Lisette Gerbrands
Lisette Gerbrands Persoonlijke verhalen vandaag
Leestijd: 5 minuten

Moeder Renée zag haar hoogbegaafde zoon Stijn vastlopen: ‘Zijn hoofd zat voortdurend te vol’

Eigenlijk merkte Renée Mulder – Van der Vinne (31) al toen Stijn ongeveer anderhalf jaar oud was dat hij zich anders ontwikkelde dan andere kinderen. Hij wilde precies weten hoe dingen werkten en was opvallend technisch ingesteld. “Hij nam informatie razendsnel op, onthield ontzettend veel en kon volledig opgaan in onderwerpen die hem interesseerden.”

“Later werd dat verschil steeds duidelijker. Hij leerde zichzelf rekenen, begreep al vroeg hoe de klok werkte en pikte gemakkelijk Engelse woorden en zinnen op. Vooral vliegtuigen, helikopters, dinosaurussen en techniek fascineren hem. Daar kan hij heel diep op ingaan. Hij stelt vragen die je niet snel van een kind van zijn leeftijd verwacht.

Tegelijkertijd ontwikkelt hij zich niet op ieder gebied even snel. Intellectueel loopt hij ver voor, terwijl hij sociaal-emotioneel en in zijn taalontwikkeling soms juist meer ondersteuning nodig heeft. Die ongelijke ontwikkeling maakt het voor hem én voor zijn omgeving soms ingewikkeld.

Alles komt binnen

Op school liep Stijn vooral tegen de drukte, de vele prikkels en het gebrek aan passende uitdaging aan. In een grote klas kwam ontzettend veel tegelijk bij hem binnen. Zijn gehoor is eens omschreven als een microfoon die voortdurend openstaat: hij hoort en verwerkt alles. Geluiden die andere kinderen nauwelijks opmerken, kunnen voor hem enorm hard en overweldigend zijn.

Daarnaast sloot het onderwijs niet altijd aan bij de manier waarop hij denkt en leert. Wanneer hij onvoldoende werd uitgedaagd of zich niet begrepen voelde, ontstonden frustratie en onrust. Van buitenaf kon dat worden gezien als lastig of ongewenst gedrag. Wij kregen juist steeds sterker het gevoel dat hij overvraagd én tegelijkertijd intellectueel ondervraagd werd. Dat was moeilijk om te zien.

We waren voortdurend bezig om te begrijpen wat er achter zijn gedrag zat, gesprekken te voeren met school en de juiste hulp te vinden. Je ziet je kind vastlopen en vraagt je steeds af of je de juiste keuzes maakt. Dat brengt verdriet, machteloosheid en veel zorgen met zich mee.

Als zijn hoofd te vol zit

Wanneer Stijn overprikkeld raakt, kan hij heel druk worden, gaan schreeuwen, boos worden of juist volledig vastlopen. Stoppen met iets waar hij helemaal in opgaat, zoals YouTube of een onderwerp dat hem interesseert, kan een heel heftige reactie oproepen. Niet omdat hij bewust ongehoorzaam wil zijn. Op zo’n moment is de overgang simpelweg te groot en zit zijn hoofd al vol.

Ook impulsiviteit en het moeilijk kunnen verwoorden van wat er vanbinnen gebeurt, spelen mee. Hij begrijpt intellectueel soms al heel ingewikkelde dingen, maar beschikt emotioneel nog niet altijd over de vaardigheden om met alle gevoelens en prikkels om te gaan. Dat maakt het soms lastig voor zijn omgeving. Mensen verwachten al snel meer van hem, omdat hij zo slim is. Maar slim zijn betekent niet dat je op ieder gebied even ver ontwikkeld bent. Dat vind ik misschien wel een van de moeilijkste dingen als ouder: mensen zien soms vooral wat hij doet, terwijl wij juist proberen te begrijpen waarom hij het doet.

De moeilijkste momenten waren de momenten waarop we zagen dat hij zichzelf kwijt was en wij hem nauwelijks konden bereiken. Als ouder wil je dan maar één ding: dat je kind zich weer veilig en goed voelt.

