Deze 5 signalen wijzen volgens specialist op selectief mutisme: ‘Een kind wil vaak wél praten’
Thuis kan een kind nog het ene na het andere verhaal vertellen, maar op school komt er opeens geen woord uit. Dat kan wijzen op selectief mutisme. Het kind kán praten, vaak heel goed zelfs, maar krijgt het in bepaalde situaties gewoon niet voor elkaar. Specialist Eustache Sollman legt uit hoe dat zit.
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F10%2FEustache-Sollman.jpg)
Wat is selectief mutisme?
“Selectief mutisme is een angststoornis waarbij kinderen wel kunnen praten, maar dit alleen doen in hun comfortzone”, aldus Eustache Sollman, gespecialiseerd in selectief mutisme en auteur van het boek Breek de Stilte. Het gaat dus niet om een kind dat ervoor kiest om stil te blijven of simpelweg verlegen is. Kinderen willen vaak wel praten, maar door de angst lukt het op dat moment niet. “Vaak is school de plek waar ze praten het moeilijkst vinden.”
Voor ouders kan selectief mutisme voor veel verwarring zorgen. “Voor hen kan het voelen alsof ze twee verschillende kinderen hebben. Thuis is hun kind ontspannen en praat het volop, maar op school kan datzelfde kind stil en teruggetrokken zijn.”
Verwarring met autisme
Selectief mutisme wordt nog weleens verward met autisme. Niet willen praten kan immers ook bij autistische kinderen voorkomen. Toch wil Sollman benadrukken dat er een belangrijk verschil zit tussen de twee.
“Autisme is een ontwikkelingsstoornis, selectief mutisme is een angststoornis”, verduidelijkt hij. Bij autisme spelen communicatieproblemen een rol in verschillende situaties, zo ook thuis. “Bij selectief mutisme laat een kind thuis juist vaak zien dat de mondelinge taalvaardigheid goed is.”
Hoe ontstaat selectief mutisme?
Hoe selectief mutisme ontstaat, is best lastig te zeggen. Vroeger dacht men dat het ontstond door een trauma, en hoewel trauma’s zeker een invloed kunnen hebben op de ontwikkeling van een kind, is een traumatische gebeurtenis volgens Sollman niet de oorzaak van selectief mutisme. Het kan ook te maken hebben met de kindkenmerken. “Sommige kinderen zijn van nature wat meer teruggetrokken of wat gevoeliger en onzekerder. Bij hen kan een trigger soms ook de verwachting zelf zijn. Kinderen met bepaalde gevoeligheden denken dan: ‘Op school verwachten ze van mij dat ik ga praten’, dat kan soms al voldoende zijn om zich steeds meer terug te trekken.”
Daarnaast kan het genetische aspect ook een rol spelen. “Ik spreek veel ouders van kinderen met selectief mutisme die aangeven dat ze zichzelf erg herkennen in hoe hun zoon of dochter is. Vroeger zeiden ze zelf bijvoorbeeld ook niet zoveel, of ze vinden het als volwassene nog steeds spannend. Zij doen op het werk bijvoorbeeld gewoon hun ding, maar spreken liever ook niet tijdens de vergadering.”
De behandeling
Het goede nieuws over selectief mutisme is dat het goed te behandelen is. “Al betekent het niet dat ieder kind hetzelfde traject doorloopt”, waarschuwt Sollman. Hoe ingewikkeld de behandeling is, hangt namelijk onder meer af van hoeveel angsten er verder nog meespelen. “Je hebt, zoals ik het zelf weleens noem, selectief mutisme light. Deze kinderen doen en durven alles eigenlijk wel, behalve praten. Er zijn echter kinderen die naast het selectief mutisme ook nog te maken hebben met andere angsten, en dat vraagt dan om een andere behandeling.”
De behandeling hangt dus af van verschillende factoren, maar in het algemeen leert een kind tijdens de behandeling hoe het omgaat met de angst om te praten. “Het gaat niet om het leren praten, want praten kunnen ze al. Bij de behandeling gaat het echt om het leren dúrven praten.”
Kleine stapjes maken
De behandeling van selectief mutisme gaat niet over een nacht ijs. Uit ervaring weet Sollman dat het soms wel gaat over een tot zelfs twee schooljaren. Ook is het belangrijk om niet te snel te willen. “Je hoeft aan een kind dat op school niet praat niet te vragen of het de juf kan groeten met ‘goedemorgen’, dat kan al een veel te grote stap zijn.”
Het is belangrijk om te kijken naar een manier van communiceren die voor het kind minder spannend kan aanvoelen. “In plaats van goedemorgen tegen de juf zeggen, kun je aan een kind vragen of het hem of haar misschien lukt om de juf een high five te geven. Daarna kan het volgende stapje bijvoorbeeld zijn dat het kind een hand geeft en de juf aankijkt.”
De route naar het daadwerkelijke praten begint dus niet per se met praten zelf. “Je kijkt continu: wat lukt er wel bij dit kind?”
Haal de druk eraf
Bij de behandeling van selectief mutisme is het belangrijk dat ouders en leerkrachten niet te veel druk op een kind leggen. Ook goedbedoelde pogingen om te helpen, kunnen de angst namelijk onbedoeld in stand houden. “Ouders zijn geneigd om hun kind te beschermen. Als zij zien dat een kind iets spannend vindt, proberen ze een kind weleens gerust te stellen door te zeggen dat ze iets niet hoeven doen. Op de korte termijn werkt dat ook, de spanning verdwijnt. Maar op lange termijn kan vermijden ervoor zorgen dat de angst juist groter wordt.”
Tegelijkertijd kunnen ouders en leerkrachten onbedoeld druk geven door juist te veel te focussen op het praten. “Van: ‘vandaag gaan we kijken of het wel lukt om iets tegen de juf te zeggen’. En vervolgens wordt het kind na school gevraagd of het gelukt is. Dat kan een kind enorm veel druk geven.”
Volgens Sollman heeft het een veel positiever effect door het kind het gevoel te geven dat het begrepen wordt. “Benoem in plaats daarvan wat er aan de hand is en laat het kind weten dat het niet de enige is. ‘Weet je dat er meer kinderen zijn zoals jij die dat hebben? Er zijn meer kinderen die dat spannend vinden. En ik ga jou daarbij helpen. We gaan het samen doen.’ Dat werkt veel beter!”
Focus op het positieve
Het allerbelangrijkste is volgens Sollman dat ouders, leerkrachten en hulpverleners vertrouwen blijven uitstralen.
Hij maakt jongeren mee die vijftien of zestien jaar oud zijn en al zeven of acht behandelaars hebben gehad. Na ieder traject kregen zij te horen dat de behandelaar niet verder met hen kon. “Dat doet natuurlijk heel veel met jouw zelfvertrouwen.”
Daarom is zijn advies duidelijk: blijf kijken naar wat er wél lukt, en accepteer ook dat sommige dingen op dit moment nog niet lukken. “Probeer niet alleen in te zoomen op wat niet lukt. Maar draai hem om, kijk waar het wél lukt en maak dat steeds wat groter.”
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2024%2F11%2FSabine-van-der-Spoel.jpg)