Verslaafd aan online kletsen

Kletsen via internet – wie doet het niet? Kinderen van 10 jaar en ouder doen het in ieder geval massaal. Vooral via MSN. Sommige zijn er zelfs zoveel mee bezig, dat een MSN-verslaving op de loer ligt. Maar hoe erg is dat eigenlijk?

‘Je komt thuis uit school en je:

  1. kruipt meteen achter de computer om te msn’en.
  2. drinkt nog een kopje thee en gaat dan msn’en.
  3. maakt eerst je huiswerk en gaat msn’en.’

Met deze en nog vier andere vragen wil Kidsplanet.nl kinderen een spiegel voorhouden. Zijn ze aan MSN verslaafd of niet? Kinderen met een hoge score krijgen stof tot nadenken: ‘Oei, het is erg met je. Zonder MSN heeft jouw leven geen zin. Jij bent echt heel erg verslaafd.’

De wat ludieke MSN-verslavingstest zal ongetwijfeld een serieuze ondertoon bevatten. Want het online kletsprogramma bestaat dan weliswaar al jaren, de laatste tijd is het ongekend populair. Een dag niet gemsn’t is voor velen een dag niet geleefd. Want iedereen msn’t, zeggen jongeren. En als je niet msn’t, doe je niet mee. De cijfers lijken hen gelijk te geven: Nederland kent meer dan vijf miljoen MSN-gebruikers: kinderen en volwassenen.

Ongeveer een op de twintig á vijfentwintig kinderen in de leeftijd van 13 tot 15 is internetverslaafd, stelde het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving (IVO) vast. En MSN zou daar de grootste bijdrage aan leveren. Volgens het IVO ben je verslaafd als je zestien uur of meer per week internet en kenmerken vertoont van een dwangmatig internetgebruiker.

Echte verslaafden zitten al gauw gemiddeld 26 uur op internet.

Verslaving vanaf 10 jaar

Een MSN-verslaving begint volgens het IVO al vanaf een jaar of 10. ‘Het zal op die leeftijd minder voorkomen, maar het zou mij verbazen als het niet zo is,’ zegt Regina van de Eijnden, sociaal psychologe en onderzoekscoördinator bij het IVO. Als ze 10 zijn kunnen ze al een tijdje lezen, zijn behoorlijk handig op de computer en zijn enorm nieuwsgierig. En juist dan is het natuurlijk spannend om met wat vrienden of vriendinnen te msn’en. Weer een jaartje ouder? Dan loopt het aantal uren online geleidelijk op.

Het echte kletsen wordt met de jaren steeds meer vervangen door online babbelen. Wat is daar eigenlijk mis mee? Je kunt toch ook niet verslaafd raken aan bijpraten in het ‘echte leven’? ‘Dat is een terechte vraag,’ zegt Van den Eijnden. ‘Het kletsen op het schoolplein gaat thuis gewoon verder. Vriendschappen kunnen zo worden onderhouden, en kinderen leren sociale omgangsvormen. Daar is inderdaad niets mis mee.

Maar er zijn ook extreme vormen van MSN-gebruik. Dat merk je als een gebruiker bijvoorbeeld moeilijk kan stoppen, of geïrriteerd raakt als hij niet op internet kan, en in gedachten ook met internet bezig is als hij niet online is. Dit dwangmatige internetgebruik gaat dan vaak ten koste van andere ‘levensdomeinen’ zoals school en contacten met ouders, broertjes, zusjes en vrienden.‘

Bovendien is het online praten onvergelijkbaar met echt kletsen, legt Van den Eijnden uit. ‘Online heb je te maken met een grotere privacy en een grotere fysieke afstand. Dat schept op zijn beurt weer een emotionele afstand en heeft een ontremmend effect. Grenzen worden online makkelijker verlegd. Voor verlegen mensen heeft dat bijvoorbeeld een positieve kant. Flirten wordt een stuk makkelijker. Dat gebeurt dan ook massaal. Maar wat je ziet is dat ook pesten makkelijker online gebeurt dan in het echt.’ Depersonalisatie, noemt ze dit verschijnsel. De online ik is een andere persoon dan de echte ik. ‘Via internet en MSN kun je je eigen identiteit vormgeven. Eentje die interessanter is. Dat kan in sommige gevallen tot vervreemding van jezelf leiden.’