Een nieuwe school

De overstap naar het speciaal onderwijs was groot en spannend, voor Stijn én voor ons. Een nieuwe school betekent voor hem nieuwe mensen, een ander gebouw, ander vervoer en nieuwe verwachtingen. Hij heeft tijd nodig om aan zulke veranderingen te wennen en om zich ergens veilig te voelen.

Tegelijkertijd merken we nu dat er meer ruimte is om te kijken naar wat Stijn individueel nodig heeft. De kleinere en meer voorspelbare omgeving helpt hem om prikkels beter te verwerken. Er is ook meer begrip voor het feit dat zijn gedrag een signaal kan zijn van overbelasting, spanning of onduidelijkheid.

We zijn er nog niet. Ook deze overgang brengt uitdagingen met zich mee. Maar we zien voorzichtig meer rust en vertrouwen ontstaan. Voor mij is het belangrijkste dat Stijn steeds meer de kans krijgt om zichzelf te zijn, zonder voortdurend te hoeven voldoen aan een systeem dat niet bij hem past.

Vertrouwen op je gevoel

Als ik iets aan andere ouders zou willen meegeven, is het: vertrouw op wat je als ouder ziet en voelt. Jij kent je kind het beste. Hoogbegaafdheid betekent niet automatisch dat een kind het gemakkelijk heeft of vanzelf goed presteert op school. Een hoogbegaafd kind kan juist vastlopen, onderpresteren, boos worden, zich terugtrekken of gedrag laten zien dat verkeerd wordt begrepen. Kijk daarom verder dan cijfers en schoolresultaten. Let ook op de manier waarop je kind denkt, vragen stelt, verbanden legt en de wereld beleeft. Gedrag is vaak communicatie, zeker wanneer een kind nog niet kan uitleggen wat er in zijn hoofd en lichaam gebeurt.

Ik heb geleerd om te blijven vragen en zoeken naar mensen die echt naar Stijn kijken. En om me niet te snel te laten vertellen dat het vanzelf wel goed komt als mijn gevoel iets anders zegt. Hulp vragen of kiezen voor een andere vorm van onderwijs betekent voor mij niet dat ik heb gefaald. Soms is het juist de moedigste en liefdevolste keuze die je voor je kind kunt maken.

Zijn droom om te vliegen

Stijn is al heel lang gefascineerd door vliegtuigen, helikopters en alles wat met vliegen en de ruimte te maken heeft. Hij wil niet alleen weten dát iets vliegt, maar vooral hoe het kan vliegen, wat alle onderdelen doen en hoe een piloot of astronaut precies te werk gaat. Die combinatie van techniek, avontuur en het ontdekken van het onbekende spreekt enorm tot zijn verbeelding.

Hij droomt ervan om later zelf piloot of astronaut te worden. Voor hem is dat geen vluchtige kinderdroom. Hij verdiept zich echt in die wereld en haalt er ontzettend veel plezier uit. Een persoonlijke boodschap van een piloot of astronaut zou ontzettend veel voor hem betekenen. Het zou hem laten voelen dat zijn droom serieus wordt genomen en dat iemand uit de wereld waar hij zo naar opkijkt hem ziet.

Na een periode waarin hij vaak heeft ervaren dat hij anders is of niet binnen het gewone systeem past, zou zo’n boodschap hem enorm veel zelfvertrouwen, hoop en motivatie geven. Ik hoop vooral dat hij blijft voelen dat anders zijn niet betekent dat er iets mis met je is. Dat hij mag blijven ontdekken waar hij goed in is, waar hij blij van wordt en waar zijn nieuwsgierigheid hem brengt.“

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Lisette Gerbrands
Geschreven door Lisette Gerbrands

Als moeder van twee zoons van 7 en 3 jaar ziet Lisette (1985) dagelijks hoe groot de afstand kan zijn tussen theorie en praktijk. Die ervaring neemt ze mee in haar werk, waarin journalistieke nieuwsgierigheid en herkenbare verhalen samenkomen. Met haar achtergrond in Communicatie schrijft ze vanuit Den Bosch verhalen die laten zien dat er niet één juiste aanpak bestaat. Ze biedt ouders herkenning, nuance en perspectief in een fase van het leven waarin vragen vaak belangrijker zijn dan antwoorden.

Reacties