Lisa van den Akker
Lisa van den Akker Opvoeden 17 feb 2022

J/M Ouders-panel: ‘Mijn dochter (9) is heel erg bang voor ziektes’

Iedere donderdag beantwoorden drie panelleden uit het J/M Ouders-panel een opvoedvraag van onze lezers. Het panel bestaat uit deskundigen en experts met ieder hun eigen specialisme.

Deze week beantwoorden onze panelleden Frieda Eichhorn en Mirjam de Nijs de volgende vraag:

“Mijn dochter van negen is heel erg bang voor ziektes. Toen ze 6 jaar was is haar oma overleden aan kanker, sindsdien is ze continu bang dat ze ook kanker krijgt. Of dat één van ons kanker krijgt. Sinds de pandemie is het alleen maar erger geworden, ze is nu ook bang voor andere ziektes en voor corona. We praten veel met haar en leggen haar uit dat de kans op ernstige ziektes klein is, en dat de dokters heel veel mensen kunnen genezen. Maar het lijkt niet tot haar door te dringen. Wat kunnen we doen?”

Heb jij ook een vraag voor het J/M Ouders-panel? Stuur dan een mail met jouw vraag naar [email protected] 

'Denkt ze dat kanker, net als corona, besmettelijk is?'

Mirjam de Nijs

Mirjam de Nijs

Kinder- en jeugdpsycholoog

Mirjam de Nijs is kinder- en jeugdpsycholoog en eigenaresse van You&Me Psychologie. Als psycholoog ziet ze gezinnen met diverse hulpvragen. Van onzekerheid tot trauma, van gezinsproblemen tot diagnostiek.

“Op deze leeftijd is het niet gek dat een kind zo nu en dan meer bezig is met de dood, ziektes en alles wat er in de wereld speelt. Het hoort dingen op tv, leest erover, hoort mensen erover praten en het speelt ook mee wat het kind zoal heeft meegemaakt. Het is ontzettend goed dat jullie erover blijven praten en haar helpen te relativeren, blijf dit ook zeker doen.

In jullie geval is er een duidelijke aanleiding waardoor ze bang is geworden voor ziektes. Ze was nog maar 6 jaar en daardoor is het goed om nog eens terug te komen op wat je dochter nu weet over kanker. Kinderen tot 6 jaar zitten namelijk nog in een fase waarin magisch denken meespeelt. Pas vanaf een jaar of 6/7 leert je kind steeds meer over de wereld om haar heen en over logische verbanden leggen. Het kan daarom helpend zijn om inzicht te krijgen in haar gedachten over kanker. Zijn deze gedachten reëel? Klopt het wat ze ervan weet? En heeft ze hierover vragen? Denkt ze bijvoorbeeld dat kanker, net als corona, besmettelijk is?

Er zijn goede kinderboeken geschreven om de uitleg over kanker te begeleiden. Het is zeer goed mogelijk dat ze door het overlijden van oma zelf een aantal verbanden heeft gelegd die niet kloppend zijn waardoor ze zo angstig blijft. Sta samen stil bij wat je kind denkt en voelt. Praat hierover, maak er een tekening van of schrijf het op.

Zorg dat je kind niet continu informatie binnenkrijgt over corona, maar kijk bijvoorbeeld één keer per dag het Jeugdjournaal. Zoek filmpjes op voor kinderen over corona waarin wordt uitgelegd wat het is en wat je zelf kunt doen om de kans te verkleinen dat je het krijgt of doorgeeft. Belangrijk hierbij is ook te benadrukken dat je erop vertrouwt dat de volwassenen het gaan oplossen, maar dat we er allemaal ongerust van worden. Zeg niet dat er niets aan de hand is, want kinderen die toch al wat angstiger zijn merken heel goed aan volwassenen dat er iets is.

Ga ook samen met je dochter na op welke momenten ze angstiger is voor ziektes en op welke momenten ze er niet aan denkt. Schrijf dit bijvoorbeeld op in een dagboek of weekoverzicht. Zo kom je er samen achter wat helpend is voor je dochter om er niet aan te denken. Wanneer ze hier inzicht in krijgt, heeft ze ook meer het gevoel zelf de controle te hebben om er wel of niet aan te denken. Ook kan een pieker kwartier instellen helpend zijn. Plan samen vijftien minuten op de dag in om na te denken over ziektes. Zo kader je het denken en kan het ervoor zorgen dat de gedachten gedurende de dag minder zijn. Doe dit niet net voor het slapen gaan.

