Zelf apps, robots, games en filmpjes maken

Emma (8), Tim (9) en Erik (13) maken apps, robots, games en filmpjes. En dat leren ze zichzelf.

Emma

Wie: Emma Looren de Jong (8)
Zit in: groep 5 én in de plusklas
Hobby’s: viool spelen en turnen
Gebruikt: een laptop, iPad, iPod, computer en de Wii. Ze deelt alles met broertjes Jesse (10) en Luka (6)

Omdat Emma Looren de Jong een snelle leerling is, zit ze een ochtend per week in een plusklas. Daar leert ze programmeren met Scratch. Dat doet ze ook graag thuis.

Scratch is gratis software waarmee je kunt leren hoe computers werken. Zo krijgen kinderen spelenderwijs het programmeren onder de knie. En niet alleen kinderen, ook universiteiten werken ermee. Het systeem lijkt een beetje op bouwen met Lego: je maakt programma’s door blokken op elkaar te klikken. Je zet bijvoorbeeld een filmpje in elkaar door eerst een animatiefiguurtje te kiezen – ‘Dat heet een sprite,’ zegt Emma – en ‘Ik ga een spel maken voor de App Store’daar muziek, bewegingen, achtergronden en tekst aan te koppelen.

Iedereen kan het

Emma leerde het in de plusklas omdat ‘het belangrijk is dat kinderen leren programmeren, want dan kunnen ze dat als ze groot zijn’. Scratch bleek echter verslavend leuk en nu is Emma er thuis ook regelmatig mee bezig, net als haar broertjes. ‘Als je weet hoe het moet, kan iedereen dit. Je moet alleen een beetje kunnen lezen.’

Natuurlijk wil ze best even een demonstratie geven. Allereerst kiest ze een sprite: dat wordt een eenhoorn. De eenhoorn gaat naar de bioscoop – de achtergrond van een bioscoop verschijnt met een muisklik op het scherm – en daar ontmoet hij zijn vriendjes. Broertje Luka staat inmiddels al achter Emma te springen om een handje te helpen. Hij mag zinnetjes inspreken, die Emma professioneel opneemt: ‘Nu mag je praten: drie, twee, één…’ Luka laat wat fraai gehinnik eruit rollen en teksten als ‘waar zijn mijn vriendjes nou’, ‘daar zijn ze’ en ‘hoera’. Ondertussen bouwt Emma stapsgewijs het script op: ze voert een aantal seconden in tussen een beweging van de eenhoorn, het geluid van een muziekinstrument en de gesproken teksten. Zo ontstaat in korte tijd een heuse scène, waarin zelfs haar eigen stem en die van Luka door elkaar heen praten.

Wat maakt Scratch zo leuk? ‘Je kunt echt van alles maken: spelletjes, filmpjes, verhalen. En je kunt er heel veel bij fantaseren. Het hoeft niet per se een poppetje te zijn dat je laat lopen: het kan ook een draak zijn, een zelfbedacht monster of 3D-letters.’

Spel met spoken

Nee, haar vriendinnen zijn er niet mee bezig, denkt ze. Ze hebben het er tenminste nooit over. Maar je kunt producties wel delen door een account aan te maken bij Scratch en daar je filmpje of game op te zetten. Misschien gaat Emma dat nog wel een keer doen, want ze loopt met plannen rond om een echt groot spel te gaan maken. Hoewel, eigenlijk wil ze zo’n game dan meteen in de App Store hebben. ‘Dan kunnen anderen er ook mee spelen. Het wordt een spel met spoken en zo, die een poppetje achterna zitten. En dan kunnen spelers zelf een poppetje kiezen. Uiteindelijk raakt het poppetje bevriend met de spoken of jaagt ze weg. Dat ga ik maken. En dan laat ik het gratis zijn.’

