Altijd dezelfde ruzie met je partner? Relatietherapeut deelt inzichten die veel ouders missen
Je partner veranderen om je relatie te redden? Volgens relatietherapeut Sophie Zeestraten hoeft dat niet je eerste stap te zijn. Juist als jonge ouders vastlopen in terugkerende ruzies, kun je zelf al een patroon doorbreken.
De kinderen moeten naar bed, de was moet nog worden gedaan en jullie hebben elkaar vooral gesproken over regeldingen. Juist als de druk oploopt, kunnen oude patronen in een relatie de kop opsteken. Relatietherapeut Sophie Zeestraten schreef het boek Relatietherapie in je eentje en maakt de gelijknamige podcast. Want vaak kun je zelf al heel veel veranderen. J/M Ouders vroeg haar hoe je dat doet.
“Een relatie is altijd een wisselwerking waarin beide partners een aandeel hebben. Bij relatieproblemen kijken we vaak vooral naar de ander: als mijn partner nu maar beter zou luisteren, meer initiatief zou nemen of anders zou reageren, dan zou het beter gaan. Maar daarmee mis je een belangrijke kans: jíj hebt immers óók een aandeel in die wisselwerking.
En dat is precies het enige stuk waar je écht invloed op hebt. Als je je bewust wordt van je eigen reacties, triggers en gedrag, ontstaat er ruimte om anders te reageren. Met meer begrip, compassie en zachtheid naar jezelf én naar je partner. En als jij anders gaat reageren, kán de wisselwerking niet hetzelfde blijven.
Gesprek over de liefde
Eind augustus verscheen mijn tweede boek Relatietherapie in je eentje. Rondom de lancering wilde ik iets doen waarmee ik het gesprek over liefde, relaties, relatieproblemen en de oplossing daarvan op gang kon brengen. Natuurlijk weet ik als relatietherapeut veel over dit onderwerp, maar ook ik heb de wijsheid niet in pacht.
Daarom leek het me leuk om in gesprek te gaan met verschillende experts die ieder vanuit hun eigen invalshoek hier iets over kunnen zeggen. Zo ontstond het idee voor de podcast.
Oude patronen reizen mee
Door de podcastgesprekken is voor mij nóg duidelijker geworden hoe groot de invloed is van de manier waarop we zijn opgegroeid. We kunnen natuurlijk helemaal niets doen aan onze start in het leven, wat we daarin wel of niet hebben meegekregen en welke copingmechanismen we hebben ontwikkeld om met moeilijke situaties om te gaan.
Toch werken die ervaringen vaak veel verder door in ons volwassen leven, onze relaties en onze manier van opvoeden dan we ons bewust zijn. Tegelijkertijd vond ik het heel hoopgevend om in de gesprekken terug te horen hoeveel je zelf kunt veranderen zodra je je bewust wordt van die oude automatische patronen en overlevingsstrategieën.
Als jullie liefdesblauwdrukken met elkaar botsen
Wat je zelf hebt meegekregen over liefde en relaties, je liefdesblauwdruk, neem mee in je relatie. En dat geldt natuurlijk ook voor je partner. In een relatie kunnen die patronen in elkaar verstrikt raken en zorgen voor problemen. Zo kunnen jullie terechtkomen in een ‘relatieflipperkast’: een patroon van steeds terugkerende ruzies.
Druk of stress kunnen deze patronen versterken. Minder slaap, minder tijd samen, meer taken en verantwoordelijkheden kunnen die relatieflipperkast makkelijker aanzetten. En voor je het weet, ben je elkaar kwijt.
Steeds dezelfde ruzie
Misschien heb je vroeger geleerd dat je alles alleen moet oplossen en voel je je nu snel alleen staan in de zorg voor jullie kind. Of ben je gewend jezelf aan te passen en ga je steeds over je eigen grenzenheen? Sommige mensen trekken alles naar zichzelf toe, omdat de ander het in hun ogen niet ‘goed’ doet, maar vervolgens verwijten ze hun partner dat hij of zij nooit iets doet. Anderen ervaren snel kritiek, hebben het gevoel het nooit goed te doen en trekken zich terug.
De reactie van de een kan een trigger zijn voor de ander en voor je het weet, kom je samen in een patroon terecht waarin je elkaar steeds opnieuw triggert. Als je gaat herkennen hoe dat bij jullie werkt, ontstaat er ook een plek waar je dat patroon kunt onderbreken, namelijk bij je eigen reactie. Je hebt misschien niet in de hand wat je partner doet, maar je kunt wel onderzoeken wat er bij jou gebeurt en hoe jij daarop wilt reageren. Niet om de schuld bij jezelf te leggen, maar om te ontdekken waar jouw invloed zit.
Als verbinden moeilijk wordt
Vooral met meerdere kinderen gaat bijna alle aandacht vaak naar het gezin en alles wat er geregeld moet worden. Maar als je zelf structureel leegloopt, wordt het veel moeilijker om geduldig en verbonden te blijven met je partner. Maak daarom allebei echt ruimte om op te laden en help elkaar daar ook bij. Vraag niet alleen: wat heb ík nodig? Maar ook: wat heb jíj nodig en hoe zorgen we ervoor dat daar ruimte voor komt?
Ga dus samen tegenover ‘het probleem’ staan. Jullie zijn allebei moe en hebben allebei behoefte aan ruimte. Hoe kunnen jullie dat zo organiseren dat jullie allebei krijgen wat jullie nodig hebben? Behalve ouders zijn jullie ook partners. Probeer ook bewust tijd samen te maken waarin het niet alleen gaat over wie de kinderen ophaalt, wat er nog op het boodschappenlijstje moet en wanneer de was wordt gedaan. Samen iets doen hoeft niet altijd groot te zijn.
Zo zorg je echt voor verandering
egint allemaal met jezelf afvragen: wat gebeurt er eigenlijk bij mij? Hoe reageer ik als ik moe, overprikkeld of teleurgesteld ben? Vandaaruit kun je je eigen liefdesblauwdruk verder onderzoeken. Waardoor word je getriggerd? Welke betekenis geef je aan het gedrag van je partner? En wat doe je als je je bijvoorbeeld afgewezen, bekritiseerd, niet gewaardeerd of alleen voelt?
Misschien word je boos, trek je je terug, ga je pleasen of probeer je alles zelf op te lossen. Als je die patronen leert herkennen, ontstaat er ruimte om anders te reageren. Dat betekent niet dat je in je eentje een gezonde relatie kunt creëren. Daarvoor zijn twee mensen nodig. Maar je hoeft niet te wachten tot je partner verandert, voordat je kunt onderzoeken waar jouw eigen invloed ligt.”
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2025%2F10%2Fruth.jpg)