Merel van Witteloostuijn
Merel van Witteloostuijn Onderzoek vandaag
Leestijd: 4 minuten

Utrechtse onderzoekers: talen mixen schaadt Nederlands van je kind niet, maar er is een keerzijde

Talen mixen met je kind: kan dat kwaad? Taalonderzoekers Merel van Witteloostuijn en Elma Blom van de Universiteit Utrecht onderzochten het bij meertalige kinderen, ook met TOS. In deze column leggen zij uit dat ze voor het Nederlands geen nadeel vonden, maar dat het voor de thuistaal anders ligt.

Dr. Merel van Witteloostuijn van de Universiteit Utrecht onderzocht wat er gebeurt als ouders thuis talen mixen.
Dr. Merel van Witteloostuijn van de Universiteit Utrecht onderzocht wat er gebeurt als ouders thuis talen mixen. Bron: Eigen beeld

‘Praat ik wel goed tegen mijn kind als ik Nederlands en mijn andere taal door elkaar gebruik?’ Voor ouders die hun kind meertalig opvoeden, is het een herkenbare vraag. Misschien begin je weleens een zin in het Nederlands en maak je hem af in het Pools, Turks of een andere taal. Of je kind vraagt iets in het Nederlands en jij antwoordt vanzelf in je andere taal. Moet je proberen die talen zoveel mogelijk gescheiden te houden? Of is het door elkaar gebruiken – oftewel het mixen – van talen geen probleem? En hoe zit dat als je kind een taalontwikkelingsstoornis (TOS) heeft en moeite heeft met het leren van taal?

Waarom meertalige ouders Nederlands en hun thuistaal vaak door elkaar gebruiken

Meertalige ouders scheiden hun talen lang niet altijd. Ze wisselen bijvoorbeeld midden in een zin van taal, beginnen een nieuwe zin in een andere taal of reageren in een andere taal dan waarin hun kind iets zegt.

  • Moeder: “Do you want een toetje?
  • Moeder: “We gaan eten! Are you coming?
  • Kind: “Mama, er is een lift!” Moeder: “No, not the elevator. We’re going to take the stairs.”

Het mixen van talen gebeurt vaak onbewust en is in veel meertalige gezinnen simpelweg onderdeel van de dagelijkse communicatie. Toch kan het ouders onzeker maken. Zeker als je hoort dat kinderen voor een goede taalontwikkeling een rijk taalaanbod nodig hebben. Is het dan misschien beter om thuis consequent één taal te spreken?

Om daar meer over te weten te komen, deden onderzoekers van de Universiteit Utrecht hier onderzoek naar bij meertalige kinderen van 3 tot en met 6 jaar. De kinderen hoorden thuis Nederlands en daarnaast een andere taal, bijvoorbeeld het Engels, Pools of Turks. Ze onderzochten hoeveel ouders hun talen mixten en de taalvaardigheid van de kinderen. In een tweede studie onderzochten ze hetzelfde, maar dan bij meertalige kinderen met TOS.

Onderzoek bij 3- tot 6-jarigen: taalmixen schaadt hun Nederlandse taalvaardigheid niet

Wat bleek? Er was geen samenhang tussen mixen van talen door ouders enerzijds en de Nederlandse taaluitkomsten van kinderen anderzijds. Dat gold zowel voor de kinderen zonder TOS als voor de kinderen met TOS. Het lijkt er dus niet op dat kinderen van ouders die hun talen vaker mixen een lagere Nederlandse taalvaardigheid hebben.

Meer taalmixen door ouders hing wél samen met een kleinere expressieve woordenschat in de andere taal. Expressieve woordenschat gaat over de woorden die een kind zelf gebruikt. Oftewel: ouders die meer mixten, hadden kinderen die minder verschillende woorden konden gebruiken in het Engels, Pools of Turks.

Waarom zagen we dit verband wel voor de expressieve woordenschat in de andere taal, maar niet voor het Nederlands of voor woordbegrip? Mogelijk speelt het taalaanbod een rol. Meertalige kinderen worden buitenshuis meestal veel meer blootgesteld aan het Nederlands, terwijl de andere taal vaak alleen thuis gesproken wordt. Deze andere taal noemen we daarom ook wel de “thuistaal”. Het aanbod in de thuistaal is daardoor gemiddeld genomen al beperkter dan het aanbod in het Nederlands. Als ouders thuis dan ook nog regelmatig naar het Nederlands overschakelen, blijft er mogelijk minder ruimte over voor de thuistaal.

Moet je thuis Nederlands en de thuistaal gescheiden houden? Dit adviseren de onderzoekers

Of je thuis Nederlands en de thuistaal gescheiden moet houden, hangt af van wat je als ouders belangrijk vindt voor de taalontwikkeling van je kind. Voor de ontwikkeling van het Nederlands is het niet nodig om het mixen van talen te vermijden wanneer je met je kind praat.

Maar vind je het belangrijk dat je kind de andere taal ook actief leert gebruiken? Dan is het belangrijk om daar bewust ruimte voor te maken en het gebruik van de thuistaal te stimuleren. Als ouders kun je afspraken maken om thuis minder Nederlands te gebruiken, en dus ook minder te mixen naar het Nederlands. Praat regelmatig uitgebreid met je kind in de thuistaal. Samen een boek lezen, koken, spelen of met familie praten kan daar mooie momenten voor bieden. Je kan je kind daarbij stimuleren om niet alleen naar de thuistaal te luisteren, maar deze ook te gebruiken.

En als je kind even niet op een woord komt? Geef het de tijd. Je kunt ook helpen door het woord aan te bieden. Dat betekent niet dat je de talen altijd strikt van elkaar moet scheiden. Het gaat er vooral om dat je kind voldoende mogelijkheden heeft om de thuistaal te horen én zelf te gebruiken.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Merel van Witteloostuijn
Geschreven door Merel van Witteloostuijn

Dr. Merel van Witteloostuijn is universitair docent aan de Universiteit Utrecht, verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen. Ze doet onderzoek naar taalontwikkeling en meertaligheid bij kinderen.

Reacties