Yaël heeft zich manmoedig staande gehouden

redactie 21 jun 2018 Blogs

We zijn weer terug in Nederland. We hebben het grote experiment, een weekje met z’n drieën naar Italië, doorstaan en ik moet zeggen dat het heel erg meeviel. Yaël, mijn grote heldin, voegde zich met voor haar doen ongewone souplesse naar alle veranderingen. Ze genoot bij tijd en wijle zelfs. Natuurlijk, het was geen sinecure voor haar en zelfs nu we alweer bijna een week terug zijn, heeft ze nog een paar keer per dag een nerveuze lachbui en verliest ze zich in haar nieuwe tic: heel hard haar keel schrapen. Haar hoofdje draait overuren om alle indrukken te verwerken. Maar ik meen ook te zien dat ze zich groot voelt en stoer, na alle doorstane avonturen.

We vertoefden op een Agriturismo, een boerenbedrijf waar ook wat appartementen verhuurd werden, met een zwembad en een restaurant. Het was een prachtig landgoed, al eeuwen in gebruik met veel bomen en omringd door, inderdaad, boerenland. ‘s Ochtends werden we gewekt door het gedreun van de tractor.

Eerste zorg bij aankomst was: het creëren van een vast dagritme – omdat dat voor ons autistje een eerste levensvoorwaarde is – met daarin voldoende leuke dingen voor haar, vaste, herkenbare dingen om naar uit te zien. Dus werd het ‘s ochtends in bad met mama, ontbijten in het restaurant, ergens heen met de auto – meestal alleen naar de supermarkt – ‘s middags lunchen in het appartement, een middagslaapje doen, zwemmen, weer met mama in bad, Yaëls eet- en medicijnenritueel, papa en mama’s avondeten en dan naar bed. Na één dag zat het ritme er al in. Twee keer per dag stond ze me naast het bad op te wachten. Inderdaad, we hebben thuis alleen een douche.

We hadden bedongen dat we het eten ‘s avonds konden ophalen in het restaurant, zodat we rustig konden zitten, terwijl Yaël rondscharrelde. Dat eten, voor een deel zelf verbouwd en heel lekker, ging rijkelijk vergezeld van eveneens zelf verbouwde wijn. Voor mij, lekkerbek, was dit het beste moment van de dag.

Natuurlijk was er vakantiestress. Gekibbel met de geliefde omdat de verwachtingen van deze vakantie hooggespannen waren en we dus ook nogal wat van elkaar verwachtten. Maar wat dat dan allemaal was, dat was niet altijd duidelijk nu we weg waren uit onze vertrouwde omgeving, met alle vaste ritmes en taakverdelingen. (‘Lekker bemoedigend als jij na vijf minuten, bij de eerste tempel al zegt dat je het wel weer gezien hebt. En zelf nooit eens initiatief tonen’ of ‘Het is niet mijn schuld dat ze uit bed gevallen is, hoor!’)

En natuurlijk had Yaël het ook af en toe moeilijk met zoveel veranderingen ineens. Woensdag sloeg zelfs even de paniek toe. Door het dolle heen fladderde ze door het appartement, af en toe een kledingstuk oppakkend om er heel hard op te bijten. Hoelang zou deze grote verandering wel niet duren? Wanneer zou alles weer normaal worden? Ze was even de weg kwijt in haar hoofd. Maar een wonder gebeurde. Toen ik haar op schoot nam en rustig uitlegde dat we over drie nachtjes weer naar huis toe gingen, drie nachtjes, één, twee, drie vingers, pakte ze één voor één mijn opgestoken vingers, alsof ze meetelde, en werd ze rustig. Ze begreep het! Ze begreep wat drie nachtjes waren, en twee nachtjes en één nachtje. En ze begreep ook maar al te goed dat koffers inpakken betekende dat we snel weer thuis zouden zijn. Ik was onder de indruk van haar slimheid, maar voelde me ook een beetje schuldig: hoe leuk we het ook maakten voor haar, zij bleef toch liever thuis. Aan de andere kant had ze toch ook een hoop lol, dacht ik erachteraan. En we konden haar steeds geruststellen.

Ook tijdens de reis hield ze zich manmoedig staande. En wat voor reis! Het was een onderneming die een militaire organisatie vergde. Veiligheidscontrole, Yaël uit de buggy, buggy ingeklapt op de band, ik achter de wegrennende Yaël aan, Yaël vasthouden omdat de veiligheidsmedewerker vond dat ze gefouilleerd moest worden (ja, echt!), snel de buggy weer uitklappen, Yaël er weer in, o, nog vlug even haar luier verschonen voor het boarden, uit de buggy, in de buggy, gehannes met medicijnen en Roosvicee in het vliegtuig, een doorgelekte luier nog voor we geland waren en, het hoogtepunt, met z’n drieën de invaliden-wc in, waar we Yaël gehurkt op de grond verschoonden en van een compleet verse outfit voorzagen. Het was een gehannes en geredder van jewelste, wat wonderwel weer vrijwel zonder echtelijke irritaties verliep.

Maar toen we dan eindelijk weer op onze Amsterdamse bank zaten, en ik Yaël vanuit haar eigen bed hoorde keelschrapen, dacht ik: we hebben het wel mooi gedaan. We hebben het geprobeerd, een vakantie met het gezin, en het is gelukt. We kunnen met z’n drieën een weekje weg. Yaël kan dat aan. Het is een klein stapje richting normaal. Ik ben trots op ons.

Reageer op artikel:
Yaël heeft zich manmoedig staande gehouden
Sluiten