Verliefdheid bij kinderen en pubers

redactie 19 jun 2018 Opvoeden

Blozen, verlegen worden, stralen als dat ene vriendje of vriendinnetje in de buurt is… Ja hoor, je kind is verliefd. Maar wat is dat precies? En waarin verschilt een puberliefde van kleuters die hoteldebotel zijn? 

Jongste kleuter Tom (4) is verliefd op de stoere oudste kleuter Jacob (6). Daarom maakt hij een mooie tekening voor hem. Later gaat hij met Jacob trouwen. Maartje (10) heeft verkering met Balder (11). Tegen zijn vrienden zegt Balder kordaat dat hij Maartje een keer meeneemt naar de film. Zijn vrienden moeten hier erg om lachen. Sasja (14) zit in een enorme dip. Ze is smoorverliefd op Linus (16). Maar hij valt op haar beste vriendin. Sasja kan zich niet meer concentreren op haar schoolprestaties.

Verliefd zijn is een ingrijpend proces. Een kind wordt er blij, genereus en ondernemend van. Maar ook somber, verdrietig of ronduit gestoord. Wat zit daarachter? Hoe ga je als ouder hiermee om? En hoe zit het met jonge kinderen: kunnen die ook aan zulke heftige emoties ten prooi vallen?

Verliefdheid is een verslaving

Het gelukkige gevoel dat gepaard gaat met verliefdheid en de ellende die je voelt als die liefde niet wordt beantwoord, heeft te maken met een stofje dat ervoor zorgt dat we plezier en geluk ervaren: dopamine. Iemand die verliefd is, maakt veel van deze stof aan. Die voelt zich dus heel gelukkig.

Geluk is echter verslavend: er is steeds meer van nodig om je gelukkig te blijven voelen. Er moet dus nóg meer dopamine worden aangemaakt. Dat is de drijvende kracht achter verliefd zijn. Je wilt steeds meer en steeds vaker in de buurt zijn van degene op wie je verliefd bent, want dan blijven de hersens die dopamine aanmaken. Het is een soort obsessie. Het gaat dan ook gepaard met dezelfde verschijnselen: een daling van het serotonine-niveau.

Obsessie

Serotonine heeft een kalmerende werking. Met andere woorden: wie verliefd is, wordt minder gekalmeerd en blijft als het ware wat onrustig en onzeker. En dat houdt de obsessie in stand. Net zolang tot het gaat vervelen – meestal na één of twee jaar. Vanzelfsprekend gaan er aan dit chemische verhaal de nodige handelingen vooraf. Iemand diep in de ogen kijken, bijvoorbeeld. Als twee willekeurige personen dat tien seconden lang doen, ontstaat er bij beide partijen al iets van romantische gevoelens.

Ideaalbeeld

Dat is natuurlijk niet genoeg om echt verliefd te worden. Of dat gebeurt, heeft ook te maken met de mate waarin iemand aan een ideaalbeeld voldoet én – minstens zo belangrijk – de mate waarin je inschat dat je een kans bij hem of haar maakt. Dat zit ’m vaak in kleine dingen: of iemand teruglacht, bijvoorbeeld. Met dit soort inschattingen bouwen de hersens een buffer op tegen afwijzing.

Verliefdheid vergroten

Maar er zijn meer factoren die de kans op verliefdheid vergroten. Zo is het niet verwonderlijk dat de eerste grote verliefdheden vaak op vakantie in het buitenland ontstaan. Want los van de ontspannen vakantiesfeer, zorgt de vreemde omgeving ervoor dat een kind meer behoefte heeft aan houvast. Hetzelfde gebeurt als mensen samen een heftige gebeurtenis meemaken. Die worden – deels weer door die behoefte aan houvast – makkelijker verliefd. Maar hier speelt ook het feit mee dat angst een stofje in het lichaam opwekt dat erg op dopamine lijkt. Je bent daardoor snel geneigd om te denken dat je verliefd bent. Zo wordt het lichaam een beetje voor de gek gehouden.

Wie al een beetje verliefd is en dit sprankje in korte tijd wil opzwepen tot grote hoogten, moet met de ander vrijen. Dat werkt als een soort snelkookpan. Risico is wel dat de liefde op die manier ook snel kan bekoelen.

