Waarom kinderen juist nu moeten leren omgaan met een vol hoofd: ‘We leren ze alles, behalve dit’
Als ouder wil je je kind helpen. Je leert ze fietsen, lezen, rekenen en omgaan met anderen. Maar hoe leer je een kind eigenlijk omgaan met gevoelens, gedachten en een hoofd dat soms helemaal vol zit? Dat is precies waar Melle zich in herkent.
Als vader testte hij samen met zijn kinderen Op avontuur in je koppie, een boek van Super Chill dat mentale gezondheid op een speelse en toegankelijke manier bespreekbaar maakt. “Wat mij meteen opviel, is dat het voor kinderen helemaal niet voelt als iets zwaars,” vertelt Melle. “Ze denken niet: ik ben bezig met mindfulness of een oefening voor mijn mentale gezondheid. Ze zijn gewoon aan het tekenen, spelen, invullen en ontdekken. En ondertussen leren ze iets belangrijks over zichzelf.”
Volgens Melle zit daar juist de kracht in. Mentale gezondheid hoeft volgens hem geen groot of ingewikkeld onderwerp te zijn. “We maken het vaak groter dan nodig. Terwijl het eigenlijk net zo normaal zou mogen zijn als leren sporten of leren rekenen.”
Hoofd vol prikkels
Dat kinderen tegenwoordig veel prikkels krijgen, herkent Melle ook thuis. “School, sport, schermen, vriendjes, verwachtingen… Er komt ontzettend veel op kinderen af. Soms merk je gewoon dat hun hoofd vol zit, maar kunnen ze zelf nog niet goed uitleggen wat er aan de hand is.”
Juist daar ziet hij een belangrijke rol voor ouders. “Het is eigenlijk gek dat we kinderen zoveel leren over de wereld om hen heen, maar veel minder over zichzelf. Hoe werkt mijn hoofd? Wat voel ik? Wat helpt mij als ik boos, verdrietig of overweldigd ben?”
Tijdens het testen van het boek merkte Melle dat kleine opdrachten soms verrassend veel konden losmaken. “Soms kwam er ineens iets naar boven waarvan ik dacht: hé, dat wist ik helemaal niet. Een simpele opdracht kan een gesprek openen.” Zijn advies aan andere ouders: probeer niet meteen met oplossingen te komen. “Als ouder wil je vaak helpen door iets op te lossen. Maar soms heeft een kind dat helemaal niet nodig. Soms willen ze gewoon even vertellen of ontdekken wat ze voelen. Stel één simpele vraag en luister.”
Kleine momenten, grote verbinding
Wat Melle vooral waardevol vindt, zijn de kleine momenten samen. “De oefeningen zijn kort, maar ze zorgen wel voor verbinding. Even samen zitten, iets invullen, tekenen, lachen of praten. Je hoeft er geen groot gesprek van te maken.” Juist die laagdrempeligheid maakt volgens hem verschil. “Mijn tip aan ouders: maak het klein. Vijf minuten samen kan al genoeg zijn.”
Voor Melle was het ook een persoonlijke ontdekking als vader. “Ik herken dat je soms denkt: hoe help ik mijn kind hiermee? Je wilt het goed doen. Maar kinderen hebben niet altijd een oplossing nodig. Ze hebben soms vooral ruimte nodig om zichzelf beter te leren begrijpen.”
Samen ontdekken
Toen Melle begon met testen, had ook hij zijn twijfels. “Ik snap dat ouders zich afvragen of zoiets echt iets toevoegt. Die twijfel had ik zelf ook.” Maar tijdens het gebruik veranderde dat. “Ik dacht vooral: waarom leren we dit eigenlijk niet standaard aan kinderen? We leren ze allerlei vaardigheden, maar leren ze veel minder hoe ze met hun eigen gedachten en emoties kunnen omgaan. Het hoeft niet ingewikkeld te zijn. Dit boek bijvoorbeeld voelt niet als therapie. Het is geen zwaar gesprek aan tafel. Het is samen ontdekken, spelen en praten.”
En misschien is dat wel de belangrijkste boodschap die hij andere ouders wil meegeven: “Je hoeft niet altijd het perfecte antwoord te hebben. Soms zit de grootste waarde juist in samen even stilstaan bij wat er in het hoofd van je kind gebeurt. Dat is iets waar ieder kind én iedere ouder iets aan heeft.”
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2025%2F09%2FSchermafbeelding-2023-07-03-om-10.03.07.png)
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.jmouders.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F06%2FMelle-met-dochter-foto-Harmen-de-Jong.jpeg)