Wordt het angstige gevoel niet minder en wordt je dochter belemmerd in het functioneren op school, in het gezin of met leeftijdsgenoten, dan is het helpend om met iemand te gaan praten, zoals een kinderpsycholoog.”

'Het dringt tot haar door dat mensen van wie ze veel houdt kwetsbaar zijn'

Frieda Eichhorn

Frieda Eichhorn

Gezinscoach

Frieda Eichhorn (1978) is oprichtster van Gezinscoach. Met haar frisse blik, humor en oplossingsgerichte adviezen, helpt ze gezinnen met zorgen om weer grip op het gezinsleven te krijgen. Ze is naast gezinscoach ook communicatiedeskundige en heeft drie kinderen, waarvan de oudste zoon met Downsyndroom en ASS.

“Bang zijn is heel normaal en op bepaalde momenten erg handig. Het waarschuwt je kind voor gevaarlijke dingen. Zo leert het goed op te letten en veilig te zijn. Als je kind vaak bang is, dan is dat niet zo fijn.

In dit geval lijkt je dochter het vertrouwen dat alles wel goed komt, kwijt te zijn. Het dringt juist tot haar door dat mensen van wie ze veel houdt kwetsbaar zijn. Kinderen van negen jaar worden zich bewuster van hun omgeving en zullen geen genoegen nemen met een geruststellend antwoord. Hoe kun je haar helpen met de angst te leren omgaan?

Neem de angst altijd serieus. Ondanks dat de aanleiding van de angst hier duidelijk is, adviseer ik nooit te snel aannames te doen. Het blijft immers een meisje van negen jaar met een eigen belevingswereld. Vraag door en wees open in het ontvangen van de verhalen en gevoelens van je kind. Wat houdt je dochter echt bezig? Het kan zomaar zijn dat ze zich schuldig voelt dat oma er niet meer is. Of denkt ze dat Kanker besmettelijk is net als corona?

Benoem dat je haar wilt helpen. Zou ze het fijn vinden om andere gedachtes te hebben en zich anders te voelen? Zou ze de vervelende gedachtes die haar angstig maken onder controle willen krijgen? Die controle geeft haar uiteindelijk zelfvertrouwen. Ga samen aan de slag. Neem een rustig moment gedurende de dag of een moment dat ze zelf aangeeft dat ze bang is. Dit hoeft niet altijd met woorden te zijn. Let ook goed op angstig gedrag. De volgende vragen kunnen je helpen:

  • Op welke momenten lukt het haar om er niet aan te denken?
  • Hoe is het haar gelukt er niet aan te denken? Werd ze afgeleid of heeft ze zichzelf aangemoedigd iets anders te gaan doen?
  • Welke gedachten helpen haar om de angst te overwinnen? Wat zegt ze dan tegen zichzelf?

Maak een tekening of poster. Als je een paar van deze helpende gedachten met haar opschrijft, kan ze het ergens bij zich houden of ophangen. Zo kan ze elke keer zien wat haar heeft geholpen. Het is belangrijk dat ze het zelf verzint en opschrijft. Als ze zichzelf leert geruststellen, krijgt ze de controle terug. Vergeet tenslotte nooit het goede voorbeeld te geven. Geef aan dat je ook weleens bang bent en wat jou helpt om rustig te blijven.

Blijven de gedachtes komen en zie je dat je dochter er steeds meer last van krijgt? Dan kan het helpen om er met iemand anders over te praten. De huisarts kan doorverwijzen naar een kindercoach of kinderpsycholoog.”

J/M Ouders-panel: ‘Mijn zoontje (7) laat zich gemakkelijk beïnvloeden’

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Iedere zaterdag het beste van J/M Ouders in je mailbox

Begin je weekend goed met de mooiste verhalen van J/M Ouders

Reageer op artikel:
J/M Ouders-panel: ‘Mijn dochter (9) is heel erg bang voor ziektes’
Sluiten