Zwarte zaterdag

redactie 21 jun 2018 Blogs

Op zaterdagochtend brengen we het kleine broertje naar mijn schoonmoeder. Met de 11-jarige broer wandelen we het Vondelpark in en gaan op een bankje zitten. Hij in het midden. We proberen hem duidelijk te maken wat het probleem is.

˜Je terroriseert je broertje.

Geen reactie.

˜Je hebt een grote mond.

Geen reactie.

˜Je bent onbeleefd tegen de buren, geeft ze geen hand als ze zich komen voorstellen.

Geen reactie.

˜Het enige wat je doet is heel smerig naar ze kijken.

Wel een reactie: ˜Ik kan niet anders kijken.

˜Je maakt alles kapot. De spullen van je broertje.

Geen reactie.

˜Je maakt je eigen spullen kapot.

Wel een reactie: ˜Dat zijn toch mijn spullen!

Dat wil niet zeggen dat je die zomaar kapot mag maken. Die hebben mensen jou gegeven. Dat is heel aardig van ze.

Geen reactie.

Het gebrek aan respons maakt ons wanhopig. We denken dat hij geen geweten heeft, dat hij echt niet beseft wat de gevolgen zijn van zijn daden. We gaan naar huis.

's Middags tijdens de open dag van het Concertgebouw hebben we alle vier een koptelefoon op tijdens de stille disco. Mijn vrouw en ik verliezen de twee even uit het oog en dan is het zover. De kleine is totaal overstuur en huilt zijn hele shirt nat; geslagen door zijn broer.

˜We gaan nu naar huis, zegt mijn vrouw. ˜Jullie zijn schijnbaar niet in staat het samen leuk te hebben.

De oudste holt weg. Als we thuis komen is zijn fiets weg. We bellen elke hulplijn en elk noodnummer van pleegzorg dat we hebben. Uiteindelijk krijgen we een vrouw aan de telefoon. Die stelt ons gerust. ˜Hij komt heus wel terug. Dan belt u weer, kom ik langs.

Mijn vrouw en de kleine zijn buiten. Het oudste broertje, de hulpmevrouw en ik zitten aan tafel. De jongen trekt weer een emotionele muur op met lange stiltes. Maar opeens is er dat ene zinnetje dat alles verklaart: ˜Mijn kleine broertje doet niet meer wat ik zeg.

De hulpmevrouw neemt mijn vrouw en mij apart. ˜Hij zou best eens autistisch kunnen zijn, zegt ze.

˜Is hij daarop onderzocht?

˜Niet dat we weten.

˜Praat u even samen en laat me weten of ik hem moet laten ophalen, zegt ze.

We zijn er snel uit. ˜We kunnen niet instaan voor de veiligheid van de kleine, zeggen we.

Als we de oudste de beslissing meedelen, begint hij onstuitbaar te huilen.

Daarna ga ik met hem naar zijn kamer om spullen in te pakken. De emoties zijn al snel verdwenen. Hij stopt zoveel mogelijk spullen in tassen, ook spullen van zijn broertje. Daarna gaat hij spelletjes doen op de computer. We eten nog een keer met zijn vieren. Hij eet veel, alsof er niets aan de hand is.

Na het eten wordt hij opgehaald. We omhelzen elkaar allemaal en iedereen huilt.

Nog nooit eerder voelde ik me zo tekortschieten. Mijn vrouw heeft waarschijnlijk hetzelfde gevoel. Hoe moet dit nu verder?

Reageer op artikel:
Zwarte zaterdag
Sluiten