Lotte van Zijl
Lotte van Zijl Puber vandaag
Leestijd: 4 minuten

Tweelingcoach: ‘Juist tweelingen hebben extra hulp nodig bij het ontwikkelen van een eigen identiteit’

“Jullie zijn zeker áltijd samen?” Het is een veelgehoorde opmerking onder tweelingen. Van jongs af aan worden ze als een duo gezien: de twee zusjes, de twee broers of ‘de tweeling’. Dat kan zorgen voor een bijzondere verbinding, maar het brengt ook een uniek ontwikkelingsprobleem met zich mee. Wie ben je als individu als mensen je vaak samen zien met de ander? En hoe kunnen ouders bij die zoektocht helpen? Hester van Wingerden, tweelingcoach en auteur De Tweelingfactor, legt uit.

Waarom tweelingen soms worstelen met hun identiteit (en hoe ouders helpen)
Bron: Pexels

De kracht én uitdaging van een tweelingband

“Tweelingen worden vaak als één groep gezien, maar de verschillen zijn groot. Eeneiige tweelingen delen genetische overeenkomsten en ervaren vaak een sterke verbondenheid, maar kunnen ook meer zoekende zijn naar hun eigen identiteit. Twee-eiige tweelingen vinden soms makkelijker hun eigen weg, maar herkennen zich niet altijd in het stereotype van de onafscheidelijke tweeling.

Een tweeling begint het leven vaak met een sterk gevoel van ‘wij’. Daarna ontstaat het besef: ik ben één van twee. En uiteindelijk is de uitdaging: ik ben ook gewoon ‘ik’. De band tussen tweelingen kan bijzonder hecht zijn. Ze groeien vanaf het allereerste moment samen op. Overeenkomsten kunnen groot zijn: niet alleen in uiterlijk, maar soms ook interesses, voorkeuren en manieren van reageren. Dat kán een grote kracht zijn. Ze kunnen elkaar steun, veiligheid en herkenning bieden.

Tegelijkertijd kan die sterke verbinding het ook lastig maken om een eigen identiteit te ontwikkelen. Wie ben ik los van mijn broer of zus? Voor sommige tweelingen komt dat vraagstuk naar voren in de puberteit. Dat is normaal gesproken al een intensieve periode waarin jongeren op zoek gaan naar zichzelf, maar voor tweelingen is het vaak nóg intenser. Ze maken zich niet alleen los van hun ouders, maar moeten ook een nieuwe balans vinden in de relatie tot hun tweelingbroer of -zus.

‘Jullie zijn toch beste vrienden?’

Een hardnekkig beeld over tweelingen is dat ze onafscheidelijk zijn. Alsof er bij de geboorte automatisch een levenslange beste vriendschap ontstaat. De werkelijkheid is vaak anders en dat is niet erg. Een tweeling hoeft niet alles samen leuk te vinden, dezelfde vrienden te hebben of altijd elkaars favoriete persoon te zijn. Bij ruimte voor verschillen, kan de relatie sterker worden.

Een meisje uit een twee-eiige tweeling vertelde ooit dat zij en haar zus niet de beste vriendinnen waren. Ze dacht dat dit betekende dat er iets mis was met hun band. Toen ze hoorde dat dit heel normaal was, viel er een last van haar schouders. Ze hoefden niet langer te voldoen aan een ideaalbeeld.

In de zoektocht naar een eigen identiteit ligt vergelijking op de loer. Dit doet iedereen weleens om een beeld te krijgen van wie we zijn, maar voor tweelingen kan vergelijking een grotere rol spelen, omdat de ander continu dichtbij is. Wie is slimmer? Socialer? Sportiever? Vooral wanneer een van de twee steeds als ‘de betere’ wordt gezien kan dit een invloed hebben op het zelfbeeld. Een kind kan het gevoel hebben in de schaduw te staan van de ander. Daarin kunnen ouders een rol spelen.

5x hoe ouders de eigen identiteit kunnen versterken

Achter ‘de tweeling’ zitten altijd twee unieke mensen met hun eigen karakter, talenten, dromen en behoeften. Ouders kunnen hun tweeling helpen bij het ontwikkelen van een eigen identiteit door bewust aandacht te hebben voor de individuele behoeften van ieder kind. Dat kan als volgt:

  • Zorg voor individuele aandacht
  • Plan regelmatig één-op-één-momenten. Niet samen als gezin, maar apart met ieder kind. Zo ervaren kinderen: ik ben belangrijk als mezelf, niet alleen als onderdeel van een tweeling.
  • Zie verschillen als iets positiefs
  • Het hoeft niet altijd gelijk te zijn. Het ene kind kan iets anders nodig hebben dan het andere. Gelijkheid betekent niet altijd hetzelfde behandelen.
  • Stimuleer eigen interesses en vrienden
  • Een eigen hobby, vrienden en ervaringen helpen om een eigen identiteit op te bouwen.
  • Vermijd vaste rollen
  • Bij tweelingen ontstaan soms patronen: ‘de rustige’ en ‘de drukke’, ‘de slimme’ en ‘de creatieve’, ‘de leider’ en ‘de volger’. Geef ze ruimte om buiten die rollen te groeien.
  • Benoem gedrag, niet vaste eigenschappen
  • Zeg liever: “Je hebt je goed voorbereid op je toets” dan “Jij bent altijd de slimme”. Zo blijft ontwikkeling mogelijk en voorkom je dat kinderen vastgezet worden in een bepaalde rol.

Het boek De Tweelingfactor bestel je hier.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Lotte van Zijl
Geschreven door Lotte van Zijl

Lotte van Zijl (1998) is freelance redacteur met een media- en communicatiediploma op zak en een onweerstaanbare liefde voor verhalen die mensen raken, of dit nu over psyche, lifestyle, reizen of een ander onderwerp gaat. Voor J/M Ouders spreekt ze ouders die de opvoeding net even anders doen en experts die ouders weer een stukje houvast en informatie geven. Ze houdt van zon, surfen en nieuwe culturen ontdekken en reist daarom met haar laptop in haar backpack de wereld over - van Rotterdam en Portugal tot Indonesië en Nieuw-Zeeland.

Reacties