Meer weten over Scratch? Kijk op scratchweb.nl

Tim

Wie: Tim Kolijn (9)
Zit in: groep 6/7 (combinatieklas)
Hobby’s: (zaal)hockey, de techniekclub en met zijn vrienden spelen
Gebruikt: een iPhone 4 (zonder sim) de Wii, de Xbox, de computer en een tablet

Geef Tim Kolijn een chip in handen en je hebt geen kind meer aan hem. Hij bouwt robots en zet en passant een computer in elkaar.

Minicomputer

Met een rammelaar of knuffel hoefden ze bij Tim indertijd niet aan te komen. Als peuter van anderhalf speelde hij al het liefst met een bak snoeren. Niet zo vreemd dus dat hij nu, op zijn negende, zelf een computer aan het bouwen is. Heel ingewikkeld is dat niet, zegt hij. Hij heeft er namelijk een speciaal pakket voor: Kano DIY Kit. En dat pakket is een ideetje van een Londens bureau (MAP), dat slimme jonge kinderen kennis wil laten maken met technologie. In de doos zitten onder meer een Raspberry Pi, een toetsenbord, een speaker en een geheugenkaartje. En hoppa, een beetje digikid zet in een handomdraai een minicomputer in elkaar.

‘Je sluit hem aan op de tv,’ legt Tim uit, ‘en dan kun je iets gaan programmeren. Een game werkt’bijvoorbeeld.’ Zonder hulp? ‘Ja. Ik leer het mezelf aan.’ Maar hoe komt-ie aan zo’n technische knobbel? ‘Ik weet het niet zeker, maar ik denk dat het door mijn opa komt. Die is professor aan de universiteit. Volgens mij in techniek.’

Lego

Zelf wil hij later ‘iets met robotica’ gaan doen. Hij is namelijk ook druk bezig met het programmeren van robots. Met dank aan de firma Lego, die Lego Mindstorms NXT2 op de markt zette. NXT2 staat voor een intelligent, computer-gestuurd Legosteentje dat een Mindstorms robot verschillende bewegingen laat uitvoeren. Natuurlijk moet je die robot wel zelf bouwen en programmeren. Tim is er goed in. Hij zit op een techniekclub en deed vorig jaar met een team mee aan een Junior Force League van Lego, voor kinderen van 9 tot 14 jaar. ‘Ik was de jongste. Per team maak je een robot en die moet dan allerlei opdrachtjes doen. Onze robot kon bijvoorbeeld een deur openen.’ De robot waar hij nu thuis mee bezig is, heeft hij zo geprogrammeerd dat hij kan lopen. Ja, dat is bijzonder. ‘Want andere robots rijden.’

Tim schat dat hij op doordeweekse dagen een uurtje computert. ‘In het weekend wat langer, twee uurtjes. Er zijn niet echt regels voor. Mijn moeder gaat nu onderzoeken hoe lang je er per dag op mag. Ik zeg: een uur.’ Zuchtend: ‘Maar ze wil niet naar me luisteren.’ Verder gamet hij met zijn vrienden op de Wii of de Xbox. ‘En op het mobieltje speel ik ook veel spelletjes.’ Minecraft is een favoriete game. ‘Daar wil ik nu een server voor maken. Dan kijk ik op internet hoe ik dat moet doen.’

Het zou handig zijn als er een app bestond die hem leert hoe hij verschillende dingen aan moet pakken, peinst Tim. Zelf probeert hij ook wel eens een app te maken, maar dat lukt nog niet zo goed.

Wat hij het allerleukste vindt, is iets aansluiten. ‘Als alle spullen van een tv helemaal loszitten, wil ik het heel graag in elkaar zetten. Het interesseert me hoe iets werkt. Meteen verbeteren? Nee, dat vind ik niet belangrijk. Ik ben een onderzoeker.’

