‘Avondeten is hier elke dag strijd’: vadercoach legt uit hoe je het weer gezellig krijgt
Het vaderschap kent naast alle mooie momenten ook zijn uitdagingen. In deze rubriek deelt vadercoach Marloes Craenen regelmatig een casus uit haar eigen praktijk. Deze keer het dilemma van Gijs (43): “Het avondeten is bij ons constant strijd. Hoe zorg ik dat het weer gezellig wordt aan tafel?”
‘Het avondeten is bij ons constant strijd’
“Bij ons thuis was het vroeger simpel: aan tafel gedraag je je zoals het hoort. Niet praten met volle mond, netjes zitten, eten wat de pot schaft. En als je dat niet deed… nou ja, dan zwaaide er wat.
En nu zit ik aan tafel met mijn eigen kinderen en besef ik me waarom mijn moeder altijd zo streng was. Mijn kinderen? Ze hangen half op hun stoel, praten met volle mond, knoeien met hun eten en nog voordat ze ook maar één hap hebben genomen, roepen ze al: ‘Lust ik niet!’ terwijl ze het vorige week nog gewoon aten. Ik voel irritatie opkomen als ik dat zo zie. En dus roep ik aan de lopende band dingen als: zit een stil, niet praten met volle mond, eet je bord leeg! en zelfs: anders krijg je geen toetje!
De jongste maakt het echt bont. Die blijft überhaupt niet aan tafel zitten. Hij staat op, rent weg en als ik hem terugroep, rent hij juist harder de andere kant op. Zodra ik opsta om hem te halen klimt hij letterlijk in de gordijnen. En daar krijg ik hem er met geen mogelijkheid meer uit. Voor hem is het grappig. Voor mij totaal niet.
Ik merk dat ik steeds bozer word. Dat ik harder ga praten, strenger word. Dan zet ik een kind in de hoek of stuur ik er een naar zijn kamer. Ik hoor mezelf dingen zeggen waar ik van schrik en later spijt van heb. Zo wil ik het helemaal niet! Ik wil mijn kinderen gewoon leren hoe het hoort, ze iets meegeven voor later. That’s all!
Als ik eerlijk ben moet ik toegeven dat ik steeds meer opzie tegen het eetmoment. Sterker nog: ik kijk er naar uit als ik laat afspraken heb en niet kan zijn met eten. En dat knaagt aan me. Hoe krijg ik dit onder controle en zorg ik ervoor dat ik weer uitkijk naar het avondeten met mijn gezin?”
Het antwoord van vadercoach Marloes Craenen
“Ik hoop dat ik je gerust kan stellen met het volgende, Gijs: iedere vader die ik help, deelt vergelijkbare frustraties over het tafelmoment met me. Zelfs in je verlangen buiten de deur te willen eten ben je niet de enige. Hoe dat kan? Vaders voelen zich vaak juist veel te verantwoordelijk voor het bewust aanleren van goede gewoonten en willen snel resultaat zien. Dus als het vervolgens aan tafel anders loopt dan jij vroeger zelf hebt geleerd, dan raakt dat direct jou verantwoordelijkheidsgevoel.
Maar kinderen van deze leeftijd zijn helemaal niet bezig met ‘hoe het hoort’. Ze willen vooral begrijpen waarom iets is zoals het is. En als de motivatie daar achter jouw eigen opvoeding is, dan voelen ze ook je angst. En daar (re)ageren ze op.
Ook de regel ‘omdat ik wil dat jullie bij anderen of in een restaurant netjes kunnen eten’ ligt zó ver, daar kunnen ze simpelweg niet bij. Sterker nog: kinderen gedragen zich bij anderen standaard beter. Ze voelen: hier gelden andere regels, andere energie. Dus bewegen ze mee.
Wat kinderen wél motiveert aan tafel
Laat ik een persoonlijk verhaal met je delen over mijn Italiaanse buren. Daar waren geen tafelregels. En dus was er nooit strijd. Hooguit werd iets met een grapje of een knipoog gezegd. Het was er gezellig, er werd gekletst, gelachen, gepraat over de dag. Het was het moment waarop iedereen rust vond en ook de ouders weer even bewust met elkaar in verbinding traden. Daar wilden de kinderen juist bij zijn. Dus zaten ze aan tafel zolang als hun spanningsboog dat aankon.
Wanneer de jongste leg had gekregen, was hij daar volledig in verdiept. Dat lieten ze, want het ontwikkelen van focus is ook belangrijk. En dan ineens, als het eten lekker rook, als hij ons hoorde lachen of als het toetje op tafel kwam… dan kwam hij vanzelf even kijken of proeven. Soms hielp een zachte uitnodiging van zijn moeder, met zijn koosnaampje. Geen strijd. Geen druk. Gewoon een open deur.
