Lauren Siemerink
Lauren Siemerink School Vandaag
Leestijd: 7 minuten

‘Hier wordt eindelijk gevraagd wat ik wil leren’: waarom steeds meer leerlingen kiezen voor Agora

Wat gebeurt er als je het traditionele lesrooster loslaat en leerlingen laat leren vanuit autonomie en het volgen van hun nieuwsgierigheid? Het Agora-onderwijs wint de laatste jaren snel terrein in Nederland. Inmiddels zijn er 35 Agora-scholen en er komen er volgend jaar nog zes bij. Voor veel leerlingen die vastlopen in het reguliere onderwijs – waaronder veel neurodivergente jongeren – blijkt deze vorm van onderwijs een passend alternatief. Dat geldt ook voor de zeventienjarige Jur, examenleerling op Buurtcollege Agora Maas en Peel in Panningen. “Hier wordt eindelijk gevraagd: wat wil je leren?”

”Ik kreeg te horen wat ik moest doen, maar nooit waaróm”

Jur begon zijn middelbare schooltijd op een traditionele school, maar raakte daar steeds verder gedemotiveerd. “Ik kreeg te horen wat ik moest doen, maar nooit waaróm.” Hij trok zich terug, werd opstandig en stond in 2 havo op het punt te blijven zitten. Niet omdat hij niet kon of wilde leren, maar omdat de manier van leren niet bij hem paste. “Voor veel leerlingen werkt regulier onderwijs prima,” zegt Jur. “Maar als je niet in het systeem past, moet jíj je aanpassen. Dat werkte voor mij niet.” Zijn ouders steunden zijn overstap naar Agora. Vader Marc: “We kozen bewust voor Agora vanwege Jurs behoefte om gezien te worden. De gelijkwaardigheid binnen de school en het wederzijds respect tussen leerling en coach gaven de doorslag.”

Geen toetsen, maar challenges

Leren vanuit nieuwsgierigheid en autonomie, hoe ziet dat er in de praktijk uit? “Agora-onderwijs vertrekt vanuit een andere kernvraag dan het regulier onderwijs”, legt schoolbestuurder Mariëlle Wilms uit: “Wie ben jij als leerling, en wat heb jij nodig om je te ontwikkelen?” In plaats van een vast rooster of klassikale lessen werken leerlingen met zogenoemde challenges: projectmatige opdrachten die aansluiten bij hun interesses. Enthousiasme, nieuwsgierigheid en intrinsieke motivatie vormen daarbij het startpunt. Vanuit daar verbinden leerlingen zelf de leerdoelen aan de vakinhoud. Wilms: “Een project eindigt niet met een toets, maar wanneer leerdoelen zijn behaald of wanneer een leerling voldoende verdieping ervaart.”

Van challenges naar centraal eindexamen

Het is kenmerkend voor Agora-onderwijs: leren zonder cijfers en traditionele toetsen in de onderbouw. Dat klinkt aantrekkelijk – misschien zelfs te mooi om waar te zijn. Hoe weet je dan of een leerling genoeg leert? Wilms is daar helder over. “Vrijheid betekent bij ons niet vrijblijvendheid. We volgen leerlingen intensief via coachgesprekken, reflecties en ontwikkelverslagen.” Tegelijkertijd ontkomen ook Agora-leerlingen niet aan de realiteit van het onderwijssysteem. In de bovenbouw gelden dezelfde wettelijke eisen als op reguliere scholen en leggen leerlingen een klassiek centraal eindexamen af. “Daar hebben we ons toe te verhouden, ook al schuurt dat soms met onze Agoriaanse vorm van leren” zegt Wilms. Tegelijkertijd ziet Wilms ook in dat het eindexamen een belangrijke voorbereiding vormt voor leerlingen op vervolgonderwijs.

Agora-onderwijs continu in ontwikkeling

Dat spanningsveld leidde in de beginjaren van Agora-onderwijs ook tot kritiek. De Onderwijsinspectie uitte zorgen over leerdoelen en meetbaarheid. Oud-leerlingen gaven aan dat er onvoldoende aandacht was voor kernvakken, zoals wiskunde. Wilms herkent die kritiek deels. “We doen niet alles perfect en zijn continu in ontwikkeling.” Tegelijk verzet ze zich tegen van het beeld van ‘vrijheid, blijheid’. “Ja, er is vrijheid, maar altijd binnen duidelijke kaders.” Inmiddels is de Agora-school in Panningen van Wilms meerdere keren positief beoordeeld door de Onderwijsinspectie en heeft de school een goede samenwerking samen met het ministerie van OCW.

Pionieren, uitstelgedrag en vertraging

De overgang naar de examenfase bleek voor Jur een van de lastigste onderdelen van zijn schooltijd. Zijn school zat nog in de opstartfase en hij behoorde tot de eerste lichting examenleerlingen.
“Veel was nieuw, voor ons én voor de school,” vertelt hij. Onduidelijkheid over wat er van hem verwacht werd leidde tot uitstelgedrag. Hij liep vertraging op en besloot zijn eindexamen te spreiden over twee jaar. Vorig jaar deed hij de helft van zijn vakken, dit jaar volgt de rest. Toch kijkt hij positief terug: “Het was niet makkelijk, maar juist door de uitdagingen ben ik extra trots op hoe ik me heb ontwikkeld.”

Vastlopen als onderdeel van leerproces

Agora ziet leren als ontdekkingsreis. Fouten maken en het ‘niet weten’ horen daar nadrukkelijk bij. Wilms: “Ook vastlopen is onderdeel van het leerproces.” Die manier van onderwijs vraagt veel vertrouwen. Van leerlingen, coaches, maar ook van ouders. “Er zijn geen dagelijkse inzichten in Magister of standaard toetsmomenten. Als je dat niet gewend bent, kan dat onrust geven”, aldus Wilms. De ouders van Jur herkennen dat: “We hebben ons zeker afgevraagd of dit de juiste keuze was. Maar we zagen dat Jur gelukkiger werd en meer zelfvertrouwen kreeg, dat geeft ons als ouders ook vertrouwen.”

