Meer blogs

redactie 21 jun 2018 Blogs

Ik zie de kinderen naar me kijken. Ze worden ouder, ze zoeken weerwoord, tegenspraak, sputterspraak. De zinnen beginnen met ‘ja, maar’ en krijgen dan een onzinnig vervolg. Ze willen graag mijn gezag ondermijnen of liever nog omverwerpen, ze weten alleen nog niet precies hoe. Ik hoor hun puberbreintjes kraken maar de woorden blijven achterwege.

Ik denk dat ze nu nog te druk zijn met het afzetten tegen hun ouders om zich ook nog over mij druk te maken. Vandaar die wazige blik; oh ja, we hebben ook nog een stiefmoeder en die zegt ook irritante dingen tegen ons (zoals: ‘Het is hier geen hotel!’ Ja hoor, de beroemde woorden hebben mijn mond echt al verlaten). Moeten we daar ook nog op reageren? Vermoeiend hoor, en we zijn al zo moe…

Sommige stiefmoeders krijgen het al eerder voor hun kiezen. Dan begint dat ondermijnen van het gezag al bij de eerste kennismaking. Mijn stiefkinderen zijn denk ik heel lief, want dat probleem heb ik nooit gehad. Misschien was het tijdstip van de geboorte van ons stiefgezin goed, ze waren 3 en 5.

Of misschien herinneren ze zich de kilo’s eten die ik heb gekookt en kilo’s was die ik heb gedaan, of de kilometers die ik voor ze heb gereden. Zeg het maar.

Natuurlijk is het allemaal niet. Ze horen me te verachten. Ik met mijn regeltjes, mijn reinheid en regelmaat. Ik maak me ook geen enkele illusies over mijn eigen kind. Die is met haar 6 jaar vrolijk in de peuterpubertijd blijven hangen, of hoe ik het ook moet noemen. Die heeft er geen enkel probleem mee om mij te irriteren, te ondermijnen en te betwijfelen. Maar de stiefjes durven niet. Nog niet? Of  zouden ze het helemaal achterwege laten omdat ze hun handen vol hebben aan hun eigen ouders? We zitten wel in een soort beleefdheidspact met elkaar.  Ik word immers ook iets minder snel woest op hen dan op mijn eigen baksel. Niet dat we elkaar met fluwelen handschoentjes aanpakken, maar we delen ook geen kaakstoten uit.

Waarschijnlijk is het gewoon de spreekwoordelijke stilte voor de storm. Ze moeten eerst op dreef raken met hun eigen ouders en dan zijn de stiefouders aan de buurt. Ik kan me herinneren dat mijn vriendin ook dacht dat haar stiefkinderen haar met rust zouden laten en hun boze pijlen op hun eigen moeder zouden richten.  Heel wat telefoontjes en cafébezoeken later weten we allebei beter.

Ik zie de kinderen naar me kijken en hoor ze al bijna vragen wie ik wel niet denk dat ik ben. Bijna. Nou, de stiefmoeder dus. Met kilometers zorg achter de kiezen en nog steeds ongeschonden. Niet beschimpt of weggehoond. Het voelt toch wat maagdelijk, kom maar op.

Reageer op artikel:
Meer blogs
Sluiten