Die jongen is nu 16. Een gezonde, sterke puber. Hij doet het goed op school, heeft leuke vrienden en lust alles. Als we nu uit eten bestelt hij de mooiste gerechten van de kaart en zit hij zichtbaar te genieten. Of hij duikt zelf de keuken in. Hij heeft niet aangeleerd gekregen dat samen eten belangrijk is. Hij heeft gevóéld dat het leuk is. Volledig intrinsieke motivatie.
En dat is waar het om draait. Kinderen motiveer je niet omdat jij dat wilt, maar omdat iets leuk is of fijn. Dat zijn die spiegelneuronen waar ik het vaker over heb.
Plus: ieder kind is anders. De één kan goed stil zitten en geniet van dat samen zitten, de aandacht van ouders. De ander wordt er juist onrustig van.
Wat kan je doen als ouder?
- Laat de controle los en focus je op de fijne sfeer.
- Maak van de tafel een plek waar je zelf graag bent. Waar gelachen wordt, verhalen gedeeld worden, er oprechte interesse is in elkaar. En ondertussen geniet je van het heerlijke eten.
- Als een kind echt niet wil zitten? Laat hem. De aantrekkingskracht van een fijne sfeer is vele malen sterker dan welke regel dan ook. Als hij voelt: daar gebeurt iets leuks, iets warms, iets fijns… dan komt hij vanzelf.
- Kleine bijsturingen zonder druk zijn oké, zoals: laat je eten maar op je bord liggen in plaats van ernaast. Of: eet je mond eerst maar even leeg, dan kan ik je beter verstaan.
- En wil je toch iets meegeven over tafelmanieren? Wacht dan tot ze ouder zijn. Vanaf een jaar of zeven kan je samen afspraken maken. Niet opleggen, maar samen bedenken. En dan hoef je niet te corrigeren, maar kan je rustig zeggen: ‘Hé, weet je nog wat we hadden afgesproken?’ Neem daar van iedereen een afspraak in op die echt belangrijk zijn en de sfeer ten goede komen, zoals respect voor elkaar en voor het eten.
En misschien wel de belangrijkste: Laat het perfecte plaatje los. Want dat plaatje… is vaak helemaal niet van jou. Het komt uit jouw opvoeding. Uit verwachtingen waar jij aan moest voldoen. Kinderen voelen dat dit niet oprecht is en dat het niet gaat om hoe het er uit ziet. En dus gaan ze er tegen in. Het enige wat je goed wilt hebben is jullie band en de fijne sfeer. De rest komt vanzelf.
Favoriete speelgoed van de redactie
Onze redactie is altijd op zoek naar speelgoed dat meer doet dan alleen vermaken. Wij selecteren de mooiste en hipste producten voor ons kroost en die delen we graag met onze lezers. Speelgoed dat niet alleen kwalitatief en duurzaam is, maar ook bijdraagt aan de ontwikkeling en aansluit bij de principes van Montessori. Zelf ontdekken, leren door te doen en spelen met aandacht. In dit overzicht delen we onze favoriete vondsten.
Stapelstein
Redacteur Vera: “Die kleurrijke stapelstenen van Stapelstein zijn in ieder gezin een groot succes. Je kunt ze gebruiken om het evenwicht van je kind te trainen, ze kunnen erop zitten/tollen of ze kunnen ze op kleur sorteren. Alles is mogelijk en dat maakt het extra leuk.”
Magneettegels
Redacteur Lisette: “Het lijkt zo simpel: gekleurde magnetische tegels die je aan elkaar klikt. Maar mijn twee jongens (6 en 3) bouwen er de meest fantasierijke creaties mee, van kastelen tot metershoge knikkerbanen en autogarages. Ondertussen zijn ze ongemerkt bezig met ruimtelijk inzicht, creativiteit en probleemoplossend denken. En dat maakt het, tussen alle dino’s door, misschien wel het leukste speelgoed in huis.”
Kapla
Kapla
Hoofdredacteur Sofie: “Simpeler kan het niet: blankhouten latjes, Mijn kinderen (4 en 6) zijn er gek op en maken er de mooiste bouwwerken van. Van hekjes voor de boerderij tot de Eiffeltoren. En het stimuleert ook nog hun creativiteit en bouwkundig inzicht.“
Houten regenboog
Redacteur Amarins: “De houten regenboog lijkt op het eerste gezicht simpel, maar blijkt hier in huis een echte alleskunner. Mijn zoon (2) gebruikt de bogen voor van alles: als brug, tunnel, huisje voor poppetjes of zelfs als wieg voor zijn knuffels. Het nodigt uit tot vrij spel en hij oefent er ongemerkt zijn motoriek, ruimtelijk inzicht en creativiteit mee.”
Lichtgewicht fiets
Redacteur Sofie:“Op deze lichtgewicht kinderfiets hebben mijn beide kinderen heel snel leren fietsen.”