Vakantie? Opvoeddesk gesloten!

Vakantie? Opvoeddesk gesloten!

Vakantie; de scholen zijn dicht en de kinderen lekker vrij. Maar hoe zit dat met ouders? Zijn die dan opvoedvrij? Of gaat opvoeden altijd door? Vier deskundigen antwoorden.

Zodra ze hun kantoorkleding verruilen voor slippers en shorts schakelen veel ouders ook in de opvoeding over op standje los en luchtig. Het is vakantie, nietwaar? Best begrijpelijk, vindt orthopedagoog Anna van der Meer. Maar een echte opvoedbreak? ‘Die heb je nooit. Ook op vakantie hebben kinderen structuur nodig. Niet om ze te laten luisteren, maar om het gezinsleven soepel te laten verlopen en iedereen houvast te bieden. Volledige vrijheid blijheid leidt tot uitgeputte ouders, lamlendige kinderen en een onstuitbare zeurterreur. Natuurlijk kun je de teugels best wat laten vieren. Daar moeten kinderen ook mee leren omgaan. De meesten kunnen dat prima aan.’ Maar doe het wel met beleid. Vier gebieden vragen extra aandacht.

1. Jolanda vraagt: Later naar bed?

Jolanda, moeder van Chantal (9), Sterre (12) en Patrick (15): ‘Binnenkort gaan we naar een camping bij Napels. Een waar paradijs voor onze kinderen met zwembaden, animatie, en disco. De twee oudsten zijn nu al aan het lobbyen of ze straks later naar bed mogen. Vorig jaar is dat op dezelfde camping bij de oudste misgegaan omdat hij steevast later thuiskwam dan de afgesproken tijd (24.00 uur). Gevolg: gestreste ouders en een continu chagrijnige tiener. Hoe pakken we dat dit jaar beter aan, ook bij de andere twee?

Antwoord van Anna van der Meer, orthopedagoog Kind & Meer, praktijk voor gezin en opvoeding:
‘Vaak lukt het alleen al om praktische redenen niet om normale bedtijden aan te houden: de tent is om zeven uur nog loeiheet, eten doe je pas om acht uur. Met kinderen onder de 10 kun je meestal naar bevind van zaken handelen: die vinden een kwartiertje later al heel stoer en accepteren zonder morren dat ze de volgende dag wel weer vroeger de lakenzak in gaan. Wees niet bang dat je niet meer consequent bent als je de tijden loslaat in de vakantie. Consequent is niet hetzelfde als rigide. Het gaat er meer om dat je duidelijk bent in wat je wilt.

Voor het bepalen van de grenzen vind ik de manier waarop kinderen op een veranderd slaappatroon reageren belangrijker dan hun leeftijd. Kunnen ze uitslapen? Worden ze hyperactief? Ouders onderschatten nogal eens het effect van slaapgebrek. Bij een driftig kleintje leggen ze die link nog wel, maar bij een prikkelbare puber denken ze eerder dat dat bij de leeftijd hoort. Vooral bij pubers is vakantiebedtijd een issue. Daarom is het verstandig om daar vóór de vakantie afspraken over te maken.

Later naar bed is niet het doel op zich. Het gaat erom wat je kind met die tijd gaat doen. Wat verwacht jíj van hem? Dáár moet je het over hebben. Zeker met Patrick is zo’n gesprek nodig, ook over de gevolgen van een misstap. Geef vooraf duidelijk aan wanneer de oude tijden weer ingaan. Ik raad aan daar in ieder geval zo’n vier dagen vóór de eerste schooldag mee te beginnen. Niet pas op de laatste vakantiedag: het biologisch systeem moet wennen aan het nieuwe slaapritme.’

