Denemarken controleert 2.500 thuisonderwezen kinderen jaarlijks: dit kan Nederland er van ook leren
Denemarken laat ruim 2.500 kinderen thuisonderwijs volgen onder jaarlijks gemeentelijk toezicht. Juist nu het Nederlandse kabinet de regels wil aanscherpen, groeit de vraag of strengere controle beter werkt dan verdere beperkingen.
“Ik ben mijn kinderen thuis les gaan geven, omdat ik de leskwaliteit op de openbare school uitgehold vond en omdat er te veel sociale ongelijkheid was. Ik wilde mijn kinderen liever zelf een goed uitgangspunt om te leren geven,” zegt Coco Kjærgaard (45), Deense moeder van drie kinderen die ze thuis lesgeeft. Ook is ze medeoprichter van de Deense Raad voor Thuisonderwijs en auteur van verschillende boeken over thuisonderwijs.
“Je kan je kennis overal vandaan halen tegenwoordig en ik geniet van het leven als thuisonderwijzer. We leren het meest als één van de kinderen een goed idee krijgt en we dat dan helemaal gaan uitzoeken,” vertelt Coco. Haar kinderen zijn deel van de ongeveer 2.500 kinderen die in Denemarken thuisonderwijs volgen.
Waarom staat thuisonderwijs in de Deense grondwet?
In Denemarken hebben kinderen leerplicht, maar geen schoolplicht. Coco legt uit: “Het staat in de Deense grondwet dat ouders hun kinderen thuis les mogen geven. Dat komt omdat men in Denemarken vindt dat iedereen recht heeft op onderwijs, maar ook op vrijheid van geest. Als je je om wat voor reden dan ook niet kunt vinden in de manier van lesgeven op de openbare school, mag je daarom zelf je kind lesgeven.” Uit onderzoek blijkt dat welgestelde families in kleinere gemeentes het vaakst hun kinderen thuisonderwijzen. Kjærgaard vult met een knipoog aan: “Je wordt niet rijk van thuis lesgeven, want je kan er niet echt een baan naast hebben.”
“Als vast gedeelte van ons leerprogramma volgen we lessen aan een onlineschool. We maken ook veel gebruik van de bibliotheek en online leerportalen. Het leukste is als het onderwijs uit een boek zich naar de werkelijkheid verplaatst. We hadden eens een opdracht in het leerportaal, waar je een uitje naar een pretpark moest plannen. Met budget en tijdsplan en dergelijke. Dat vond ik veel te abstract om op papier te doen. Dus ik heb een bedrag gepind en toen heb ik de kinderen alles zelf laten regelen. Het was een prachtige dag in het pretpark,” vertelt Kjærgaard.
Hoe controleert de gemeente thuisonderwijs ieder jaar?
Het is de taak van de gemeente om het thuisonderwijs te controleren. Zo verliest de Deense gemeente de kinderen niet uit het oog. Een controle wordt doorgaans één keer per jaar uitgevoerd. “Het is goed dat er een jaarlijks toezicht is, zodat er met zekerheid vastgesteld kan worden, dat kinderen het onderwijs ontvangen, waar ze recht op hebben,” zegt Kjærgaard.
Omdat er geen formele eisen aan Deens thuisonderwijs zijn, vergelijken inspecteurs het thuisonderwijs vaak met de openbare school, “Dan krijg je alsnog het idee krijgt dat je kinderen precies hetzelfde onderwijs moeten krijgen als op de openbare school, omdat de inspecteur zich niet altijd kan verplaatsen in de thuismethode. En dat kan lastig zijn,” zegt Coco.
Waarom ziet Stichting Keurmerk Thuisonderwijs kansen voor Nederland?
“We kunnen ons zeker laten inspireren door het Deense systeem. De focus ligt op leerplicht in plaats van schoolplicht. Daardoor verschuift de aandacht van de plek waar onderwijs plaatsvindt naar de vraag of een kind daadwerkelijk goed onderwijs ontvangt. Die gedachte spreekt mij aan,” zegt Roxanne Sprangers (41), voorzitter van Stichting Keurmerk Thuisonderwijs.
Deze Nederlandse stichting wil de kwaliteit van thuisonderwijs in Nederland bevorderen en helpt ouders bij het maken en beoordelen van onderwijsplannen, zodat de kwaliteit van thuisonderwijs inzichtelijk en toetsbaar wordt. Het behalen van het keurmerk is vrijwillig.
Sprangers vindt dat Nederland kan leren van systemen zoals dat in Denemarken, waarin ruimte voor verschillende onderwijsvormen samengaat met kwaliteitseisen, toezicht en ondersteuning: “De belangrijkste vraag gaat uiteindelijk niet over onderwijsvormen, maar over hoe we ervoor zorgen dat ieder kind toegang heeft tot goed onderwijs, of dat nu op school of thuis is.”