Erik

Wie: Erik van der Plas (13)
Zit in: 2 gymnasium
Hobby’s: Schaatsen (short en lange baan), skateboarden en ‘gewoon een beetje met vrienden zijn’
Heeft: een iPhone 4, een Macbook, een iPod en is ‘een grootverbruiker van de gezins-iPad’

Erik van der Plas is developer en designer van apps, games en ‘af en toe’ een site.
Een berichtje op Nu.nl, geplaatst op 23 januari van dit jaar: ‘Keytouch is een nieuwe app van Nederlandse bodem waarmee het voor Mac-gebruikers mogelijk wordt om de computer te ontgrendelen met de vingerafdrukscanner van een iPad of iPhone. De ontwikkelaars van de app zijn de Nederlandse Erik van der Plas, Tom de Ruiter en Melvin Voetberg, die respectievelijk 13, 14 en 15 jaar oud zijn. (…)

Het was niet de eerste keer dat Erik de publiciteit haalde. In augustus 2013 werd hij – als 12-jarige – tweede bij de 3D-prijsvraag ‘Ontwerp het huis van de toekomst’ van het Haarlems Dagblad en Hogeschool inHolland. En in juli vorig jaar lanceerde hij Muse-o-Graph, een app waarmee je audio-opnames kunt maken en die kunt afspelen in een loop, waardoor je je eigen muziek creëert.

Aanstormend talent

Een aanstormend talent dus, en dat weten ze in San Francisco, de thuisbasis van Apple, inmiddels ook. Want in de zomer van 2014 was hij bovendien de jongste deelnemer aan The Apple Worldwide Developers Conference (WWDC). Wat moet je doen om daarvoor uitgenodigd te worden? ‘Je moest binnen een week een app maken waarin je iets over jezelf vertelde en over je ervaring met het maken van apps. Dat heb ik gedaan en blijkbaar zat ik bij de besten, want toen mocht ik naar de Apple Conference in San Francisco.’

In totaal werden er tweehonderd internationale studenten uitgekozen die een WWDC Student Scholarship ticket wonnen en vijf dagen lang workshops mochten volgen. Zijn vader ging met hem mee. ‘We zaten in een hotel. Hij bracht me naar de WWDC en haalde me weer op. Het was fantastisch! Ik leerde er veel mensen kennen met wie ik nog bijna dagelijks contact heb.’

Elke dag mee bezig

De iPod die hij voor z’n tiende verjaardag kreeg, wekte zijn interesse in apps. Via Google ontdekte hij software waarmee je zelf apps kunt programmeren, en zo leerde hij zichzelf alles aan. ‘De hoeveelheid tijd die ik eraan besteed, valt eigenlijk best mee,’ zegt hij. Maar hoe lang hij precies over een nieuwe app doet, is lastig te berekenen. ‘Ik ben er elke dag wel mee bezig. Het gaat natuurlijk niet alleen om programmeren maar ook om ontwerpen, dingen bedenken. Er zijn zoveel mogelijkheden. En verder een beetje marketing en alles wat daarbij hoort. Dat vind ik allemaal leuk.’ Maar wat fascineert hem nou het meest? ‘Het is heel vet om te zien dat jij de wereld een klein beetje kunt veranderen. Dat er mensen zijn die met jouw apps lol hebben. Ik kreeg laatst een review van iemand uit IJsland over mijn muziekapp. Hij zei dat hij hem heel leuk vond, dat hij hem aan zijn oma had laten zien en dat zij het ook meteen begreep. En een man uit Zweden vond dat iedereen mijn game moest gaan spelen.’

Silicon Valley

Vragen naar Eriks toekomstplannen is natuurlijk een open deur, maar vooruit: wat wil hij na het gymnasium gaan doen? ‘Het lijkt me heel vet om naar Silicon Valley te gaan. Daar gebeurt het allemaal! Ik wil computer science gaan studeren aan Stanford University. Ik geloof dat maar 4 procent van het aantal studenten dat zich daar aanmeldt, wordt toegelaten. Ze kijken niet alleen naar de cijfers van je eind-examen, maar ook naar die van de jaren ervoor en naar alles wat je al hebt gedaan in relatie tot de studie die je kiest. Maar ik heb me er nog niet heel erg in verdiept, hoor. Het is nog een droom.’

Erik heeft een eigen website: www.erikvanderplas.com. Zijn apps en game zijn te koop in de App Store.

Reageer op artikel:
Zelf apps, robots, games en filmpjes maken
Sluiten