2. Carola vraagt: Langer op de ipad?

Carola, moeder van Floris (13) en Sebastiaan (11): ‘Floris is dol op zijn computer, iPad en smartphone. In overleg met hem hebben wij de totale schermtijd beperkt tot anderhalf uur op doordeweekse dagen en drie uur per dag in het weekend. Daarna moet hij zijn apparaten bij ons inleveren. Ik houd mijn hart vast voor de vakantie. Nu al is het af en toe knokken om hem aan die afgesproken tijdslimiet te houden. Tijdens de vakantie heb ik geen zin in ruzie en kan ik hem ook niet voortdurend in de gaten houden. Als ik heel eerlijk ben, is het voor ons ook wel lekker rustig als hij zich elektronisch vermaakt. Of moeten we die regels toch handhaven?

Antwoord van Frederike Lems, mediapedagoog bij Kind of Media en Bureau Jeugd en Media (www.bureaujeugdenmedia.nl):
‘Zeker bij een kind als Floris, dat gek is op zijn apparaten, is het niet slim om alle regels los te laten. Voor je het weet is het einde zoek en gebeuren er dingen die je écht niet wilt. Dan ontdek je bijvoorbeeld dat hij om drie uur ’
s nachts nog op zijn iPad zit. Maak de regels niet té ingewikkeld, al vraagt een kind van 6 natuurlijk om andere afspraken dan eentje van 14. Het belangrijkste is grenzen te stellen aan de totale schermtijd (tv + pc + tablet + telefoon + gameboy). Neem het weer daarbij als leidraad. Hoe meer zon, hoe minder scherm. ’s Zomers zitten kinderen sowieso vaak al minder achter hun elektronica dan in de winter. Bovendien is vakantie het uitgelezen moment voor qualitytime als gezin. Bied ze alternatieven. Ga badmintonnen, ren, stoei, Mens Erger Je Niet.

Staat de barometer op “mooi”, houd dan de tijden aan die thuis gelden. Regent of stormt het, tel er dan één of twee uur bij. Wees niet bang dat hij meteen verslaafd raakt; daar zit altijd een ander probleem achter. Wat je precies afspreekt, is ook afhankelijk van andere omstandigheden: ga je naar een camping of naar een afgelegen villa, zijn er voldoende buitenspeelmogelijkheden en vooral: hoe groot is de schermbehoefte van je kind?

Bij sommige kinderen vormt mediagebruik een normaal onderdeel van spel en vermaak. Die stoppen uit zichzelf omdat leeftijdsgenoten (of het zwembad) veel meer trekken. Anderen hebben meer sturing nodig. Overigens zou ik ze tijdens die ellenlange autorit maar gewoon laten spelen: ga die strijd dan niet aan.’

3. Daphne vraagt: lekker snacken?

Daphne, moeder van Tom (7) en Veerle (4): ‘Wij zijn best streng met eten. Ik ben nog net geen gezondheidsfreak, maar hang er wel tegenaan (verse biologische producten, veel fruit en groente, nauwelijks suiker, geen frisdrank). Meestal eten ze dat zonder morren op, al zijn de quinoa en de hennepzaadjes niet heel erg populair. Hoe kan ik dat eetregime handhaven als we straks in Kroatië zijn? En kan het kwaad als ik toch toegeef aan hun smeekbeden om ijsjes, patat, pizza en pannenkoeken? Ik wil ze natuurlijk wel een supertijd geven!

Antwoord van Anke Nieuwenhuizen, pedagoog/gewichtsconsulente:
‘Lekker eten hoort bij vakantie. Je gaat vaker uit eten, de ijsjes lokken. In het buitenland wordt het heel moeilijk een strak eetregime te handhaven. Biologische producten zijn niet overal voorhanden, om zes uur heb je nog geen zin in warm eten en probeer in een restaurant maar eens een kindermenu met quinoa te krijgen. Dat je je regels iets versoepelt, is logisch. Kinderen leren zo ook met verleidingen om te gaan. Worden ze continu te strak gehouden, dan kunnen ze hun eetgedrag minder goed reguleren. Dikke kans dat ze helemaal losgaan als het toezicht verwatert. Gooi je regels niet helemaal overboord. Kinderen kunnen slecht reageren op al die nieuwe voedingsstoffen. Hebben ze overgewicht, dan zijn ze er al helemaal niet bij gebaat als ze na de vakantie kilo’s zwaarder zijn. Maak daarom samen - vóór de vakantie - goede afspraken: bijvoorbeeld drie keer per week een ijsje, twee glazen frisdrank per dag. Niet in de “Gij zult”-sfeer, maar in overleg.

