Ruth Smeets
Ruth Smeets Gezondheid Bijgewerkt: 13 feb 2026
Leestijd: 7 minuten

Thuiszitter in Nederland: ‘Op sommige dagen haalt hij het toilet niet eens’

Veel ouders zien hun kinderen dagelijks ‘gewoon’ naar school gaan en thuiskomen, maar wat als je kind dit niet aankan? Kailash van der Weide (55) is ouder van een thuiszitter. ‘Op sommige dagen komt hij nog niet eens uit bed voor een toiletbezoek.’

“Drie jaar geleden kwam Raphaël, hij was toen vijftien, op een maandagavond beneden met stress over zijn huiswerk. Ik liet hem zijn boeken halen om er samen naar te kijken. Toen hij opnieuw beneden kwam, kreeg hij nog meer stress en een boze uitval. De boeken vlogen letterlijk door de kamer.

Hij was duidelijk niet in staat om zijn schoolwerk te doen. De volgende ochtend liet ik hem thuisblijven, ook al wilde hij dat zelf niet. Uiteindelijk ging hij toch akkoord, omdat hij op dat moment ook verkouden was.

Het viel me al een tijd op dat hij minder energie en een slecht humeur had. In de weekenden lag hij alleen maar op bed. Eerder dacht ik dat hij gewoon wat extra rust nodig had, maar in de weken die volgden werd helder dat er meer speelde. Zodra zijn schoolwerk ter sprake kwam, deden zich vergelijkbare situaties voor. Het was voor hem duidelijk te veel.

Niet meer naar school

Sindsdien gaat hij niet meer naar school. Op sommige dagen is hij tot niks in staat. Dan krijgt hij zichzelf nog niet eens uit bed voor een toiletbezoek. Ik probeer bij hem te peilen wat de oorzaak is van zijn onvermogen. Hoogst zelden gaat het om ‘geen zin’, vrijwel altijd heeft hij een totaal gebrek aan energie, iets wat hij op de basisschool ook al met enige regelmaat ervaarde.

School wilde in het begin dat hij zo snel mogelijk terugkwam, terwijl ik vooral constateerde dat hij rust nodig had. Raphaël stelde voor om thuis zelf voor zijn toetsen te leren en alleen voor het maken ervan naar school te gaan, maar dat stonden ze niet toe. Pas veel later bleek dat hij niet ‘even’ rust nodig had, maar voor onbepaalde tijd.

Nergens toe in staat

Als ik zie dat hij echt moe is, geef ik hem de ruimte om op zijn eigen tempo hopelijk alsnog de dag te beginnen. Is dat een paar uur later nog niet gebeurd, dan breng ik hem eten. Op zulke dagen is hij immers ook niet in staat om daaraan te denken. Ik check altijd of hij zelf zijn afspraken kan afzeggen en neem dit indien nodig van hem over. Hem proberen over te halen om alsnog iets te gaan doen, werkt meestal niet. Op zulke dagen kán hij dat gewoon niet.

Wel probeer ik het gesprek met hem erover gaande te houden, zowel op de dag zelf als de dagen erna. Hoe kwam het dat het weer mis ging? Kon hij er misschien zelf iets aan doen om dit te voorkomen? Of was zijn agenda in de dagen ervoor te vol? Ook vraag ik hem hoe hij dit in de toekomst anders zou willen aanpakken.

Verlamd door zorgen

De dagen waarop Raphaël uitvalt, kom ik zelf ook in een soort pauzestand. Het is alsof ik niet meer kan bewegen, alsof ik voortdurend mijn adem inhoud. Elke seconde sta ik ‘aan’ en speelt in mijn achterhoofd de vraag wat ik moet doen. Moet ik hem steunen, met rust laten of juist stimuleren en motiveren? Hoeveel ruimte heeft hij nodig?

Op zulke dagen kom ik nauwelijks vooruit. Verlamd door zorgen voelt alsof ik vooral ‘rondhang’ in mijn dag, waarop weinig substantieels gebeurt. Sterker nog, ik neig er zelf ook naar om op zulke momenten mijn afspraken af te zeggen of taken uit te stellen, puur zodat ik ruimte kan creëren om me met mijn zoon bezig te houden. Elke seconde van de dag vraag ik me af hoe het met hem gaat. Dat is enorm vermoeiend.

