Praten over porno met je kind. Maar hóe dan?

redactie 19 jun 2018 Opvoeden

Porno: kinderen zien dit sneller dan ouders vaak denken. Vooral via internet is het snel en makkelijk toegankelijk. Ook laten kinderen het bijvoorbeeld aan elkaar zien op het schoolplein. Goed om hier dus over te praten met je kind. Journalist Anne Elzinga ging op onderzoek uit, want hoe praat je over porno met je kind? 

Mijn kinderen zagen al voor hun tiende hoe een zwaargeschapen man een weelderige blondine van achteren bediende. Over porno hadden we toen nog nooit gesproken. Was de SIRE-campagne ‘Praat met je kind over porno, voordat internet het doet’ dus een goed idee?

Voorkom verwarring met de realiteit

Er komt gehijg en gekreun uit de boxen van de televisie. Het duurt even voordat het tot Myrthe doordringt dat dit geluid niet hoort bij de Disney-film die ze speciaal voor haar oppaskinderen heeft opgenomen. Ze rent naar het scherm. Inderdaad zijn daarop niet Assepoester en haar prins actief, maar een naakte, rondborstige pornoactrice en haar net zo blote, flink geschapen sekspartner. De onschuldige kinderfilm is per ongeluk op een pornovideo van Myrthes vriend terechtgekomen. Mijn drie kindjes van 10, 7 en 4 kijken ademloos toe.

Ik had tot dan toe nog nooit met mijn kinderen over porno gepraat. Geen haar op mijn hoofd die daar zelfs maar aan had gedacht. Het was dan ook ruim tien jaar voordat SIRE (een onafhankelijke instelling) in april 2014 haar campagne 'Praat met je kind over porno, voordat internet het doet’ lanceerde. Onder meer met een spotje op bestaande pornosites, waarin twee sexy dames een pizzakoerier voorstellen in natura te betalen. Zit je net lekker in het verhaal, wenden de nep-acteurs zich ineens vermanend tot jou: “Je kind zou dit ook kunnen zien en het verwarren met de realiteit. Praat dus met ze, voordat wij dat doen!”

“Kinderen zien porno veel eerder dan ouders denken”

“Ouders beseffen niet altijd dat kinderen veel eerder porno zien dan zij denken. Wij willen ze ervan bewust maken dat het belangrijk is ze daarop voor te bereiden”, zegt SIRE-campagneleider Annemarieke de Haan. Volgens recente cijfers van bureau Flycatcher hebben vier op de vijf kinderen porno op internet gezien en bij bijna eenderde gebeurt dat al voor hun tiende. Dat komt hard aan bij ouders. Porno is één van de nieuwe taboes, bleek in 2013 uit ons J/M-onderzoek naar de seksuele opvoeding in Nederland. We vinden het niet fijn als we merken dat ons kind seksfilmpjes kijkt (57 procent) en maken ons zorgen over het gemak waarmee ze op internet zomaar in een kaalgeschoren fluf kunnen belanden. De Haan: “Bijna alle ouders vinden het hun taak om met hun kind hierover te praten. Toch heeft 65 procent dat voor het tiende jaar nog niet gedaan.”

“Kinderen laten elkaar de video's zien”

Marisa Manck (45), moeder van IJsbrand (10) en Juno (5), is naar aanleiding van de campagne wel met haar zoontje gaan praten. Ze is het van harte eens met de uitgangspunten. Ze wéét dat kinderen elkaar op het schoolplein allerlei filmpjes laten zien. “En dat is dan een basisschool in een keurige buurt.” Zij en haar man Joris hebben allerlei maatregelen genomen om te voorkomen dat hun kroost onverhoopt met ongeschikt pornografisch of gewelddadig beeldmateriaal wordt geconfronteerd, maar “buiten komen ze er wel makkelijk mee in aanraking”.

Wanneer start je zo'n gesprek en hoe? 

Ik heb er zelfs ná de alternatieve Assepoesterfilm niet uitgebreid met mijn drietal over gesproken. Wel heb ik even gecheckt wat ze er nou precies van opgestoken hadden. “Nou gewoon”, antwoordde mijn dochtertje. “Dat mannen in de borsten van een vrouw knijpen en dan wordt de baby geboren.” Plausibel, dacht ik, en ik liet het maar zo. Moet ik nu ook al over porno praten, was dan ook mijn eerste reactie op de SIRE-campagne. Maar wanneer dan? Wat zeg ik dan? Hoe ver gaat dat? En moet ik er straks misschien ook nog naast gaan liggen als zij ‘het’ doen?