Verliefde pubers

Vooral in de puberteit – en zeker als het de eerste keer is – is verliefdheid een stormachtige ervaring, vertelt Mark Mieras, schrijver van onder meer 'Liefde – Wat hersenonderzoek onthult
over de klik, de kus en al het andere'. “Op het moment dat de geslachtshormonen zich ontwikkelen of net ontwikkeld zijn, zijn kinderen hypergevoelig voor dopamine. Ze krijgen dus een enorme kick van het verliefd zijn. Gaat het mis, dan komt daar nog een heftige emotie bovenop. Vooral omdat ze op die leeftijd niet goed weten dat dit vreselijke verdriet meestal na een week of zes wel overgaat. Dat overzicht hebben ze nog niet.” 

Aan ouders de schone taak om dit proces – voor zo ver mogelijk – in goede banen te leiden. “Probeer je kinderen een goede mindset mee te geven”, legt Mieras uit. “Werk aan hun overtuigingen. Ik ken een moeder die tegen haar kinderen zegt: 'Als je met iemand naar bed gaat, zorg dan in ieder geval dat je met elkaar ontbijt.' Daarmee zegt ze natuurlijk indirect dat het wel handig is om iemand iets beter te leren kennen voor je ermee in bed duikt.”

Ingrijpende liefde

Mieras zegt dit niet met een moralistische ondertoon. Hij wijst erop dat verliefd zijn zó ingrijpend is, dat de verschillende fasen beter stap voor stap genomen kunnen worden. Door seks wordt het verliefdheidsproces versneld en worden al gauw stappen overgeslagen. Een puber raakt daardoor totaal overdonderd van alle dopamine die vrijkomt. Als het dan misgaat, komt de klap heel hard aan.

Goede voorbeeld geven

Minstens zo belangrijk als praten over verliefdheid en alles wat daarbij komt kijken, is het goede voorbeeld geven. Want leuk of niet, ook hierbij hebben kinderen de neiging zich te spiegelen aan hun ouders. Wil je hun lot een zetje in de goede richting geven, schroom dan niet om elkaar aan te halen of een zoen te geven waar iedereen bij is. Kortom, laat zien dat jullie het leuk hebben samen. Overigens geldt dit ook voor het contact met je kinderen. Onderzoek toont aan dat als je ze regelmatig op een liefdevolle manier knuffelt, ze beter weten wat ze fijn en niet fijn vinden. Bovendien is hun honger naar fysiek contact dan minder obsessief. Hierdoor gaan ze minder snel over hun eigen grenzen heen en duiken ze niet zo overhaast in een relatie.

Verliefd op de basisschool

Dat bij jongere kinderen de geslachtshormonen nog niet zo’n grote rol spelen bij het verliefd zijn, wil niet zeggen dat hun verliefdheden niets voorstellen. In 'Kleine mensen grote gevoelens' schrijft seksuoloog en psycholoog Sanderijn van der Doef: “Voor basisschoolkinderen is verliefdheid en verkering hebben net zo heftig als voor volwassenen.” Zo kan een kind van 8 bijvoorbeeld heel verlegen worden over zijn verliefdheid, omdat hij dit gevoel al duidelijk kan onderscheiden van vriendschap.

Het grote verschil met volwassenen en jong volwassenen is de manier waarop kinderen ermee omgaan. Zij willen in de meeste gevallen geen lichamelijk contact. Verliefdheid op jonge leeftijd is daarom beter te beschrijven als een ‘speciaal gevoel’. “Je vindt die ander de liefste van de wereld en eigenlijk wil je steeds in zijn buurt zijn”, legt Van der Doef aan kinderen uit in haar boek ''Ben jij ook op mij'. Ook benadrukt ze hoe blij je je voelt als die persoon aardig tegen je doet. Evengoed kunnen kinderen zich, net als pubers en volwassenen, heel zenuwachtig voelen als ze er niet zeker van zijn dat de ander hen ook leuk vindt. En ze kunnen net zo ongelukkig zijn als ze merken dat dat niet het geval is.

Bewondering

Mieras vergelijkt jeugdige verliefdheid met de passie die een kind ook kan hebben voor voetbal of muziek. Vaak ontstaat het uit bewondering. Het zegt dan ook niets over hun seksuele geaardheid als ze op jonge leeftijd verliefd worden op iemand van hetzelfde geslacht of op iemand die veel ouder is. “Ik was bijvoorbeeld als kind verliefd op een vriend van mijn vader”, zegt Mieras. “Die man was journalist. Dat vond ik intrigerend. En nu ben ik zelf journalist.”

Reageer op artikel:
Verliefdheid bij kinderen en pubers
Sluiten