Eenzame kinderen hebben volgens haar nauwelijks profijt van de communicatieve mogelijkheden van internet. De meesten bouwen maar beperkt vriendschappen op via MSN. Probleem is dat ze kwetsbaarder zijn voor online pesten dan andere kinderen. Voor hen is internetgebruik vaak teleurstellend, zegt Van de Eijnden. ‘Na verloop van tijd zie je dat ze er steeds minder gebruik van maken, en zich terug gaan trekken.’ Andersom geldt wel dat dwangmatig internetgebruik voorspellend is voor een toename van depressieve gevoelens. Ook gaan schoolprestaties achteruit.

Van den Eijnden noemt nog een ander nadeel waarvoor ouders op hun hoede moeten zijn. ‘Doordat het schoolplein naar de thuissituatie is gekomen, worden leeftijdsgenoten belangrijker in sociale beïnvloeding, en wordt de rol van de ouders beperkt.’ Dit kan ongewenste gevolgen hebben. ‘Bij een bepaalde leeftijd is het goed dat opvoeders ernaast staan en kunnen ingrijpen, zoals bijvoorbeeld bij de discussie over dure merkkleding.’ Ook kunnen traditionele gezinsmomenten – zoals het avondeten – in het geding komen.

Verslavingsverschijnselen

Hoe herken je de eerste verschijnselen van een MSN-verslaving? Van den Eijnden: ‘Je merkt het bijvoorbeeld aan de drang om het weer te willen gaan doen. Ook zie je een onrustige houding. Niet meer rustig aan tafel kunnen zitten, geen tv meer willen kijken, niet meer willen sporten. En je merkt het aan het huiswerk en dus de schoolprestaties, die lijden eronder.’

Meisjes lopen een iets groter risico. ‘Ze worden meer aangetrokken tot de communicatieve kant van internet, het kletsen. Maar jongens zijn ook heel erg actief op MSN. Daarnaast zijn die ook veel bezig met games en downloaden van films en muziek.’

De computer dan maar in de huiskamer plaatsen, maakt geen verschil uit, denkt Van den Eijnden. ‘We hebben geen bewijs gevonden dat ze een grotere kans hebben om internetverslaafd te worden als ze een pc op hun eigen kamer hebben.’

Praten is volgens haar voor ouders de beste remedie om het msn’en binnen de perken te houden. Dat helpt beter dan al te strenge regels. ‘Check bijvoorbeeld hoeveel uur leeftijdsgenoten op het internet zitten. Ook kun je naar de schoolprestaties kijken. Als het goed gaat, kun je het loslaten.’

Maar hoe kunnen ouders goede gesprekken voeren als ze soms niet eens precies weten wat er allemaal op internet mogelijk is? Van den Eijnden: ‘Ouders moeten proberen de digitale generatiekloof te dichten door zich in de online wereld van hun kinderen te verdiepen. Weet wat ze doen. Enige betrokkenheid is goed.’

Maar heel erg ongerust hoeven ouders zich overigens niet te maken, als je op het jongste Kijk- en Luisteronderzoek van de Publieke omroep onder jongeren van 15 tot 35 jaar moet afgaan. ‘Live contact’ wordt nog steeds het meest gewaardeerd. Een echt gesprek krijgt een 8,6 als rapportcijfer, tegenover een 7,1 voor MSN.

Goed nieuws voor vaders en moeders die na schooltijd even met hun kinderen willen bijkletsen. Want grote kans dat vraag één uit de Kidsplanet-MSN-verslavingstest antwoord B zal opleveren: ‘Je komt thuis uit school, drinkt nog een kopje thee en gaat dan msn’en.’ l

MSN Messenger

Het chatprogramma MSN Messenger van softwarereus Microsoft zag het licht op 14 augustus 1995. Inmiddels zijn er in de hele wereld 185 miljoen gebruikers. Dagelijks versturen ze bij elkaar meer dan 2,5 miljard berichten. MSN Messenger is in 26 talen te gebruiken en wordt volgens Microsoft in bijna elk land in de wereld gebruikt.

In Nederland maken maandelijks ruim 5 miljoen mensen gebruik van MSN Messenger. En 90 procent van de jongeren onder de 20 jaar gebruikt MSN, meldt Webwereld.nl.

Hoe werkt MSN Messenger, kortweg ‘MSN’? Als MSN opgestart is, is in één oogopslag duidelijk wie er online is. Klik op de online persoon waarmee u wilt chatten en typen maar. Nog geen MSN geïnstalleerd? Download het programma via de website messenger.msn.nl. Maak een MSN-account aan (geef een e-mailadres op), voeg contactpersonen toe, en klaar is Kees.