“Onterechte pornopaniek” 

Ik besluit bij Linda Duits langs te gaan. Zij is sociaal wetenschapper, gespecialiseerd in populaire cultuur en als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Utrecht. “SIRE-debunk: internetporno is niet slecht”, schreef zij in The Post Online. Dat ze geen fan van de campagne is, lijkt een understatement. Volgens haar leidt het tot onterechte pornopaniek. “Het is belangrijk om met kinderen over seks en over internet te praten, maar die combinatie lijkt me geen goed idee.” Om meerdere redenen. “Het is ontzettend ongemakkelijk omdat het over concrete handelingen gaat, over fantasieën en over seksueel verlangen. Kleintjes hebben die gevoelens nog helemaal niet en voor kinderen die dat wel hebben, is het een intens gênant gespreksonderwerp. Zelfs voor mij, en ik ben 37!”

Ook voor ouders, kan ik haar verzekeren. Niet alleen bleek dat overduidelijk uit J/M’s seksonderzoek; uit eigen ervaring kan ik daar ook over meepraten. Ik ga altijd stampend de trap op als ik boven mijn oudste zoon in compromitterende houding met zijn vriendinnetje vermoed. “Je wilt niet weten wat de fetisj van je kind is. Dat is bij uitstek privé,” reageert Duits. Er bestaan volgens haar heel wat mythes rondom porno. Dat ze in een paar klikken al op vieze plaatjes stuiten als ze poesjes googelen bijvoorbeeld. Dat gebeurt zelfs niet als je de safe search-optie uitzet. Internetbedrijven als Google hebben het net seksvrij gemaakt. Vandaar dat je op Facebook ook geen voedende moeders meer tegenkomt. Kinderen komen vooral via ongure adverteerders op illegale downloadsites ongewild aan hun porno.

Eén goede reclameblokker installeren en alles is weg. Duits: “Weet je hoe kinderen vooral op porno stuiten? Doordat hun vader vergeten is zijn favoriete hijgsite weg te klikken. Dat is pas traumatiserend!”

Onder de 10 jaar geen porno

Mijn volgende stop is het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam, waar Hanneke Termeer werkt als seksuoloog. Ook zij begint vrijwel onmiddellijk over die tachtig procent pornoconsumerende volwassenen. Moeten die met hun kind over online hijgfilmpjes gaan praten? Termeer maakt een onderscheid tussen kinderen boven en onder de tien jaar. De jongste groep moet geen porno zien. Die zijn daar nog helemaal niet aan toe. Seksueel verkeren die nog in het stadium van doktertje spelen (4-6 jaar) of van de eerste verlegen verliefdheden (7-9 jaar). Natuurlijk schrikken die zich rot als ze onverwacht in een standje 69 verzeild raken. En natuurlijk wil je niet dat zij seks gaan associëren met liefdeloos, vrouwonvriendelijk en gewelddadig. Maar dat zal zo’n vaart niet lopen als ze uit een warm nest komen waar ouders ze al van jongs af aan normen, waarden en sociale omgangsregels hebben bijgebracht.

Ouders, maak je niet druk

“Seksuele voorlichting begint al heel vroeg. Je praat dan niet over seks, maar over rekening met elkaar houden, aangeven wat je wel en niet wilt. Als kinderen bovendien zien hoe intiem en respectvol hun ouders met elkaar omgaan, dan kunnen ze heus het kaf van het koren wel scheiden.” Bovendien kun je ook té vroeg zijn: dat je ze nieuwsgierig maakt. Met oudere kinderen, zeker met 12-plussers, moet je je helemaal niet bemoeien. Wees ervan overtuigd dat die gaan kijken. Zij zijn bezig met het ontdekken van hun eigen seksualiteit; daar hoort porno ook bij. Een gesprek daarover krijgt al gauw een waarschuwend toontje. En: “Seks en restricties gaan niet goed samen.”

Termeer komt in haar praktijk te vaak cliënten tegen die in bed nog steeds het vermanende vingertje van hun ouders zien. Dus nee, Termeer is geen groot voorstander van een pornopraatje tussen senior en junior. ‘Ik zou niet weten welke handvatten ik ouders moet geven om zo’n gesprek te voeren. Ze vinden het al lastig om met elkaar over seks te praten!” Maak je niet druk, zou ze tegen ouders willen zeggen. Sterker nog: wees blij. “Porno hoort bij normaal seksueel experimenteergedrag. Dat is nodig voor een gezonde seksuele ontwikkeling en brengt verder geen schade toe.”

Maar porno is toch slecht voor onze kinderen? 

Huh? Maar porno is toch slecht voor ze? Ze krijgen er toch rare ideeën over seks van? Daar is in hun gedrag in ieder geval niet veel van te merken, zeggen zowel Duits als Termeer. Pubers gaan vergeleken met zo’n tien jaar terug niet eerder met elkaar naar bed, doen het niet vaker oraal en nog steeds nauwelijks anaal (onderzoek Rutgers WPF, 2012). Zowel jongens als meisjes vinden nog altijd dat je vaste verkering moet hebben (90 procent) of op z’n minst verliefd moet zijn (83 procent jongens, 75 procent meisjes) als je met iemand naar bed gaat.

