze te veel in beslag worden genomen door problemen thuis.”

Als het niet goed gaat, zijn er drie herkenbare patronen volgens Rinne-Albers:

  • “Er zijn kinderen die lastig worden, gaan provoceren en op een negatieve manier aandacht vragen, door verkeerde vrienden of door een manier van kleden. Zo uiten ze hun boosheid.”
  • “Je ziet ook kinderen die overaangepast zijn. Daarmee zeggen ze: “Laat het maar niet aan mij liggen.” Maar zo komen ze niet toe aan hun natuurlijke emoties.”
  • “Dan zijn er nog kinderen die gewoon buiten beeld verdwijnen. Letterlijk onzichtbaar worden, door niet op te vallen of er niet te zijn. Veel naar vriendjes gaan om de problemen te ontvluchten.”

Let dan op, waarschuwt de kinder -en jeugdpsychiater. “Als de kinderen zich koest houden, komt dat ouders in stress-situaties soms best goed uit: ze hebben zelf al zoveel aan hun hoofd. Ik beweer niet dat een stil of onzichtbaar kind altijd een veeg teken is, maar ik zeg wel: hou ze in de gaten. Laat zoiets als opvoeder niet door je vingers glippen. Zorg dat je beschikbaar bent. Geef ze aandacht en de gelegenheid om zich te uiten. Die momenten moet je zoeken. Met het ene kind kun je er voor gaan zitten, bij de ander is het beter je vragen en passant te stellen. Doe een spelletje, ga samen koken of boodschappen doen. Dan krijgt je kind ruimte om te antwoorden. Grijp meteen de kans aan om te zeggen dat de problemen niet door hem komen, want dat denkt een kind al snel.”

Op eigen manier verwerken

Hoe een kind reageert op een stressvolle gebeurtenis hangt ook af van zijn eigen karakter en de omstandigheden. Moet er verhuisd worden, verslechtert de financiële situatie? “Voor kinderen is het van groot belang wat de context is”, legt Rinne-Albers uit. “De omgeving is belangrijk en routine helpt: zo veel mogelijk doorgaan op school en met clubs. Daaruit putten ze bevestiging en waardering. Dan voelen ze ook dat niet de hele wereld op zijn kop staat.”

Boven alles moet een kind ruimte krijgen het gebeurde op zijn eigen manier te verwerken. Niet elke ouder is in staat er voor zijn kind te zijn als hij zelf door problemen wordt overmand. Volgens Rinne-Albers is dat geen ramp, als het maar wel onder ogen wordt gezien. “Een ouder zou het zijn kind dan moeten gunnen om die aandacht ergens anders te halen. Bij een familielid, een vertrouwenspersoon.” De kinder -en jeugdpsychiater merkt dat ouders dat niet altijd even makkelijk vinden en het zien als eigen falen. “Het is geen gezichtsverlies, het is ook een uiting van ouderlijke zorg. Later kan het weer heel anders zijn als de zaak rustiger is. Maar gun je kind wat warmte en aandacht elders als dat thuis even niet valt te halen. Wees reëel. Als een moeilijke situatie, zoals een zieke partner, veel tijd opslokt: mobiliseer. Haal er anderen bij, een oma, een opa, een buurvrouw of een tante. Een deskundige, als het nodig is. Ouders houden zich vaak veel te groot.”

Kans op angst en depressie

De prijs van ontkenning van de situatie kan hoog zijn. Kinderen kunnen op een nare gebeurtenis gaan reageren met toegenomen angst of depressieve klachten. De kans op depressie is hoger na traumatische – extreme – gebeurtenissen als het kind zich niet op tijd kon uiten. Borderline-deskundige dr. Thomas Rinne, echtgenoot van Mirjam Rinne-Albers, heeft onderzoek gedaan naar biologische littekens door chronische traumatisering in de jeugd. Zelf werkt hij al geruime tijd met vaak ernstig getraumatiseerde asielzoekers-kinderen. “Chronische traumatische stress laat inderdaad meetbare sporen na in de hersenen en in de hormoonhuishouding”, vertelt Rinne. “Als er in de jeugd sprake is van langdurig ernstig trauma, zoals seksueel misbruik of mishandeling, is dat later nog zichtbaar. Dat is onomkeerbaar. Want behandeling met medicijnen op volwassen leeftijd kan dan wel helpen, maar als de behandeling wordt stopgezet komen de klachten weer terug.”

Tegen een stootje kunnen

Hij wijst op studies naar vroegtijdig ingrijpen en zegt voorzichtig: “Als kinderen na een dergelijk trauma al meteen, in de jeugd, worden behandeld met psychotherapie zijn er aanwijzingen dat dat proces in de hersenen nog kan worden teruggedraaid. Bij kleiner leed is bewezen dat er geen blijvende schade hoeft te zijn. Als tegenover een negatieve ervaring een positieve ervaring wordt gezet, zouden de hersenen daarop reageren. Dat is ook bij proefdieren aangetoond. Van te veel stress wordt hun systeem ontregeld en het gedragspatroon verstoord. Maar van kleinere hoeveelheden stress, die ze kunnen hanteren, worden ze sterker.”

Kinderen die een moeilijke tijd hebben doorstaan – en goed zijn opgevangen en de gebeurtenis hebben verwerkt – kunnen later soms ook beter tegen een stootje. Als volwassene deinzen ze misschien minder snel terug van situaties die een ander als ‘eng’ ervaart. “Zulke kinderen kunnen zich dan meer openstellen dan iemand die daar door een andere jeugd helemaal niet mee kan omgaan”, zegt Rinne.

Tips van de kinder- en jeugdpsychiater:

  • Naar voorval? Wees beschikbaar voor je kind: geef hem aandacht en ruimte om te komen met vragen en emoties. Heb je zélf te veel aan je hoofd? Mobiliseer. Kijk in eigen kring waar warmte valt te halen voor je kind.
  • Laat gewone dingen zo veel mogelijk doorlopen. Wijk niet af van vaste rituelen: eet- en bedtijd, school, clubs, verjaardagen, Sinterklaas en kerst. Dan voelt het kind dat kennelijk niet de hele wereld op zijn kop staat; dat geeft houvast.
  • Doe toch leuke dingen. Doe een spelletje, lees een boek voor, ga samen gezellig kleren kopen, kook iets lekkers, huur een filmpje, maak een uitje met z’n allen. Wil/kan een zieke/afwezige ouder niet mee, ga zelf dan toch op pad met de kinderen.
  • Besef hoezeer je een voorbeeld bent voor je kind. Zorg dus ook voor jezelf, voor je eigen ontspanning en wees oplossingsgericht. Ja, er is een probleem, maar laat zien dat je daaruit probeert te komen.
  • Deins niet terug om hulp in te roepen als je het zelf niet redt en de problemen van je kind niet verbeteren. Zoek gewoon professionele hulp als een kind langer dan een paar weken stagneert. Ook de huisarts kan doorverwijzen. Er zijn lotgenotengroepen die ook voor jonge kinderen nuttig kunnen zijn (bijvoorbeeld KOPP-groepen: Kinderen van Ouders met Psychiatrische Problemen).
Reageer op artikel:
Zó wordt je kind sterker door stress
Sluiten