Gedragswetenschapper Levi van Dam: ‘We leren kinderen rekenen, maar niet omgaan met hun gevoelens’
Kinderen leren lezen, rekenen, plannen en sporten. Ze leren hoe de wereld werkt. Maar hoe leer je een kind omgaan met een hoofd vol gedachten, spanning of emoties? Volgens gedragswetenschapper Levi van Dam is dat een vraag die steeds belangrijker wordt. “We vragen veel van kinderen, maar geven ze niet altijd de woorden en vaardigheden om te begrijpen wat er vanbinnen gebeurt.”
De mentale druk onder kinderen neemt toe. Steeds meer kinderen ervaren stress, onzekerheid of prestatiedruk. Toch merkt Levi dat veel ouders vooral met één vraag rondlopen: hoe begin ik hierover? “Uit onderzoek blijkt dat veel ouders zich onzeker voelen over wat er in het hoofd van hun kind speelt. Ze willen helpen, maar weten niet altijd waar ze moeten beginnen.”
Leren om door te gaan
Volgens Levi heeft dat ook te maken met hoe veel ouders zelf zijn opgevoed. “Veel ouders van nu zijn grootgebracht met het idee: gewoon doorgaan als het even tegenzit. Niet te veel stilstaan bij gevoelens. Niet zeuren, maar aanpakken.”
Dat patroon werkt nog steeds door. “Ouders willen het anders doen, maar merken soms dat ze zelf nooit hebben geleerd hoe je zo’n gesprek voert. Je kunt heel goed weten welke TikTok-trend populair is bij je kind, maar ondertussen niet weten wat er echt in hun hoofd omgaat. Dat kan ongemakkelijk voelen.” Toch hoeft een gesprek over emoties volgens Levi niet ingewikkeld te zijn. “Je hoeft niet ineens een zwaar gesprek aan de keukentafel te voeren. Het begint vaak met kleine momenten.”
Hoofd vol gevoelens
Wat Levi vooral mist in opvoeding en onderwijs, is aandacht voor de binnenwereld van kinderen. “We leren kinderen hoe ze een som moeten oplossen, maar minder vaak wat ze kunnen doen met een rotdag, faalangst of het gevoel dat ze er niet bij horen.” Daarbij gaat het volgens hem niet alleen om gedachten. “We praten vaak over mentale gezondheid alsof het alleen in je hoofd zit. Maar je lichaam doet ook mee. Een gespannen buik, trillende handen, een drukgevoel in je borst: kinderen voelen van alles, maar hebben soms nog geen woorden om het uit te leggen.” En zonder die woorden kan iets groot en ongrijpbaar voelen. “Dan wordt het een soort brij in je hoofd. En een brij kun je niet makkelijk oplossen. Dat kan machteloos voelen.”
Kijk naar veranderingen
Ouders hoeven volgens Levi geen deskundige te worden om signalen te herkennen. “Het gaat niet om één slechte dag. Kijk vooral naar veranderingen.” Een kind dat stiller wordt, sneller boos reageert, minder plezier heeft in dingen die het vroeger leuk vond of zich vaker terugtrekt: het kunnen signalen zijn. Ook lichamelijke klachten zoals buikpijn of hoofdpijn zonder duidelijke medische oorzaak kunnen iets vertellen. “Het belangrijkste is dat je aanwezig blijft. Niet alleen vragen ‘hoe was je dag?’ omdat het hoort, maar echt nieuwsgierig zijn. Leg je telefoon weg en luister.”
Begin klein
Een veelgemaakte fout is volgens Levi dat ouders het gesprek te groot maken. “Als je zegt: ‘we moeten even praten’, voelt een kind vaak meteen druk.” Betere momenten ontstaan juist tussendoor. “In de auto, tijdens een wandeling of voor het slapen. Niet recht tegenover elkaar, maar naast elkaar. Dat voelt vaak veiliger.”
Ook de vraag zelf maakt verschil. “Vraag niet meteen: ‘hoe voel je je?’ Dat is voor veel kinderen te groot. Vraag bijvoorbeeld: ‘wat was vandaag het leukste moment?’ of ‘wat was het minst fijne moment?’ Dan wordt het concreter.” En misschien wel het belangrijkste: niet meteen oplossen. “Als ouder wil je vaak helpen door een oplossing te geven. Maar soms wil een kind vooral dat iemand luistert.”
Leren door te doen
Daarom werken praktische oefeningen volgens Levi vaak zo goed. “Kinderen leren door te doen. Alleen praten over emoties blijft soms abstract. Maar tekenen, schrijven of iets invullen maakt het zichtbaar.” Dat is ook de gedachte achter het doe-dagboek Op avontuur in je koppie: geen zwaar boek over mentale problemen, maar een speelse manier om kinderen kennis te laten maken met hun eigen gedachten en gevoelens. “Het haalt het gesprek uit je hoofd en legt het letterlijk op tafel.”
Zijn belangrijkste boodschap aan ouders? “Wacht niet tot er iets misgaat om over gevoelens te praten. Maak het normaal. Vraag niet alleen wat moeilijk was, maar ook wat iemand blij maakte.”
Want uiteindelijk gaat het niet om perfecte gesprekken voeren, zegt Levi. “Je hoeft geen expert te zijn. Je hoeft vooral nieuwsgierig te zijn naar je kind. Kinderen die leren praten over wat er vanbinnen gebeurt, bouwen daar hun hele leven op verder.”
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2025%2F09%2FSchermafbeelding-2023-07-03-om-10.03.07.png)
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F06%2FLevi-van-Dam-_-foto-Hilde-Harshagen-2025-e1781723525309.jpg)