Zou ze ooit nog leren praten?

redactie 22 jun 2018 Blogs

Yaël zei vanmorgen ‘macro-econoom’. Of nou ja, ik zei ‘macro-econoom’ en toen zei zij direct daarop ‘ma’. Waarop ik enthousiast tegen Hanno, mijn man, riep: ‘Hoorde je dat, ze zei macro-econoom!’ En tegen Yaël : ‘Goed zo Beer, wat kun je goed praten! Wat probeer je mama goed na te zeggen! Heel knap!’

Een kinderhand is gauw gevuld.

Yaël kan niet praten. Ze maakt wel veel geluid. Ze brabbelt soms een beetje en stoot vooral veel klanken uit. Volgens het laatste rapport van haar kinderdagcentrum klinken die klanken ‘klagelijk’. En volgens mij, haar moeder, klinken die klanken steeds weer anders. Nu eens blij, dan weer boos, nu eens eufoor, dan weer droevig, nu eens geïnteresseerd, dan weer als ‘laat me met rust’. Aan haar geluiden hoor ik precies hoe ze zich voelt. Gelukkig klinkt ze meestal blij. En als ze boos is, duurt het maar kort.

Soms heeft ze een goede dag en lijkt ze ons na te praten. Dan hoor ik ineens ‘Ee-oooo’ als ik Theo, de kat, roep. Of ‘ka’ – klaar – als ze niet meer wil eten. En heel soms noemt ze mij ‘ma’. Ik zie aan haar dat het haar enorm veel moeite kost de gerichte klanken te produceren. Het vraagt het uiterste van haar kleine verstand. Ik zie ook niet echt vooruitgang in het gerichte gebrabbel, zoals ik het maar even noem. Het komt en het gaat. Of maakt Yaël wel vorderingen maar gaat dat zo langzaam dat ik, die er met mijn neus bovenop zit, ze niet kan horen?

Yaël begrijpt overigens wel heel veel van wat wij zeggen. Zo fleurt ze altijd op als het gesprek over haar gaat en maakt ze boze geluiden als het te lang niet over haar gaat. Ze is een klein beetje verwend, denk ik wel eens.

Dat Yaël niet kan praten, maakt altijd de meeste indruk als ik mensen vertel over haar beperkingen. En het is voor veel mensen lastig te bevatten dat Yaël wel heel veel begrijpt, maar toch niet zelf kan praten. Logisch, ik snap zelf ook nog niet helemaal hoe dat werkt.

Zou ze ooit nog leren praten? Ik weet het niet. Niemand die het weet. Ik hoop het wel. Het zou haar een stuk weerbaarder maken. Zelfredzamer ook. Zou mijn contact met haar veranderen als ze een beetje zou kunnen praten? Ik denk het niet.

Als iemand mij tijdens mijn zwangerschap zeven jaar geleden had verteld dat ik een kind zou krijgen dat niet zou kunnen praten, had ik me daar waarschijnlijk niets bij kunnen voorstellen. Mijn leven draait voor een belangrijk deel om taal. Ik had bijna alleen maar talen in mijn eindexamenpakket op het gymnasium, ging Nederlands studeren, deed Italiaans als keuzevak, en tegenwoordig werk ik als eindredacteur bij een dagblad. En dan schrijf ik ook nog. Ik ben een talenknobbel, ik hou van lezen en ik hou van het gesprek, het ontleden van argumenten, het fijnslijpen van teksten, het uitpluizen of redeneringen logisch zijn. Ik let erop hoe mensen zich uitdrukken, welke woorden in de mode zijn.

Maar met mijn kind kan ik niet praten. En het gekke is: in mijn contact met haar is het nauwelijks een beletsel. In het geheel van haar handicaps is het niet eens zo prominent. Het klinkt misschien vreemd uit mijn mond, maar het is echt een misverstand dat contact met anderen van een mindere orde is zonder gesprek. Yaël en ik maken grappen, op onze eigen manier, we hebben lol, we praten zonder woorden, we observeren elkaar, we zijn samen. Zelden denk ik: kon ze maar praten. Natuurlijk kunnen we geen boom opzetten over een maatschappelijk thema (iets macro-economisch?), nu niet, en over twintig jaar ook niet. Maar in onze verstandhouding is er zeker niet meer onbegrip dan in een praatverstandhouding. Yaël en ik begrijpen elkaar meestal gewoon. En wat ook heel fijn is: ze is het meestal met me eens.

Reageer op artikel:
Zou ze ooit nog leren praten?
Sluiten