“Ze zijn gewoon heel braaf” 

“Ze zijn gewoon heel braaf,” zegt Duits. Maar gaan ze dan niet denken dat het normaal is om uit de kleren te gaan als je de pizzakoerier niet kunt betalen, dat iedereen altijd zin heeft en direct vrijklaar is en dat alle mannen eeuwig stijve piemels en alle vrouwen grote borsten hebben? Valt mee. De meeste jongens (61 procent) en meisjes (55 procent) weten naar eigen zeggen heus wel dat seks in porno niet hetzelfde is als echte seks. Het merendeel heeft ook van hun ouders al lang gehoord dat mensen in de media mooier worden gemaakt (64 procent jongens, 76 procent meisjes). En dat vrouwonvriendelijke in porno dan? Vrouwen spelen doorgaans geen hoofdrol in adult movies. Als hun vent maar klaarkomt.

“Het beeld van de seksueel agressieve man en de passieve vrouw zit diepgeworteld in onze cultuur.” Linda Duits is toevallig gespecialiseerd in genderstudies en meisjescultuur. “Je komt het ook in romcoms en sprookjes tegen. En op school. En thuis. En in de supermarkt. Dat halen ze echt niet alleen uit porno. Onzekere kinderen kunnen er misschien van in de war raken. Maar meestal lost dat zich op als ze ouder worden en meer ervaring opdoen. Slechts bij een heel kleine groep wordt pornoconsumptie echt problematisch. Dat zijn de jongens die zich opsluiten op hun kamer, obsessief kijken en niks in praktijk brengen.” 

Het zijn Termeers toekomstige cliënten. “Sinds de jaren tachtig praat iedereen elkaar na over de slechte invloed van porno op de jeugd. Maar daar weten we niks van. Er is nog nooit goed onderzoek naar gedaan,” aldus Duits. Een recente studie onder 4600 Nederlandse 15- tot 25-jarigen toonde aan dat eerdere analyses geen rekening hielden met het feit dat veel meer factoren (bijvoorbeeld sensatiebehoefte) dan alleen blootstelling aan expliciet materiaal seksueel gedrag beïnvloeden en dat de effecten bovendien heel beperkt zijn.

Niet zo snel van de wijs door porno

Ik weet inmiddels vrij zeker dat mijn drietal geen schade heeft opgelopen van hun eerste pornografische ervaring. Mijn dochter studeert geneeskunde en is er nu vast wel achter dat het geboortekanaal niet via de borsten loopt. Onze jeugd laat zich niet zo snel door porno van de wijs brengen. Nuchtere Hollandertjes, hè? Vinden ze het echt naar, dan klikken ze het gewoon weg (84 procent). Dat wil niet zeggen dat het ze totaal niks doet. Ooit kwam mijn 8-jarige zoontje huilend thuis omdat hij op een buurtcomputer kennis had gemaakt met wat bij navraag een blowjob bleek te zijn. Hoe jonger ze zijn en hoe onverwachter de confrontatie, hoe harder het kan aankomen. Zeker als ze in hun eentje zijn en er niet met vriendjes over kunnen gniffelen. Bijna tweederde van de kinderen van 8, 9 en 10 vindt het vervelend, maar dat percentage neemt met de leeftijd rap af. Pubers gaan bewust op zoek naar X-rated clipjes. Samen: spannend. Of alleen: opwindend en leerzaam.

Marisa Manck moet er nog even niet aan denken dat haar IJsbrand en Juno porno gaan kijken. “Je wilt ze graag klein en schattig houden.” Maar als – nee, wanneer – dat gebeurt, dan hoopt ze dat ze hun een kader heeft meegegeven om het te plaatsen. Zij heeft gedaan wat de experts adviseren. Niet in expliciete termen of in detail over porno gesproken – dat had ze zelf vroeger ook niet gewild – maar wel over echtheid, onechtheid, vrouwvriendelijkheid, respect. Kortom, over de spelregels van het leven. “Seks – en porno – maakt daar deel van uit, net als eten en drinken.”

Onderdeel van de gewone opvoeding

Na mijn bezoek aan Marisa en de deskundigen begrijp ik waar mijn intuïtieve aarzeling bij deze campagne vandaan komt. Zeker, ouders moeten het met hun kind over porno hebben en ze tools meegeven om ermee om te gaan. Maar niet als los thema. Porno-educatie hoort onderdeel te zijn van je gewone opvoeding, en dan in het bijzonder van je seksuele en media-opvoeding. Eigenlijk is Annemarieke de Haan van SIRE het daar wel mee eens. “SIRE wil dat mensen zich ervan bewust worden en het erover gaan hebben. Als de discussie loskomt en een site als J/M hier aandacht aan besteedt, is ons doel bereikt.”

Bronnen onder meer: Seks op internet, september 2013, Flycatcher Internet Research (in opdracht van SIRE), J/M-onderzoek 2013 en diverse onderzoeken van Rutgers WPF.

Reageer op artikel:
Praten over porno met je kind. Maar hóe dan?
Sluiten