Bij jonge kinderen hebben ouders invloed op de naleving, door de keuze van de eettentjes en de maaltijden die je zelf bereidt. Met pubers moet je niet de illusie hebben dat zij zich altijd aan de (eet)afspraken zullen houden. Wij deden vroeger ook dingen waar onze ouders niet blij van werden. Maar zonder richtlijn is er vaak helemaal geen rem meer. Hoewel het voor iedereen - óók voor ouders - lastig kan zijn om na de vakantie weer de oude, verantwoorde draad op te pakken, snappen de meeste kinderen dat wel. Zij zijn flexibel genoeg om te begrijpen dat het eetfestijn verbonden was aan de vakantie.’

4. Misha vraagt: bijsprijkeren in de zomer?

Misha, moeder van Bram (12), Just (11) en Marijn (6): ‘De juf van Marijn heeft ons aangeraden om in de grote vakantie te oefenen met lezen en rekenen. Met lezen zit ze - met veel extra inspanning - nu net op het gewenste avi-niveau in groep 3 (E3). De juf is bang dat Marijn in die zes weken terugzakt en dan moeite zal hebben in groep 4. Mijn man en ik willen haar natuurlijk graag verder helpen, maar vinden ook dat ze recht heeft op rust. Zelf zal ze het vreselijk vinden. En als we gaan oefenen met Marijn, zouden we dat misschien ook moeten doen met Bram. Ook die heeft met zijn hakken over de sloot de tweede klas van de havo gehaald.

Antwoord van Pieter Appelhof, onderwijsexpert bij Oberon, onderzoek & advies voor onderwijs & welzijn:
‘Ga alsjeblieft niet op de stoel van de juf zitten! Ouders zijn geen docenten. Misschien pakken ze het wel helemaal verkeerd aan of raken ze geïrriteerd als hun kind fouten maakt. In Amerika is onderzoek gedaan naar het effect van doorleren in de vakantie binnen zomerscholen. Conclusie: kinderen gaan wel vooruit op cognitief en sociaalemotioneel gebied, maar alleen als de programma’s aan strenge voorwaarden voldoen qua lengte, duur en kwaliteit. Het is bovendien nog maar de vraag of Marijn zo enorm zal terugvallen. In Amerika is zo’n summer loss wel aangetoond, maar in Nederland zijn de vakanties veel korter.

Dat wil niet zeggen dat je niet moet blijven lezen. Maar dan op een leuke, ontspannende manier. Geef Marijn eenvoudige boekjes, laat haar soms hardop lezen, verbeter fouten maar ga niet hakken, speel woordspelletjes met nummerborden tijdens de reis, doe samen grappige oefeningen op internet, lees voor en kijk naar Sesamstraat.

Bram zou wel baat kunnen hebben bij wat bijspijkeren. Als een zomerschool of -cursus zich namelijk op een specifieke groep kinderen (potentiële zittenblijvers, kinderen die net tussen havo en vwo in zitten) richt en op een specifiek doel (doubleren voorkomen, hoger niveau halen), dan hebben ze doorgaans wel effect, blijkt uit een Nederlands onderzoek. Bram moet dan wel gemotiveerd zijn. En begeleid worden door professionals en niet door zijn ouders.’

Door:

Meer artikelen uit ons netwerk


Gerelateerde artikelen

Tips van de redactie