Geen cijfers, wel zicht op ontwikkeling

De school van Wilms werkt met een eigen ontwikkelde app waarin betekenisvolle momenten worden vastgelegd aan de hand van foto’s, reflecties en observaties vanuit verschillende perspectieven. De aanpak is gebaseerd op The Six Circles of Wellbeing en maakt ontwikkeling zichtbaar en bespreekbaar, maar op een manier die verder reikt dan cijfers. Voor Jur vormen de wekelijkse coachgesprekken een belangrijk vangnet. “Je leert plannen, reflecteren en aangeven wat je nodig hebt. Als het mis dreigt te gaan, worden ouders betrokken.” Zijn ouders ervaren die korte lijnen als prettig. Vader Marc: “Op het reguliere onderwijs was er soms pas contact als het niet goed ging. Hier is de drempel laag.“

Leren vanuit nieuwsgierigheid in de praktijk

Jur vertelt enthousiast over een van zijn challenges, waarvan gamen het vertrekpunt vormde. Vanuit zijn interesse in Minecraft groeide zijn nieuwsgierigheid naar wat er binnen het spel mogelijk was. “Ik wilde steeds complexere bouwwerken maken. Voor de berekeningen die nodig waren gebruikte ik de stelling van Pythagoras.” Wat begon als spelen, groeide uit tot een serieus project waarin samenwerken, berekeningen maken en plannen centraal stonden. Het illustreert hoe een vak als wiskunde eigen wordt gemaakt, vanuit een persoonlijke interesse. Jur: “Ik leer pas echt als ik het nut ergens van zie. Juist die autonome manier van leren houdt me gemotiveerd.”

Coaches die richting geven

Die manier van leren vraagt veel eigen initiatief en goede begeleiding, zegt Wilms. “Iets wat bij veel van onze leerlingen goed past, maar niet bij iedereen – en dat erkennen we ook.” Die begeleiding komt op Agora-scholen niet van traditionele docenten, maar van coaches. “Dat maakt het contact gelijkwaardiger,” zegt Jur. “Je kunt makkelijker het gesprek aangaan, ook als je denkt dat iets niet gaat lukken. Ik heb daardoor goed geleerd mijn grenzen aan te geven en om hulp te vragen.” Er wordt gewerkt met heterogene groepen, met verschillende leeftijden en niveaus. Wilms: “Juist dat bevordert leren van en met elkaar.” Waar docenten meer sturen, geven coaching meer richting, vertelt Wilms. “Niet elke goede docent is automatisch een goede Agora-coach. Het vraagt openheid, zelfreflectie en de bereidheid om samen met de leerling te zoeken.”

Inclusief onderwijs met aandacht voor neurodiversiteit

Volgens Jur trekken Agora-scholen relatief veel neurodivergente leerlingen aan. “Je zit hier meer leerlingen die in het reguliere systeem vastlopen en hier weer tot bloei komen.” Zelf herkent hij zichzelf in de term neurodivergent, maar behoefte aan labels heeft hij niet. Het belangrijkste is dat hij zichzelf hier kan ontwikkelen op een manier die bij hem past, vindt hij. Wilms ziet wat maatwerk voor deze leerlingen kan doen. “Zo was er een leerling met autisme die een paar jaar geleden bij Agora startte: “Bij binnenkomst keek hij niemand aan, zat in een hoekje met een hoodie op en maakte amper contact. Ook had hij moeite met plannen, waardoor intensieve begeleiding en maatwerk nodig was. Door het tempo, de leerroute en de toetsvorm aan te passen, is hij succesvol door zijn examenjaar gekomen en heeft zijn havo diploma gehaald. Maar nog belangrijker: hij heeft sociale vaardigheden ontwikkeld, vrienden gemaakt en ontdekt waar zijn talenten liggen.”

Agora is niet voor iedereen en dat is oké

Zowel Wilms als Jur zijn helder: Agora werkt niet zonder eigen initiatief. Leerlingen moeten zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces. “Wie gesprekken met zijn coach uit de weg gaat of niets inbrengt, loopt vast.” Ook ouders die moeite hebben met loslaten, kunnen het concept lastig vinden, voegt Wilms toe. De ouders van Jur hadden hier vooral in de beginjaren moeite mee, maar inmiddels is het vertrouwen gegroeid. Vader Marc: Hier wordt er mét Jur gepraat, niet over hem. Dat heeft zijn zelfbeeld enorm versterkt. Uiteindelijk moet onderwijs passend zijn. En net zoals klassiek onderwijs niet voor iedereen geschikt is, is Agora dat ook niet.”

Vaardigheden voor het leven

”Niet elke leerling hoeft naar Agora”, zegt Wilms, maar principes als vertrouwen, autonomie en maatwerk zouden wat haar betreft breder toegepast mogen worden. Volgens Wilms draait ontwikkeling om meer dan resultaten alleen. “Het gaat ook om sociale vaardigheden, zelfinzicht en ontdekken wat je sterke en zwakke punten zijn. Jur doet dit jaar eindexamen en kijk alvast met gepaste trots terug op de weg die hij heeft afgelegd. “Ik heb hier geleerd wie ik ben en wat ik nodig heb. Dat neem ik de rest van mijn leven mee.”



Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Ieder weekend het beste van J/M Ouders in je mailbox 👪

Start je weekend goed met onze mooiste verhalen.