Help, mijn kind kan niet alleen spelen

 

Een kind dat niet alleen kan spelen, dat kan flink lastig zijn. Want je kind verveelt zich snel en jij krijgt er net zo goed mee te maken. Want jij moet het oplossen.

Mijn kind verveelt zich heel vaak. Wat kan of moet ik daar mee?

Verveling is goed voor een kind. Je hebt het misschien al vaker gehoord, maar het is wel lastig als je kind zich continu verveelt als het alleen is. Want dat betekent meestal dat jij – in de ogen van je kind – de aangewezen persoon bent om voor een oplossing te zorgen.

Alleen tv kijken, een computerspelletje doen of gamen, dat gaat waarschijnlijk nog wel. Maar zodra het beeldscherm uit moet, weet je kind niet meer wat het met zichzelf aan moet. En dan wil het dus alleen kleuren als jíj meedoet of naar de speeltuin als jíj mee gaat. Of je kind legt constant beslag op een broertje of zusje.

Anders van aanleg

Hoe voorkom je dat? Om te beginnen, is het goed om je te realiseren dat elk kind anders van aanleg is: het ene kind kán gewoon beter alleen spelen, het andere minder. Als je kind heel beweeglijk en snel afgeleid is en steeds op zoek is naar nieuwe uitdagingen, zal hij het moeilijker vinden om zichzelf te vermaken.

Het kan er ook mee te maken dat je kind van jongs af aan gewend is om met jou samen te spelen. Misschien is het enig kind of het oudste kind, en heb je steeds toegegeven als je kind aandacht wilde. Daardoor is je kind eraan gewend geraakt dat het maar een kik hoeft te geven en jij staat paraat om samen iets te doen.

Zelf spelen

Ook verschilt het per leeftijd: hoe jonger het kind, hoe lastiger het is om zelf te spelen. Peuters en kleuters willen het liefste constant je aandacht, of je nu aan het koken bent of met iemand een gesprek probeert te voeren. Een peuter kan zich gemiddeld maar een kwartier zelf vermaken, een kleuter misschien 20 of 30 minuten.

Hoe dan ook kan je kind leren om zich wat vaker alleen te vermaken. Het helpt daarbij om het niet op een negatieve manier te benaderen – ‘Ga nu in vredesnaam even alleen spelen‘ – want daardoor zal je kind juist nog meer geneigd zijn om je aandacht te willen.

Kiezen

Als je kind het lastig vindt om te beginnen met spelen, laat het dan kiezen. Noem bijvoorbeeld een paar opties en laat je kind daaruit kiezen. Als je kind wat ouder is, kun je ook een lijst maken met ideeën om te doen. Of laat je kind dingen die het leuk vindt om te doen zelf op briefjes schrijven en doe die in een potje. Als er weer een verveelmoment is aangebroken, laat je kind dan een briefje trekken uit het ‘verveelpotje’.

Staat de hele woonkamer vol speelgoed dat je in vlagen van wanhoop hebt aangeschaft om je kind maar aan het spelen te krijgen? Het kan zijn dat er té veel staat. Hoe meer keuze, hoe lastiger het is om te kiezen. Probeer eens een deel van het speelgoed weg te zetten zodat er juist minder in de kamer staat. Dan is de keuze namelijk ook minder lastig. Na een paar weken kun je weer wisselen, dan lijkt het ‘oude’ speelgoed weer helemaal nieuw.

Op weg helpen

Misschien vindt je kind het vooral moeilijk om te beginnen met spelen en heeft het wat hulp nodig om zelf te spelen. Dan is het voldoende als je het even op weg helpt. Begin bijvoorbeeld door eerst samen te spelen en geef van tevoren aan dat je alleen éven meespeelt en dat je daarna weer iets anders gaat doen.

Om je kind alleen te leren spelen, kun je in het begin een kookwekker zetten voor een bepaalde tijd. Spreek dan af met je kind dat het bijvoorbeeld een kwartier of een half uur alleen gaat spelen. Geef het tussendoor heel kort aandacht door even te kijken hoe het gaat of geef een complimentje dat je kind zo lekker aan het spelen is. Als dit goed gaat, kun je de kookwekker op een gegeven moment wat langer zetten.

Vaste momenten

Een vaste structuur kan helpen. Zorg ervoor dat het voor je kind duidelijk is wanneer wat gebeurt. Drink bijvoorbeeld samen iets als je kind uit school komt en klets dan even samen over de dag. Daarna is het tijd voor je kind om zelf te spelen. Als je zo’n vaste volgorde aanhoudt, weet je kind waar het aan toe is en wat er gaat gebeuren als het thuiskomt uit school.

Bouw daarbij ook momenten in waarin je je kind bewust aandacht geeft. Bijvoorbeeld als het net uit school komt of ‘s avonds na het eten. Het is belangrijk dat je kind voelt: ook al speel ik alleen, er is óók tijd om samen te zijn.

Onderlinge band

Samen spelen hoort daar zéker bij, want het is goed voor de onderlinge band en de sociale vaardigheden als jullie af en toe samen spelen. En datzelfde geldt natuurlijk als je kind met vriendjes of vriendinnetjes speelt: stimuleer dat vooral, want dat is goed voor de sociale vaardigheden en voor de spelontwikkeling. Maar daarnaast leert je kind dus dat het zichzelf ook kan vermaken.

Als je kind alleen aan het spelen is en toch steeds je aandacht vraagt, probeer er dan niet meteen op in te gaan. Zeg bijvoorbeeld vriendelijk en consequent dat je nu even met iets anders bezig bent en dat je over 10 minuten wél tijd hebt.

Vervelen je kinderen zich tijdens de zomervakantie? Met deze tips niet meer

 

 

 

 

Reageer op artikel:
Help, mijn kind kan niet alleen spelen
Sluiten