Hoge verwachtingen

In mijn beleving verwachten we te veel van kinderen en jongeren als het aankomt op hun prestaties, zonder dat er ruimte is voor de vraag of een kind dat ook aankan. Jongeren gaan voor dag en dauw naar school en komen pas diep in de middag weer thuis, waarna er vaak allerlei andere activiteiten wachten, zoals sport- en muziekles en dáárna nog een berg huiswerk.

Week in, week uit volgen ze hetzelfde patroon. Dat is prima als ze de energie daarvoor hebben, maar wie dit niet heeft, loopt vast. Er is geen ontkomen aan. De leerplicht betekent aanwezigheidsplicht. Een andere vorm bestaat niet.

Leerrecht in plaats van leerplicht

Als ik één ding mocht veranderen aan het huidige onderwijssysteem zou ik pleiten voor een leerrecht boven een leerplicht. Het risico dat we jongeren overvragen is groot en we kijken nauwelijks of ze daadwerkelijk leren wat er van hen wordt verwacht.

Bij leerrecht komt er meer ruimte voor individuele verschillen en de manier waarop ze het beste leren. Het ene kind is meer praktijkgericht, het andere is theoretisch ingesteld. Sommigen leren van doen, anderen van ervaren.

Bovenal heeft niet iedere jongere baat bij hele dagen moeten functioneren in een groep. Niet iedereen voelt zich prettig in een klas van dertig kinderen. Voor sommigen is één-op-één contact veel gezonder.

We denken dat het vanzelfsprekend is dat mensen meedraaien op de snelheid van de maatschappij, maar voor sommigen is dit enorm lastig. De keuze is beperkt: het is ófwel volledig meedoen óf volledig uitvallen.

Ruimte voor verschillen

Ik heb altijd geprobeerd om mijn drie kinderen te zien als drie individuen die ieder een andere benadering nodig hebben. Sinds mijn jongste zoon thuiszit, is dit principe voor mij nog sterker geworden. Waar ik de één vooral moest pushen om de gewenste resultaten te bereiken, werkte dat bij de ander absoluut niet. De één heeft ruimte nodig om zelf dingen uit te vinden, de ander heeft baat bij heldere instructies. De één gedijt bij uitdaging, de ander moet bij de hand worden genomen.

Dit soort verschillen worden niet meegenomen in het onderwijs. Toch is het zó belangrijk om niet stelselmatig overvraagd te worden, wil je normaal kunnen functioneren. Steevast te korte nachten maken omdat je veel slaap nodig hebt, is iets heel anders dan te weinig slapen omdat je te laat naar bed gaat. Aan dat laatste kun je iets veranderen, dat eerste hoort bij hoe je in elkaar zit. Energieverschillen maken de dagen voor sommigen letterlijk korter. Helaas is daarvoor nog weinig oor.

Weerstand

Aan alle ouders wil ik meegeven: neem je kind serieus. Gezondheid gaat altijd boven andere verplichtingen, inclusief de leerplicht. Natuurlijk is school belangrijk, maar het is niet ons hele leven. Als een kind denkt dat het ‘leeft voor school’, gaat er duidelijk iets mis.

Extreme vermoeidheid kan fysieke oorzaken hebben, zoals vitaminetekorten. Sluit die zeker niet uit. Al gaat weerstand om naar school te gaan veel vaker over iets anders dan we denken. Het kan wijzen op overbelasting. Soms tijdelijk, maar ook dat mogen we serieus nemen. Ieder mens heeft weleens een baaldag, dus waarom zouden kinderen hierop geen recht hebben? En als een losse baaldag het vraagstuk niet oplost, speelt er duidelijk iets groters. Raphaël is door meerdere hulpverleners onderzocht, maar er is geen diagnose gesteld.””

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Ieder weekend het beste van J/M Ouders in je mailbox 👪

Start je weekend goed met onze mooiste verhalen.