Zonnebrand

redactie 21 jun 2018 Blogs

In het begin vond ik het lastig om boos te worden op mijn stiefkinderen. In ons kersverse stiefgezin deden de kinderen en ik heel erg ons best. En dat hoort ook zo denk ik. Dat krijg je met een gezin dat niet van nature is gegeven: je zet je beste beentje voor om aardig te zijn en gevonden te worden. Als het goed is. Wij maakten er in ieder geval het beste van.

En dus duurde het even voordat ik echt uit mijn slof durfde te schieten. Of eigenlijk uit mijn slof schoot, zonder dat ik nadacht over mijn plek in de ouderlijke macht. Gewoon woest werd.

Ik vergeet het moment nooit meer. Mijn stiefdochter zat met viltstift te krassen op het bureau dat we net voor de kinderen hadden laten timmeren. Het was met liefde en vakmanschap gemaakt en had ook echt geld gekost, en zij zat erop te kladderen. Zat ze er ook nog uitdagend bij te lachen? Hoe het ook zij, ik ontplofte, mijn man keek geluidloos toe hoe ik een emmer met sop vulde en foeterend aan het schrobben sloeg. Het kind werd er ook helemaal stil van. Ik had mijn punt geloof ik wel gemaakt.

Het was bevrijdend om te merken dat het stiefgezin niet als een kaartenhuis in elkaar donderde als ik niet lief was. Het kon blijkbaar tegen een stootje. Ik kon gewoon primair reageren op de kinderen zonder al te veel na te denken, net echt.

Ik ben laatst zelfs boos geworden op mijn pre-puberende niet-communicerende stiefzoon waar zijn moeder naast stond, bij haar thuis. Dat was weer een heel nieuw station. Ik kwam de kinderen halen en hij reageerde een aantal keer totaal niet op wat ik zei. Voorheen had ik afgewacht of zij er iets over zou zeggen “ we waren immers nog op haar territorium “ of had ik er misschien later in de auto iets corrigerends over gezegd. Maar ook dit keer werd ik boos zonder rekening te houden met het autoriteitsvraagstuk of met de omstandigheden. Het moment van overdracht is natuurlijk lastig voor kinderen en voor de ouders, maar ik vond toch dat hij zich kon houden aan de basis beleefdheidsregels voor pre-pubers: in ieder geval een keer antwoord geven als je zes keer iets gevraagd wordt.

Ook dit keer bleef de schade van de uitbarsting beperkt. Het was wat ongemakkelijk, maar geloof ik ook herkenbaar voor zijn moeder. En om de pre-puber zelf moest ik uiteindelijk grinniken toen we eenmaal in de auto zaten. Zijn steevaste ˜ja-maar' weerwoord was dit keer zo slap dat het vanzelf grappig werd.

Reageer op artikel:
Zonnebrand
Sluiten