Sofie Vissers
Sofie Vissers Opvoeden Vandaag
Leestijd: 4 minuten

Loth van Veen in Zweden: ‘Hoe kinderen hier leren van vuurtje stoken en messen gebruiken’

Loth van Veen (40) is moeder van Pepijn (9), Stach (7) en Teun (5). Ze woont sinds de zomer van 2024 in Zweden waar ze samen met haar man Thomas een oud huis in het bos renoveert. Loth is docente, zelfstandig ondernemer en ze verkent het Zweedse onderwijs en de Zweedse manier van opvoeden. Ze schrijft iedere maand over wat haar opvalt en deze week gaat het over risicovol spelen, zoals met messen spelen.

Loth
Bron: Eigen beeld

Pas op! Kijk uit! Kom terug! Ik roep het met drie jongens van 5, 7 en 9 jaar echt de hele dag. Stom, want ik weet dat het niet helpt. Naar mijn zoveelste pas op! wordt er echt niet meer geluisterd. Bovendien leren ze op deze manier weinig over vallen en opstaan. Ik blijk niet de enige die dit lastig vindt: 70 procent van de Nederlandse ouders zegt liever een risicovolle situatie te vermijden dan hun kind te laten leren van vallen. Deze veilige (‘helikopter’) opvoeding lijkt op korte termijn misschien te beschermen (hallo rubbertegels en binnenspeeltuinen!), maar kan kinderen op lange termijn juist kwetsbaar maken omdat ze belangrijke dingen niet leren wat betreft beweging, motoriek en het inschatten van risico’s en gevaar.

Dat is hier in Zweden wel anders. Op dag één gaf de leerkracht van de förskola mijn zoontje (5) een enorme boomstam, een hamer en een doos spijkers. Inmiddels ben ik eraan gewend en kijk ik niet meer op van verhalen over messen, takken slijpen en vuurtjes stoken, met school of bij vriendjes thuis.

En hoewel het begrip ‘curlingförälder’ hier ook bekend is (inderdaad: curlingouders) wordt het risicovol spel hier meer gestimuleerd dan in Nederland. Drie dingen die ik het afgelopen jaar leerde:

Maak onderscheid tussen ‘gevaar’ van een mes en ‘risico’

Dit zijn twee verschillende dingen. Gevaar is onacceptabel. Denk aan gevaarlijke verkeerssituaties of giftige planten. Dit moet je uiteraard vermijden.

Risico daarentegen, wordt gezien als een kans om van te leren. Bijvoorbeeld: laat je kind in een boom klimmen, en blijf in de buurt om in te grijpen als het mis gaat (en dus niet als het spannend wordt). Ook het maken van vuur of het omgaan met gevaarlijk gereedschap, zoals een mes, hoort hierbij. Zo krijgt mijn oudste zoontje (9) wekelijks ‘slöjd’ als vak op school: lessen in houtbewerking waar hij leert om gaan met zagen, messen en ander ‘gevaarlijk’ gereedschap.

Observeren in plaats van ingrijpen

Toen wij laatst tijdens een lange boswandeling wat marshmallows wilden roosteren, mochten de kinderen zelf het vuur maken. Opvallend was dat de kinderen dit eigenlijk ontzettend goed deden en dat wij, vier volwassenen, toch continu de behoefte voelden om in te grijpen. We riepen voortdurend ‘pas op!’, ‘kijk uit!’ zonder dat daar nu eigenlijk echt aanleiding voor was. Dat hielp natuurlijk helemaal niets. Sterker nog, het ondermijnde het zelfvertrouwen van de kinderen waarschijnlijk behoorlijk. Bovendien namen wij iets belangrijks van hen over: het inschatten van risico’s. En dat is nu precies wat de kinderen zèlf moeten leren.

Bijt dus wat vaker op je tong en kijk goed: wat probeert je kind te doen? Vraagt je kind om hulp? Of is je kind geconcentreerd bezig? En schat in: is dit echt gevaarlijk? Of vind je het zelf vooral spannend om te zien? Let op de motoriek, op het zelfvertrouwen en op het inschattingsvermogen van je kind. Is er daadwerkelijk hulp nodig?

Let op je woorden: taal doet ertoe

Stel, je kind klimt in een boom of op een steile rotswand. En jij roept: ‘pas op, dat is veel te hoog!’. Je suggereert nu gevaar en geeft aan dat je weinig vertrouwen hebt in de situatie. Of je roept: ‘voel je stevig genoeg om nog een stapje hoger te gaan?’. Nu stimuleer je zelfreflectie en laat je vertrouwen zien.

Wat we tegen onze kinderen zeggen doet ertoe. Het heeft invloed op het zelfvertrouwen van kinderen, het vermogen om risico’s in te schatten en de ruimte die kinderen voelt om te experimenteren. Zinnen als ‘je lijkt goed te kijken waar je je voeten zet’ of ‘wat slim dat je even test of die tak stevig is’ versterken het gevoel van controle en eigen regie.

Een mes voor een vijfjarige

Toen ik laatst op een feestje de jarige van vijf jaar oud (!) een groot paddenstoelenmes zag uitpakken, was ik niet meer verbaasd. De vraag lijkt hier in Zweden niet ‘hoe voorkomen we ongelukken?’, maar ‘hoe leren kinderen omgaan met risico’s?’. Kinderen leren om risico’s te nemen en dit begeleiden, dààr leren ze van.

Ben jij benieuwd hoe goed jij bent in het begeleiden van risicovol spel? Er is een online test beschikbaar waarin je dit ontdekt.”

Zeina Bassa van Veiligheid NL pleit voor risicovol buitenspelen

Risicovol buitenspelen, dat klinkt spannend, misschien zelfs een beetje eng. Toch pleit expert van VeiligheidNL Zeina Bassa juist voor die spannende momenten buiten. “Als kinderen leren vallen, leren ze ook opstaan. Daar groeien ze van.” Voor J/M Ouders legt ze uit waarom kinderen risico’s moeten nemen, wat het je als ouder oplevert om soms even niet in te grijpen en hoe je buitenspelen weer leuker maakt dan het scherm.

Verbonden expert
Loth van Veen
Loth van Veen
Docente en auteur
Loth is docente, auteur, eigenaar van Intermijn en moeder van Pepijn (9), Stach (7) en Teun (5). Loth is opgeleid als docent en gaf jarenlang les in het voortgezet onderwijs en het hbo. Sinds de zomer van 2024 woont Loth met haar gezin in Zweden. Ze renoveert daar een oud huis en verkent het onderwijs in Scandinavië. »

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Ieder weekend het beste van J/M Ouders in je mailbox 👪

Start je weekend goed met onze mooiste verhalen.