MSN-gebruikers naar leeftijd en geslacht

Gebruikers, Aantallen en Aandeel

  • Totaal 13+ 4.244.000 100 %
  • Mannen 13+ 2.089.000 49,2 %
  • Vrouwen 13+ 2.155.000 50,8 %
  • 13-19 jaar 763.000 18 %
  • 20-34 jaar 1.474.000 34,7 %
  • 35-49 jaar 1.307.000 30,8 %
  • 50-64 jaar 584.000 13,8 %
  • 50 jaar en ouder 701.000 16,5 %

Bron: STIR, februari 2006 (cijfers over kinderen van 12 jaar en jonger zijn niet beschikbaar)

Wat is MSN-verslaving?

Verslaving is het verschijnsel dat iemand het gebruik van iets dat (op den duur) schadelijk voor hem is, niet meer kan laten. (bron: Van Dale). Het ‘iets’ is in dit geval MSN. Internetverslaving kenmerkt zich volgens het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen & Verslaving doordat mensen moeilijk met internet kunnen stoppen, geïrriteerd raken als ze niet op internet kunnen en in gedachten ook met internet bezig zijn als ze niet online zijn. Daarnaast gaat het internetgebruik ten koste van andere ‘levensdomeinen’ zoals school en contacten met gezinsleden en vrienden. MSN-verslaving is volgens het IVO hetzelfde als internetverslaving, omdat voor de meeste kinderen geldt dat MSN de trigger is voor internetverslaving.

De kenmerken:

  • Niet kunnen stoppen en daardoor vaak te laat naar bed gaan.
  • Weinig tijd voor andere dingen, zoals huiswerk, school en activiteiten buitenshuis.
  • Minder contact met vrienden in het echte leven.
  • Minder contact met gezinsleden.
  • Gezamenlijke maaltijden worden als storend ervaren. Liever achter de computer eten, of snel eten om gauw weer achter MSN te kunnen duiken.
  • Vakantie is vervelend, want geen MSN.
  • Controleverlies. Steeds drang om te internetten.
  • Steeds denken aan MSN, ook wanneer je niet online bent.

Live contact blijft wel populair

Live contact wordt in dit digitale tijdperk nog steeds het meest gewaardeerd, blijkt uit Kijk- en Luisteronderzoek van de Publieke omroep onder jongeren van 15-35 jaar. Opmerkelijk is de lage positie van MSN, in veel jongerenonderzoeken uitgeroepen tot belangrijkste jongerentrend. MSN blijkt vooral populair te zijn bij tieners. Een live-gesprek wordt gewaardeerd met rapportcijfer 8,6, terwijl msn’en ‘maar’ een 7,1 scoort. Ook worden e-mail (8,1), een telefoongesprek (8,1), een kaartje (7,3) en sms (7,3) beter gewaardeerd dan chatten via MSN. Het enige communicatiemiddel dat het aflegt tegen MSN, is de handgeschreven brief (7.0).

Test Is uw kind MSN-verslaafd? (Bron: IVO)

Antwoorden: nooit/zelden/soms/vaak/heel vaak

  1. Hoe vaak vind je het moeilijk om met internetten te stoppen?
  2. Hoe vaak ga je langer door met internetten, terwijl je je had voorgenomen om te stoppen?
  3. Hoe vaak zeggen anderen (bijvoorbeeld ouders of vrienden) dat je minder zou moeten internetten?
  4. Hoe vaak ga je liever internetten dan dat je je tijd met anderen doorbrengt (bijvoorbeeld vrienden of ouders)?
  5. Hoe vaak kom je slaap te kort door het internetten?
  6. Hoe vaak ben je in gedachten aan het internetten, ook als je niet online bent?
  7. Hoe vaak verheug je je op de volgende keer dat je kunt internetten?
  8. Hoe vaak denk je dat je eigenlijk minder zou moeten internetten?
  9. Hoe vaak heb je geprobeerd om minder tijd aan internetten te besteden en is dat niet gelukt?
  10. Hoe vaak voel je je rot wanneer je niet kunt internetten?
  11. Hoe vaak raffel je je huiswerk af om te kunnen internetten?
  12. Hoe vaak maak je je huiswerk niet omdat je wilt internetten?

Totaalscore

Antwoordcategorieën: 1 punt = nooit, 2 = zelden, 3 = soms, 4 = vaak, 5 = heel vaak

Uitslag: verslaafd of niet?

Komt er een score van 37 of meer uit, én zit een kind meer dan zestien uur per week achter de computer, dan is het vermoedelijk verslaafd aan internet.

Reageer op artikel:
Verslaafd aan online kletsen
Sluiten